Streng maar rechtvaardig

Edition numérique des abonnés

De biologische sector is de afgelopen decennia sterk gegroeid. In België wordt nu op bijna 6% van het totale landbouwareaal biologisch geteeld. De biologische sector is in financieel opzicht belangrijk genoeg geworden om van de grote supermarkten een interessante plaats in het schap te krijgen. De verkoop heeft zich daarom door de tijd heen grotendeels verplaatst van de kleinere speciaalzaken naar de grote ketens.

Over de vraag of biologische productie duurzaam is, verschillen de meningen. De sector wijst moderne productiemiddelen zoals kunstmest, pesticiden en genetisch gemodificeerd zaad af en moet dus gemiddeld lagere opbrengsten, meer handenarbeid en grotere teeltrisico’s accepteren. Daar staan volgens de biologische sector een gezondere bodem en gezondere planten en dieren tegenover.

Linksom of rechtsom: om de groeiende wereldbevolking met enkel biologische producten te voeden, moet het wereldwijde landbouwareaal zodanig uitbreiden dat de natuur er grote schade door zal ondervinden. Tegelijk raken bronnen van kunstmest uitgeput en worden pesticiden al dan niet terecht steeds vaker in de ban gedaan. De biologische sector zal nooit de norm worden, maar speelde al wel een voortrekkersrol met alternatieve productiesystemen. In dat opzicht zal de sector enkel nog aan belang winnen voor de gangbare collega’s.

Het is daarom hoopgevend dat Europees nu afspraken zijn gemaakt (zie p. 8) die de groei van de sector bestendigt. Buitenlandse leveranciers van biologische producten moeten bijvoorbeeld eindelijk gaan voldoen aan dezelfde eisen als Vlaamse producenten, waarmee het gedaan is met oneerlijke concurrentie. Het regime wordt ook strenger: bedrijven moeten bijvoorbeeld voorzorgsmaatregelen nemen om ‘besmetting’ met kunstmest en pesticiden te voorkomen.

Deze strengheid is op de korte termijn lastig maar op de lange termijn positief: het verkleint de kans op schandalen en helpt zo de sector om duurzaam te blijven groeien. JCB

Meest recent

Meest recent