In 2009 zijn er bijna één miljoen biggen meer geëxporteerd dan in 2008. De export van vleesvarkens steeg met 375.000 dieren ten opzichte van het jaar ervoor. Dit blijkt uit de voorlopige cijfers die de PVE afgelopen week gepubliceerd heeft.
De biggenexport is over het jaar 2009 gestegen met 18,5%. De biggenexport in 2008 bedroeg 5,15 miljoen dieren. Over het jaar 2009 is dit opgelopen tot 6,1 miljoen biggen. In 2009 ging 50% van de exportbiggen naar Duitsland, 14% naar Polen en 12% naar Belgie. Hiermee steeg het aandeel van Duitsland en Polen ten opzichte van 2008 met 1% respectievelijk 4%. Overige groeimarkten zijn onder andere Roemenië, Slowakije en Tsjechië.
De export van vleesvarkens vertoont aan de hand van de voorlopige cijfers een stijging van 8,7%. In 2009 werden 4,7 miljoen vleesvarkens geëxporteerd: tegenover 4,3 miljoen dieren in 2008. Van de vleesvarkens ging in 2009 76,5% naar Duitsland, 10% naar Hongarije en 6,8% naar Polen.
Nederland is een grote speler op de internationale markt voor biggen en vleesvarkens. Uit de exportgegevens blijkt dat zo'n 45% van de in Nederland geproduceerde dieren als big of vleesvarken de grens over gaat. Deze export is dus van groot belang voor de Nederlandse varkenssector. Buurland Duitsland is en blijft verreweg het belangrijkste exportland; er is daar grote (en groeiende) vraag naar biggen en vleesvarkens. Middels het Bureau Nederlandse Vee-export worden activiteiten uitgevoerd teneinde de export van biggen te faciliteren. Duitsland krijgt daarbij momenteel extra aandacht vanwege het belang voor de Nederlandse sector: de transportafstanden zijn kort en de groeiende behoefte aan biggen in Duitsland sluit aan bij het toenemende aanbod van Nederlandse biggen.
Bron : PVE
![]()
![]()
