
Het virus maakt deel uit van de familie van de Bunyaviridae, geslacht Orthobunyaviridae, en is nauw verwant met het akabanevirus, het ainovirus en het shamondavirus.
Het schmallenbergvirus veroorzaakt in de eerste plaats bij runderen milde, algemene symptomen als:
• koorts,
• verlies van eetlust,
• achteruitgang van de algemene toestand,
• daling van de melkproductie (tot 50%) gedurende een tiental dagen, en
• in meer uitzonderlijke gevallen, diarree.
De meeste symptomen verdwijnen na enkele dagen.
Bij schapen geeft een besmetting bij drachtige dieren aanleiding tot een verhoogde aantal doodgeboortes, verwerpingen en congenitale misvormingen.
Behalve het symptomatisch behandelen van de ziektetekens, bestaat er geen vaccin of remedie tegen het virus.
Deze virussen worden voornamelijk overgedragen door culicoïdes (kriebelmuggen), wat verklaart waarom er in Duitsland en Nederland voornamelijk gevallen werden vastgesteld in september en oktober 2011 en er nadien een plotse terugval was.
In ons land werd het eerste geval gemeld op 22 december jl. Intussen werden reeds 52 monsters, afkomstig van 14 verschillende bedrijven onderzocht. 10 daarvan, afkomstig van 6 bedrijven, waren niet-conform, d.w.z. dat de besmetting aanwezig was. Het ging tot hiertoe uitsluitend om schapenbedrijven.
Bron: FAVV
Een wachtdienst is verzekerd voor het geval u een dierenarts nodig hebt en uw dierenarts afwezig is.
Selecteer uw regio en contacteer één van de dierenartsen van wacht.