Edito: Liever een positief imago dan een besmeurd blazoen
In de afgelopen week werden we in binnen- en buitenland opgeschrikt door uit de hand gelopen betogingen. Die staan in schril contrast met de dankbaarheid die de bevolking uitte voor de landbouwers die de brandweer in de afgelopen zomer hielpen bij de bestrijding van natuurbranden.

Zowel bij ons als in Frankrijk lagen besparingen in het onderwijs aan de basis van de betogingen. De manifestaties zijn echter uitgemond in heftige confrontaties met de ordediensten, brandstichtingen, plunderingen, vandalisme… Kortom, zinloos zwaar geweld waar in onze maatschappij geen plaats voor kan zijn.
Het lijkt echter niet dat de brave, maar misschien wel terecht boze scholier de zware amokmaker is, als we de beelden bekijken. Zijn boodschap en initiatief tot protest is gekaapt, dat wil je niet. Nog niet zo lang geleden maakten we in onze hoofdstad iets gelijkaardigs mee. Ook het boerenprotest van 18 december 2025 liep zwaar uit de hand. Enerzijds maakten slechts een handvol landbouwers in hun tractor het te bont, anderzijds kunnen we ons niet van de indruk ontdoen dat er vele ‘niet-landbouwers’ zich gemengd hadden onder de manifestanten. Deze amokmakers besmeurden helaas het imago van de landbouw. De hallucinante beelden van deze boerenbetoging zullen we nog lang met ons meedragen.
‘Wat kan je als organisator daaraan doen?’ is dan de vraag. Enerzijds wil je gehoord worden, anderzijds wil je geen imagoschade. Is bijvoorbeeld uitwijken naar parking C van Brussels Expo een optie? Er zijn daar geen deelsteps om in brand te steken, geen winkels om te plunderen, geen etalageruiten om in te slaan... Er is wel ruimte om je boodschap te laten horen, maar wordt ze daar wel opgepikt door wie ze moet horen?
Zoiets deed een groep van onafhankelijke landbouwers onder de noemer ‘Ik hou van onze boer(inn)en’ – op 18 januari dit jaar. Zij namen het samen op voor hun toekomst in de landbouw en organiseerden een betoging aan het Atomium nabij Brussels Expo. Er waren daarbij enkele tractoren aanwezig en het was vooral een gezellige bedoening. Welke beleidsmaker herinnert zich deze actie nog?
Wat de politiek zich gelukkig nog wél herinnert, is de vrijwillige hulp die landbouwers in de afgelopen zomer hebben geboden bij de bestrijding van natuurbranden zoals in de Hoge Venen. Vanuit de overheid krijgen de betrokken landbouwers daarvoor nu een vergoeding van enkele honderden euro’s. Dankzij een steunactie die de Waalse vereniging van jonge landbouwers FJA opzette, wordt dat bedrag nog verhoogd. Opmerkelijk is dat dit bedrag is opgehaald bij de bevolking, die zo haar dankbaarheid kon laten zien.
Hoe wil je herinnerd worden: als held of als antiheld? Daar hoeven landbouwers niet lang over na te denken, als je ziet hoe snel en spontaan hun hulp er kwam bij hoge nood. De lokale bevolking zal het zich alvast nog lang heugen.





