Startpagina Bedrijfsnieuws

Droogtetolerantie en voederwaarde primordiaal bij maïs volgens Limagrain

Tijdens de jaarlijkse persmeeting van Limagrain werd opgemerkt dat 2025 een jaar was van recordopbrengsten. Daar hebben de weersomstandigheden mee aan bijgedragen.

Leestijd : 5 min

In dit kader wees Thomas Truyen, marketing en communication manager, op het belang van droogtetolerantie bij maïs. “Dit kan wel eens criterium nummer één worden bij de rassenkeuze van maïs. Limagrain werkt al vele jaren aan droogtetolerante rassen en geeft deze het label ‘Hydraneo’ mee. Dat bestond al voor korrel- en dubbeldoelrassen en is er recent ook gekomen voor de echte kuilmaïsrassen.”

Een ander criterium dat steeds belangrijker wordt, is de voederwaarde. Daar worden zowat 2 systemen gehanteerd. Het VEM-systeem staat voor voedereenheid melk en geeft aan hoeveel energie het voer geeft voor melkproductie bij melkvee. Het andere systeem, CNPS, staat voor Cornell Net Carbohydrate and Protein System. Dat is een Amerikaans systeem dat steeds meer gebruikt wordt door Belgische veehouders. Een essentiële kwaliteitsparameter in dit systeem is dNDF. Dat staat voor digestible Neutral Detergent Fiber en geeft aan hoeveel van de vezels in maïs echt benut kan worden door het dier. Beide systemen draaien rond de celwandverteerbaarheid van de maïsplant.

Hydraneo-rassen hebben hoge droogtetolerantie

Thomas Truyen vestigde de aandacht op de klimatologische bokkensprongen die we de laatste jaren hebben beleefd. “Opmerkelijk is het extreem grote verschil tussen de geregistreerde neerslag in 2024 en 2025. Dit jaar beleefden we een vroeg, warm en zeer droog voorjaar. Er kon zeer vroeg maïs gezaaid worden in droge omstandigheden. Wie het afgelopen voorjaar niet vroeg zaaide, kreeg steeds meer problemen door het verdwijnen van bodemvocht.

De vroege zaai betekende in 2025 ook vroeg oogsten én oogstzekerheid. In sommige regio’s werd er zelfs maïs gedorst voor het hakselen startte”, aldus Truyen. Hij haalde aan dat Limagrain als zaadhuis niet enkel inzet op de parameter ‘productiviteit’ van een ras, maar ook nog op tal van andere parameters, zoals het verhogen van de opbrengstzekerheid. Uit deze visie komen de droogtetolerante variëteiten of Hydraneo-rassen vandaan.

“Hydraneo-hybrides zijn maïsrassen met een hoge droogtetolerantie en een goede opbrengst, zowel in optimale condities als in stressomstandigheden. Hiervoor worden variëteiten al ruim 10 jaar getest onder stressomstandigheden op het veld en niet in labo-omstandigheden in een gecontroleerde omgeving.”

Oogstmoment voorspellen met Agrility

Thomas Truyen stond in zijn uiteenzetting stil rond de vraag hoe we onze kuil van een goede voederwaarde kunnen verzekeren. Hij bemerkte daarbij ook dat vele landbouwers zich in 2025 hebben laten verrassen door de snelle afrijping van de maïs. “Zo is helaas een stuk van de geteelde eigen kwaliteit tenietgedaan.”

Met de softwaretoepassing Agrility van Limagrain kan je het oogstmoment inschatten. Thomas Truyen merkte op dat in 2024, toen er laat is gezaaid, de landbouwers wel bewust bezig waren om naar een geschikt oogstmoment te kijken. “2025 was een heel ander jaar en iedereen was verrast door het vroege oogstmoment. Nochtans was het eigenlijk in 2024 veel minder nijpend om een goed oogstmoment in te schatten ten opzichte van 2025.”

Een ander aspect om een goede voederwaarde uit de maïskuil te halen, heeft te maken met het drogestofgehalte. Bij de oogst ligt dit het best rond de 33 à 36%. Het zetmeelgehalte kunnen we bij de oogst ietwat in de hand hebben, maar het hakselmoment bepaalt daar zeker niet alles.

De verteerbaarheid van de restplant is nog een heel belangrijke parameter bij het bepalen van de voederwaarde. Deze parameter is slechts afhankelijk van de rassenkeuze. “Voor welk voederwaardebepalingssysteem ook gekozen wordt, celwandverteerbaarheid is bij beide systemen het ant-woord”, aldus Truyen.

Agrility volgt de evolutie van de maïs op via satellietbeelden, aangevuld met klimatologische gegevens (temperatuursom, neerslaghoeveelheid) en aangevuld met bodemparameters en kenmerken van de variëteit.

Limagrain biedt de maïsteler 2 formules aan om met Agrility te werken, namelijk een ‘freemium’ of gratis aanbod of het betalende premiumaanbod.

Geld verdienen of verliezen

Thomas Truyen toonde in zijn presentatie berekeningen van Limagrain die het belang van een juiste rassenkeuze onderstrepen. “Door dit juist te doen kan de landbouwer verdienen, tot wel 250 euro/melkkoe en nog eens besparen door minder krachtvoer aan te kopen. Omgekeerd verliest hij geld bij een foute rassenkeuze of een slechte voederwaarde.”

In de nasleep hiervan verwees Thomas Truyen naar het ras LG 31.242. Dit wordt gekenmerkt door een topverteerbaarheid van stengel en bladeren. Ideaal voor rantsoenen die rijk zijn aan maïs, zonder dat er gevaar is op pensverzuring. In dit kader mag ook het ras LG 31.271 genoemd worden. Dit draagt het Hydraneo-label wat er op wijst dat het ras ook op moeilijke/lichte gronden verbouwd kan worden. Het is een ras dat massa met voederwaarde combineert.

Voornoemde rassen zijn kuilmaïsrassen, waarvan waar LG 32.257 een dubbeldoeltype is én Limagrains meest verkochte ras is in de Benelux. Dit ras wordt aanbevolen voor rantsoenen waar, naast maïs, ook veel gras in zit. Deze variëteit is volgens Limagrain een ideale zetmeelbron.

Water wordt niet betaald

Gekeken naar de teelttechniek van korrelmaïs in 2025, bemerkt Thomas Truyen dat wanneer er tijdig gezaaid was, er tijdig gedorst kon worden. De oogst van de dorsmaïs startte zelfs eind augustus al. Er worden in de sector wel eens wisselvallige opbrengsten genoteerd. “Maar die vallen nog mee naargelang de omstandigheden, zeker op de betere gronden.” Rendementen liepen uiteen van 8 tot 18 ton/ha, horen we in de sector.

“Vroege rassen blijven ‘baas’ wanneer we de financiële opbrengst van korrelmaïs berekenen, want water wordt niet betaald”, gaf Truyen krachtdadig aan. Hij presenteerde berekeningen waarbij 224 euro/ha financieel opbrengstverschil zit wanneer er bij een correct versus een te hoog vochtgehalte wordt geleverd. Anders uitgedrukt is er 2.036 kg/ha extra nodig om een te hoog vochtgehalte te compenseren. Hij bemerkte nog dat drogerijen de belangrijkste afnemer van korrelmaïs in ons land blijven. “Hoe lager de maïsprijzen, hoe interessanter het is om droge korrelmaïs te leveren.”

Er werd nog naar 2 rassen verwezen. Dat was enerzijds LG 32.216, als de landbouwer tijdig wil maïs dorsen om nog wintergraan te zaaien. Anderzijds is er nog LG 32.257, dat, zoals het Hydraneo-label aangeeft, geschikt is om op droogtegevoelige gronden te zaaien.

Tim Decoster

Lees ook in Bedrijfsnieuws

Meer artikelen bekijken