Bayer toont nieuwe middelen en oplossingen
Dit jaar vond voor de 33ste maal een bezoek plaats aan het Bayer-demoplatform in Houtain-Le-Val. Actuele oplossingen inzake gewasbescherming worden hier gedemonstreerd.

“We werken op het demoplatform vanuit de probleemstelling van de landbouwer, om hem praktijkgerichte oplossingen aan te bieden”, legde ons Andreas Vandersmissen van het Support Team Agri van Bayer uit. Hij voorzag ons van deskundige toelichting over het hele platform.
Buteo Start: nieuwe zaadontsmetting
Bayer kon dit jaar voor het eerst de zaadontsmetting Buteo Start in bieten commercialiseren. Het is een systemisch insecticide met de actieve stof flupyradifuron. Deze stof zit ook in Sivanto Prime, waar Bayer erkenningen in verschillende teelten mee heeft als bladbespuiting.
Een eerste vaststelling op het demoplatform was dat bieten die Buteo Start meekregen in de zaaizaadontsmetting beter bestand waren tegen aardvlooien. Ook op bietenkever en luizen is er een goede werking. De vraag stelt zich wanneer we moeten spuiten tegen luizen als de zaadontsmetting reeds is toegepast. In dat kader wees Andreas Vandersmissen op het feit dat hoe vroeger de bladluizen het dwergvergelingsvirus overdragen, hoe groter de schade voor de suikerbieten is. “De schadedrempel geeft aan om te behandelen vanaf de eerste zichtbare luizen. Dat kan heel vroeg in het seizoen zijn. Met Buteo Start heb je het voordeel om beschermd te zijn tot zeker de eerste 2 echte blaadjes. Tussen 2 en 4 blad zal dan de positionering van een eerste insecticidebespuiting met een bladmiddel vallen.” Vandersmissen wees er ook op dat de intervallen tussen de opvolgende bespuitingen korter zijn geworden dan vroeger.
Hij haalde tevens aan dat de fungicidebestrijding in bieten helemaal gewijzigd is ten opzichte van enkele jaren geleden. “De tijd dat er 1 keer gespoten kon worden, is helemaal voorbij. Helaas zien we ook dat er steeds meer variëteiten gevoelig zijn aan cercospora. De druk daarvan neemt enorm toe. Bij ons wordt nu in de bietenteelt 2 à 3 keer een fungicidebespuiting uitgevoerd, maar in Nederland doen ze dit al 4 à 5 keer.”
Bayer kan in deze context uitpakken met Propulse. Een groot voordeel hiervan is dat het werkt met actieve stoffen met 2 verschillende werkingswijzen (fluopyram en prothioconazool). “Het is een sterk triazool dat geflankeerd wordt door een andere actieve stof met een andere werkingswijze die beschermt tegen resistentie. Cercospora is een ziekte die je vroeg moet aanpakken. Hoe preventiever, hoe beter het resultaat zelfs. Propuls biedt ook nawerking. Het interval om terug te komen zal zo rond de 3 weken liggen.”
Serenade Soil Active
Met Serenade Soil Active werd de opvolger van het biologische fungicide Serenade ASO voorgesteld in de aardappelteelt. Serenade Soil Active is specifiek ontwikkeld voor de bodemtoepassing, en dit met een nieuwe formulering. Naast het toepassen tijdens het poten, wordt in België het middel in hoofdzaak verdeeld over de ploegvoor, waarna de grond wordt bewerkt en de aardappelen geplant. “Serenade Soil Active beschermt nieuwe aardappelknollen tegen zilverschurft en/of rhizoctonia, dat van nature al aanwezig is in de grond. De schilkwaliteit van de aardappel wordt beter. De aardappel is nu schilvaster en visueel mooier.”
Opmerkelijk is dat Bayer een ‘carry over-effect’ ziet, waarbij de nakomelingen een meeropbrengst garanderen. Anders uitgelegd: het pootgoed dat volgend jaar gewonnen wordt, van de aardappelen die dit jaar met Serenade Soil Active zijn behandeld, is van betere kwaliteit.
Een praktisch advies dat Andreas Vandersmissen meegaf, was om aardappelpootgoed met Monarch te behandelen en om Serenade Soil Active vollevelds toe te passen vlak voor het planten, om rhizoctonia en zilverschurft goed te bestrijden.
Onkruidbestrijding in aardappelen evolueert
Het gebruik van herbiciden op basis van de actieve stof flufenacet is een eindig verhaal in aardappelen. “Dit was toch een grote hoofdspeler voor de onkruidbestrijding in granen en aardappelen. De bestrijding van doornappel wordt hierdoor een grotere uitda-ging. In aardappelen vindt de onkruidbestrijding plaats in vooropkomst, waardoor je een gebrek aan nawerking hebt. Daardoor hebben zeker nieuwe kiemers, zoals een licht- en warmtekiemer als doornappel, terug kansen om te kiemen in aardappelen”, kaderde Vandersmissen de huidige situatie.
“Vroeger werden aardappelen gepoot en werd de onkruidbestrijding een goede week later uitgevoerd op bezakte ruggen Dit principe is gewijzigd, mede door mede door het wegvallen van middelen. De vooropkomstonkruidbestrijding in aardappelen wordt nu het liefst geplaatst zo kort mogelijk voor de opkomst van de aardappelen”, legde hij verder uit. “Als je na deze bespuiting veel regen krijgt, kunnen sommige herbicide(combinaties) wel minder selectief zijn naar de aardappels zelf. Toch zal het de uitdaging zijn om zo te gaan werken.”
Bayer had op zijn demoplatform heel wat middelencombinaties aangelegd om onkruid in aardappelen te bestrijden. Hiervoor schuiven zij onder andere hun herbicide Challenge naar voren. “Vroeger werd dat vaak gedoseerd aan 2 l/ha. Als we die dosering verhogen naar 3 l/ha, zien we duidelijk een meerwaarde. Ook Roundup toevoegen aan het spuitschema helpt om onkruiden die al op de aardappelruggen staan beter te bestrijden. Verschillende actieve stoffen moeten nu eenmaal gecombineerd worden voor een goed resultaat.”
Ook in granen wijzigt de onkruidbestrijding
De actieve stof flufenacet verdwijnt niet enkel in aardappelen, maar ook in granen. “Het is een belangrijke pion voor de onkruidbestrijding in het najaar dat we kwijt zijn. De vraag is dan hoe je dit opvangt.” Bayer zocht het alvast uit op zijn demoplatform. Zij kijken hiervoor naar hun herbicide Mateno Duo, met als actieve stoffen aclonifen en diflufenican. “Door de formulering die Bayer hiervoor ontwikkelde, is er een synergisme tussen de 2 werkzame stoffen. Interessant is ook de heel brede erkenning van vooropkomst tot 3 bladstadium en het aanpakken in het najaar van de VVL’s (akkerviooltje, ereprijs, dovenetel). Daarnaast bestrijdt Mateno Duo ook goed kruiskruid, (resistente) kamille en klaproos.”
Om een groter onkruidspectrum aan te pakken, heb je partners nodig voor Mateno Duo. Mogelijke partners waren afzonderlijk en in combinatie aangelegd op het demoplatform van Bayer. Andreas Vandersmissen wees erop dat, net zoals in aardappelen, de onkruidbestrijding in granen een ‘en-en-enverhaal’ is geworden. “Het zijn geen middelen solo, maar systeemoplossingen die ons verder brengen in de onkruidbestrijding. Op het demoplatform laat bijvoorbeeld de combinatie van Mateno Duo met Capaxor en Avadex zeer goede resultaten zien. Mateno Duo is een heel goede basis in de onkruidbestrijding omwille van de meerwaarde die het geeft voor de bestrijding van grasonkruiden zoals raaigras, duist en windhalm, bovenop de dicotyle onkruiden.
In moeilijke situaties kan een vooropkomsttoepassing nodig zijn, gevolgd door een bespuiting in het 1-2 bladstadium, al dan niet aangevuld met een behandeling in het voorjaar. Dan kan je kiezen voor herbiciden uit het Sigma-gamma van Bayer. Belangrijk hierin is niet enkel de actieve stof, maar ook de formulering. Daarin investeert Bayer merkelijk meer dan fabrikanten van generieke middelen.”
De meerwaarde van zijn formulering toonde Bayer ook aan in zijn proeven met Roundup. “Onze formulering is veel meer regenvast, waardoor je wat meer flexibiliteit hebt qua toepassingsperiode en werkzaamheid”, aldus nog Andreas Vandersmissen.





