Akkerbouwer Pascal Vanhoof: “Boeren kunnen echt wel samenwerken met de natuur”
Pascal Vanhoof was 1 van de 5 genomineerden voor de eerste ‘Koperen Kievit’-award van Boerennatuur Vlaanderen. Die bekroont land- en tuinbouwers die zich inzetten voor de natuur op en rond hun bedrijf. Pascal beheert al 25 jaar diverse types perceelsranden en legde de eerste natuurvriendelijke oever in Vlaanderen aan met NPI-steun. Hij verbetert zijn bodem door de aanvoer van houtsnippers, door innovatieve teelten zoals hennep te zaaien en door ploegloos te boeren.

Samen met zijn echtgenote Kim Weyns heeft Pascal Vanhoof (52) 2 zonen, Kobe (24) en Siebe (22). Siebe is schrijnwerker en helpt soms mee op het bedrijf. Pascals vader Stan (76), afkomstig van Turnhout, steekt ook soms een handje toe. In 1978 bouwde hij zijn huis in Lille, in het hart van de Kempen, in een ruilverkaveling op een melkveebedrijf. “We hadden toen bijna 400 runderen, waaronder 120 melkkoeien, jongvee en stieren”, vertelt Pascal. “Bijna 30 jaar geleden zijn we daarmee gestopt. Mede door rugproblemen bij mijn moeder zijn we toen omgeschakeld naar akkerbouw.”
Van melkvee naar hennep
Pascal besloot om deeltijds buitenshuis te gaan werken. Dat doet hij nu nog, 2 dagen per week in de winter, als er weinig veldwerkzaamheden zijn. “Dan breng ik chocolade figuurtjes naar bakkers en pralinewinkels voor een chocolatier”, lacht Pascal. “In het begin teelden we op ons bedrijf enkel maïs, wat we vroeger ook al voor onze koeien hadden. Daar kwamen dan aardappelen en kolen bij. In onze streek hebben we veel last van knolcyperus en we hebben geen eigen machines voor de aardappelteelt. Omdat de knolletjes hier gemakkelijk mee verspreiden, ben ik ermee gestopt. Toen ik het bedrijf in 2023 overnam, koos ik voor teelten die we zelf kunnen runnen. Zo zijn we 4 jaar geleden met hennep begonnen. Dat zaai ik zelf, ik voer ook alle grondbewerkingen uit. Het voordeel van die teelt is dat ik die laat in het jaar – begin mei – kan zaaien. Eind juli - begin augustus oogsten we, als de grond nog in perfecte conditie is. Dan kan ik een complexe groenbemester zaaien, waardoor mijn grond perfect in orde blijft. Daar voel ik me veel beter bij. Enkel de afzet is niet ideaal.”
Zoektocht naar afzet voor hennep
Het eerste jaar verliep die afzet via een Nederlands bedrijf, waarvoor Pascal samen met andere akkerbouwers uit de regio 50 ha hennep teelde. Daarna sloot hij een contract met C-biotech, een onderdeel van bouwbedrijf Cordeel Group uit Temse. C-biotech gebruikt industriële hennep om biomassa te produceren die kan worden gebruikt in isolatiematerialen, hennephout, gevelbekleding, laadstations en verkeerspalen. “Maar toen de hennep oogstrijp was, had C-biotech helaas geen oogstmachine ter beschikking en later een die niet goed afgesteld was, waardoor de hennep helemaal verrotte. Toen heb ik mijn contract met Cordeel opgezegd en hebben ze me uitbetaald. Daarna begon ik via HoGent hennep te telen voor textieldoeleinden. Die zal nu in een vlaslijn worden verwerkt. Maar omdat vlas dit jaar heel duur was, moest dat eerst verwerkt worden en ligt de geoogste hennep van 2025 nog in afgedekte balen. Hennep bevat 11% vocht en is zo goed als onbeperkt houdbaar. Maar ik weet dus nog altijd niet of die veel zal opbrengen. Wellicht zal de hennep pas in augustus worden verwerkt, wanneer de teelt van dit seizoen ook wordt geoogst. Dan zal ik zien hoeveel lange vezels er uit mijn gewas komen.”
Medewerkers van HoGent, Inagro en het Praktijkpunt Landbouw Vlaams-Brabant helpen Pascal nu in zijn zoektocht naar afzetkanalen voor zijn hennep. “Op zich is het een ideale teelt, want hij wortelt 1 m diep, waardoor hij heel goed voor de grond is”, legt Pascal uit. “Ik heb er geen kunstmest of bestrijdingsmiddelen voor nodig. Je kan de teelt ook afwisselen met maïs, faunamengsels en grassen. Graag wil ik mijn huidige areaal van 15 ha nog uitbreiden en ook kiezen voor andere tussenteelten, maar de afzet is dus voorlopig te onzeker. Daardoor heb ik nog geen zicht op de rentabiliteit.”
Sinds Pascal 4 jaar geleden startte met hennep, teelt hij geen aardappelen en kolen meer. Zijn kolenperceel ruilde hij met een akkerbouwer uit de buurt. “Ik experimenteerde ook met méteil, want ik zie potentieel in eiwitteelten, maar ook daar ben ik niet zeker van de afzet. Ik wil er een eerlijke prijs voor.”

Faunamengsels als voorlopig alternatief
Omdat Pascal te weinig andere alternatieven had voor een passende bijkomende teelt in zijn teelplan, koos hij de laatste 3 jaar op diverse percelen voor faunamengsels. Zo is hij vrij zeker van zijn centen. “Eind april zaai ik die in, waarna ze moeten blijven staan tot 15 maart van het daaropvolgende jaar. Dan rijd ik er met mijn schijveneg over, zodat ze vrij ruw de grond ingaan en de structuur van de grond ook weer verbetert. Twee weken later rij ik er nog eens met mijn schijveneg over, voer ik drijfmest uit en ligt de grond weer klaar. Ook over de groenbemesters rij ik 2 keer met de schijveneg.” Pascal koos voor 1 vast mengsel, met 80% granen en verder facelia, zonnebloemen, mosterd en raapzaad. Dankzij de aanwezigheid van de faunamengsels verbeterde de biodiversiteit rond zijn hoeve opmerkelijk. “Hier vliegen veel vogels rond zoals zwaluwen, vinken, kwikstaartjes en zelfs een uil”, glimlacht Pascal.
Toch beschouwt hij de faunamengsels als een tijdelijke oplossing. “Hopelijk komt de hennep van de grond, zodat ik er volgend jaar 2 à 3 keer zoveel van kan zaaien en het areaal faunamengsels kan verminderen. Faunamengsels zijn ideaal om de grond te laten rusten, maar het is niet de bedoeling dat we als boer enkel nog bloemen gaan zetten. Verder teel ik op 12 ha ook nog korrelmaïs en wat gras-klaver voor een vaste afnemer.”

Focus op bodemverbetering
Met zijn teelten focust Pascal sterk op het verbeteren van zijn bodem. “Dat is het allerbelangrijkste. We moeten proberen om onze bodem klimaatrobuuster te maken, zodat er weer humus in de grond zit en zodat de bodem zijn water kan bijhouden. Een teelt als hennep wortelt 1 m diep, dat zorgt automatisch voor een goede irrigatie van de grond. Ik zaai met een voorzetwoeler in plaats van met een ploeg, zodat de grond slechts heel lichtjes wordt losgetrokken en zodat de wortels zich verder kunnen ontwikkelen. Met een rotoreg leg ik de bovenste 2 à 3 cm fijn en zaai daarin. En voor de rest gebeurt er niks aan de grond. Zo moet ik maar 1 keer op mijn veld zijn om alles perfect klaar te leggen.
Hennep is een teelt die heel gevoelig is voor structuurschade. Stel dat je het jaar voordien op dat veld maïs hebt gezet die je in natte omstandigheden hebt geoogst, dan moet je niet denken dat je het jaar nadien veel hennep zal winnen, want die zal geel uitslaan. Maar als de structuur van je grond in orde is, groeit die perfect. Je kan hennep maar zaaien als de temperatuur van de grond minstens 12 °C bedraagt. In het voorjaar kiemt de teelt dan zo snel dat hij veel sneller groeit dan gelijk welk onkruid. Daardoor heb je ook geen bestrijdingsmiddelen nodig en hoef je enkel drijfmest te gebruiken. Net zoals bij andere teelten moet je pH wel in orde zijn en moet je bekalken.”

Perceelsrandenbeheer
Pascal begon als eerste in de streek met het beheer van diverse types perceelsranden. Dat doet hij intussen al meer dan 25 jaar, op in totaal 7,5 ha. Rond elk perceel is er zo’n 12 m perceelsrand. “Voor ons was dat ideaal. Naast de percelen bevinden zich toch bomen en grachten, waar de grond toch minder opbrengt. Er spoelt niets weg van onze nutriënten, de gewassen groeien zo tot de laatste meter goed. Ik ben er altijd heel tevreden over geweest. Maar 4 jaar geleden besliste de VLM opeens dat mijn percelen buiten de voorziene zone vielen.”
Via het landinrichtingsproject ‘Beek.Boer.Bodem’ – dat in het afstroomgebied van de rivier Aa overstromingsrisico’s wil verminderen, de waterkwaliteit wil verbeteren en landbouwbedrijven klimaatrobuuster wil maken – kwam Pascal in contact met Boerennatuur Vlaanderen, die de perceelsranden van hem overnamen. Sinds kort is hij overigens bestuurslid bij die organisatie. Het ‘Beek.Boer.Bodem’-project omvat concrete maatregelen, zoals het op vrijwillige basis plaatsen van stuwtjes in perceelsgrachten. “Dat deden veel landbouwers in de regio. Dit jaar is het laatste jaar dat de perceelsranden vergoed worden en sinds 2025 ben je verplicht om een bufferstrook van 3 m te respecteren”, vervolgt Pascal. “Zo word ik dus eigenlijk gestraft en zal ik in de toekomst minder perceelsranden overhouden. Dat is jammer, want je vindt hier heel veel patrijzen, fazanten, zwaluwen, kieviten, veldleeuweriken en andere vogels. Boeren zijn echt wel bereid om in-spanningen voor de natuur te leveren, maar dan mogen ze er wel een eerlijke vergoeding voor krijgen. En daar wringt wel eens het schoentje... Binnenkort zal ik hier met medewerkers van de VLM bekijken wat er nog mogelijk is.”
Houtkantenbeheer
Pascal zet ook al meer dan 20 jaar in op houtkantenbeheer. Op de lager gelegen kanten langs de percelen staan vooral wilgen, zwarte els en beukenbomen. “Die worden om de 5 jaar afgezaagd. Het hout haksel ik en voer ik met een mestbreker over de grond. Enkele jaren geleden kon ik me via Farming For Climate, een vzw die landbouwers ondersteunt die stappen willen zetten in de richting van agro-ecologie, en via de Stichting Engie, de stichting van de bekende energieleverancier die zich inzet voor een duurzame toekomst, een hout-hakselaar aanschaffen. Dat ging toch over een investering van zo’n 25.000 euro. Met de hakselaar verwerk ik jaarlijks het snoeihout van de bomen rond mijn percelen tot houtsnippers. Die worden in de grond ingewerkt, waardoor ze koolstof inbrengen en de structuur van de grond opmerkelijk verbetert. Zo blijft de bodem gezonder, houdt hij beter water vast, is hij minder gevoelig voor erosie en trekt hij meer bodemleven aan.”

Eerste natuurvriendelijke oever
Bijna 4 jaar geleden legde Pascal met de hulp van Maaike De Ridder van Boerennatuur Vlaanderen de eerste natuurvriendelijke oever in Vlaanderen aan, met VLIF-steun voor niet-productieve investeringen (NPI) van de Vlaamse overheid. Hij installeerde 2 zwaluwtillen en een bijenhotel naast de oever. Dankzij al die maatregelen verhoogde de biodiversiteit op zijn bedrijf aanzienlijk. “Naast allerlei soorten vogels vind je hier ook reetjes en hazen. Daar heb ik zelf ook deugd van.”