Startpagina Actueel

Vrouwen in de landbouw nemen een brede waaier aan rollen op

In het kader van het International Year of the Woman Farmer belichtte de faculteit agro- en biotechnologie van Odisee hogeschool, in samenwerking met Women in Ag Foundation, de rol van vrouwen in de landbouw tijdens het symposium Sterk Geworteld.

Leestijd : 9 min

De Verenigde Naties (VN) riepen 2026 uit als het International Year of the Woman Farmer of het Jaar van de Boerin. Met het initiatief wil de VN meer aandacht voor de positie van vrouwen wereldwijd in de landbouw, want er is nog veel werk aan de winkel. Het symposium vond plaats op 11 februari in de Odisee hogeschool in Sint-Niklaas. Vrouwen van verschillende achtergronden, organisaties en generaties kaarttten er hun visie op de rol van de vrouw in de landbouw aan. Opmerkelijk was ook de interventie over de rol van de man als bondgenoot. “Want we hebben mannen nodig”, zegt Kim Schoukens, oprichtster van de Women in Ag Foundation.

Veel rollen

De toon was gezet met de openingstoespraak van opleidingshoofd Liesbeth Devos, die trots wees op de volledig vrouwelijke klas in de Bachelor Landbouw. “Dat is de energie die onze sector vandaag nodig heeft”, stelde ze. De druk op die sector is groot, erkende ook Vlaams minister van Plattelandsbeleid Hilde Crevits in een videoboodschap. “Marktschommelingen, ruimtelijke eisen, politieke volatiliteit, het heeft allemaal een impact op onze sector.”

Vrouwen in de landbouw nemen een brede waaier aan rollen op, wist Devos te vertellen. “Ze zijn vaak onzichtbaar in hun administratieve taken op het landbouwbedrijf, maar tegelijk ook vaak zichtbaar in de hoeveverkoop en korte keten. Vrouw zijn is geen niche maar kennis en leiderschap”, stelde ze.

Vooraleer de panelgesprekken van start gingen, nam Kim Schoukens het woord. Zij is het gezicht van Women in Ag Magazine, de Women in Ag Awards en de nieuw opgerichte Women in Ag Foundation.

Kim Schoukens gaf duiding over de nieuwe Women in Ag Foundation.
Kim Schoukens gaf duiding over de nieuwe Women in Ag Foundation. - Foto: Magali Van Daele

“Het doel van de Foundation is, surfend op het momentum van het magazine en de awards, te bouwen aan een wereldwijde sisterhood van vrouwen in de landbouw. Een platform waar vrouwen hun verhaal kwijt kunnen, zichtbaar kunnen zijn, problemen kunnen aankaarten en elkaar kunnen inspireren.” Want er is nog werk aan de winkel, zo bleek uit haar toespraak waar ze verhalen van geïnterviewde vrouwen van over heel de wereld kort aanstipte. En wie denkt dat het hier allemaal goed zit, denkt best nog even na. “Meewerkende echtgenotes kunnen nog maar sinds 2005 rekenen op een erkend sociaal statuut dat recht geeft op pensioen. Ik ken boerinnen die al 40 jaar meer dan een dubbele full time werken op de boerderij; zij hebben 200 euro pensioen.”

Werken aan de zichtbaarheid van de vrouw

Ook de nieuwe CEO van Fedagrim, Isabelle Huyghe, die vorig jaar haar eerste Agribex meemaakte als CEO, kaartte de situatie in eigen land aan. Voor Fedagrim is Isabelle de eerste vrouwelijke CEO, en met Gracienne Geenens startte ook de eerste vrouwelijke voorzitster in het 70 jarige bestaan van de federatie. “Nog geen halve eeuw geleden kon een vrouw in België niet zelfstandig een rekening openen: een landbouwbedrijf zelfstandig starten was ondenkbaar.” En toch, stelde ze, zijn vrouwen altijd al aanwezig geweest in onze sector. “Een volledige lichting vrouwen die starten aan een landbouwopleiding, dat is geen statistiek, dat is een signaal!” Ook Fedagrim wil mee bouwen aan de zichtbaarheid van vrouwen in onze sector, en dat doen ze door over te stappen van de Ladies Day op Agribex naar de Agro Lady of the Year. “Geen eenmalige prijs, maar een jaarrond platform voor de projecten van onze landbouwsters”, vertelde ze.

Solidargo helpt stem versterken

Vervolgens was het aan Katlijn Blondé, projectmedewerker bij Solidagro, om het woord te nemen met verhalen van vrouwen in de landbouw van de hele wereld. Zij focuste op de Filippijnen, waar haar organisatie samen met boer(inn)en werkt aan duurzaamheid en het opkomen voor de eigen stem. “In de Filippijnen werkt de kolonisatie door het Westen vandaag nog steeds door in het landbouwsysteem”, wist ze, “dat heel patriarchaal is. Veel multinationals zijn er de grote landbezitters, de productie is voornamelijk export gericht en boer(inn)en zijn er meestal pachters of landarbeiders.” Vrouwen verzetten er het meeste werk op de boerderij: van zaaien, opkweken, oogsten en verwerking. “De vrouw is er het meeste in contact met de producten, maar wie vertegenwoodigt de sector bij de overheid? Dat zijn de mannen.”

Vrouwen zijn niet alleen betrokken in de opvoeding van kinderen, de toekomstige boer(inn)en, maar spelen ook een verbindende rol in hun gemeenschappen. Het doel van Solidagro is hun stem helpen versterken, zodat ze voor zichzelf kunnen opkomen. En dat is een uitdaging in een werelddeel dat de volle impact van de klimaatverandering voelt, met overstromingen en stormen. Haar toespraak eindigde Katlijn met een open uitnodiging voor de vrouwenmars op 8 maart, met als thema: no food sovereignty without feminism.

Weinig vrouwelijke bedrijfsleiders

Tijdens een panelgesprek, geleid door Antoon Vanderstraeten, mede-oprichter van de Women in Ag Foundation en docent aan Odisee, bespraken Greet Riebbels (ILVO), Helma Vermuë (LTO) en Corazon De Raeymaecker (CSA boerderij Grondsmaak) de rol van de vrouw in onze sector.

Helma Vermuë ziet vanuit haar positie bij LTO Noord, Vrouw & Bedrijf en het Women’s Committee van Copa Cogeca dat er nog veel ruimte voor verbetering is qua toegang tot financiering voor vrouwen. En dat start al bij de cultuur, wist ze. “Wanneer een jongen denkt aan een lening om een landbouwbedrijf op te starten, wordt hij aangemoedigd. Wanneer een meisje of jonge vrouw daaraan denkt, krijgt ze nog veel te vaak de vraag ‘hoe ga je dat doen als je kinderen krijgt?’ Het is gek dat dat een vraag is die alleen vrouwen krijgen.”

Bij ILVO is het nog wachten naar een onderzoek naar de (impact van) vrouwen in de landbouw. Een pijnlijke vaststelling, gaf Greet Riebbels toe, maar iets waar ze beloofde aan te werken. “Data specifiek over de aanwezigheid van vrouwen en hun rollen in de landbouw zijn schaars. Toch maken vrouwen een derde van de populatie uit in de landbouwsector. Het is tijd om dit gat in onze kennis aan te vullen.”

“Naar verwachting is ongeveer 30% van de Nederlandse landbouwers een vrouw”, vulde Helma Vermuë aan. “Qua vrouwelijke bedrijfsleidsters hangen we helaas onderaan in Europa met 6%. Nog eens 30% van de vrouwen die in de landbouw werken zitten in een samenwerkingsverband met hun man, maar hoeveel daarvan economisch zelfstandig zijn, is niet geweten. Meer dan 90% van het agrarisch onroerend goed zit bij mannen. En toch zijn ook de meewerkende vrouwen persoonlijk aansprakelijk voor de miljoenen aan landbouwleningen. Zij nemen alle risico’s, maar hebben geen financiële zelfstandigheid.”

“Ik zoek de cijfers elk jaar op”, lachte Corazon De Raeymaecker. “Ik behoor tot de 20% bedrijfsleiders in Vlaanderen die vrouw is. Binnen ons klein clubje CSA-boerderijen, 80 in totaal, zijn de helft vrouwen. Zijn dat allemaal bedrijfsleidsters? Neen. Mannen komen nog steeds meer op de voorgrond, en het is ook moeilijk om als vrouw te blijven staan zonder een netwerk om je op te vangen. Ik ben 2 keer onderuit gegaan toen ik kinderen kreeg, ondanks de hulp van mijn man.”

Het is zo dat men meer vrouwelijke representatie ziet in de nieuwere takken van landbouw, zoals CSA en korte keten, bevestigde ook Greet Riebbels. “De populatie conventionele boeren is aan het verouderen, dat weten we. De gemiddelde leeftijd is 56 jaar. In de korte keten is dat heel anders: daar zie je meer (jonge) vrouwen. Dat heeft te maken met de vaardigheden die je nodig hebt om daar succesvol te zijn: creativiteit, sociale vaardigheden, aanleg voor marketing en commercieel aangelegd zijn. Dat is een feeling die er natuurlijk vaker bij vrouwen is. Ook in de conventionele landbouwbedrijven zie je dat het vaak de mannen zijn die alleen en met de machines werken, maar contact met klanten en het geld verdienen? Dat zijn de vrouwen.”

Plek veroveren

Helaas gaven zowel Vermuë als De Raeymaecker, die in het veld staan, aan dat ze al geconfronteerd werden met opmerkingen die hen ongemakkelijk maakten. “Vroeger werd ik er boos om wanneer men op het erf kwam en naar de man vroeg, nu luister ik ze vriendelijk aan en zeg ik ‘als je volgende keer echt die trekker wil verkopen, doe je je verhaal bij mij’.” Ook Corazon heeft het gevoel dat ze haar plek moest veroveren. “Ik heb me timide opgesteld, zelfs in mijn prijszetting waar ik vooral niet te veel durf vragen voor mijn producten. Nu ik dochters heb, vind ik het jammer dat ik niet beter voor mezelf ben opgekomen op dat vlak. Vrouwen hebben andere dingen nodig dan mannen: ik heb meer nodig om mijn boerderij te doen draaien, en daar moet de consument ook achter staan zodat dat zich kan uiten in de prijzen.”

“Landbouwbedrijven verdwijnen en er is geen opvolging”, sloot Greet af. “De instroom kan het niet bijbenen, en de overbijvers? Die moeten wel groter worden. Het is tijd om naar een ander model te gaan, waar we nog aan voedselproductie doen maar dan in een heel andere context. Het zijn vaak vrouwen die hard nadenken, rekenen en minder vasthouden aan conservatisme dan hun mannelijke collega’s, en dat is nu nodig.”

Het onzichtbare werk achter de schermen

In een tweede panelgesprek kregen 3 generaties boerinnen, Jana Thierens, Vanessa Serlet en Lut Bellegeer, van de moderator een aantal stellingen voorgelegd. Wat hierbij opviel was de andere manier van omgaan met de rol van vrouw in de landbouw, maar wel met dezelfde houding. “Toen ik erbij kwam op de boerderij zei mijn schoonmoeder ‘ah, een vrouw om te helpen’. Dat was niet met mij”, lachte Vanessa. Jana, de jongste, knikte. “Ik heb een vriend, maar ik neem alleen de boerderij over.” Voor Lut, gepensioneerde boerin, is het de taak van mannen om te zorgen dat hun meewerkende vrouwen financiële zekerheid hebben. “Toen ik startte als boerin wilde de boekhouder me zelfs niet inschrijven als fulltime medewerker, terwijl ik meer dan 35 uur werkte én het huishouden en de kinderen deed. Op mijn papieren stond ik als ‘zonder beroep’.”

“De meeste vrouwen doen nog steeds al het werk achter de schermen, terwijl het de man op de boerderij is die meestal in beeld wordt gebracht”, vertelde Jana. “Dat zie ik zelfs nog aan mezelf”, gaf ze toe. “Ik zie niet wat mijn mama doet, zij zit achter de computer. Het fysiek werk buiten de stallen, op het veld, geeft de meest zichtbare resultaten.”

“Wanneer ik ‘s morgens en ‘s avonds melk heb ik 4 uur gewerkt, maar niemand heeft mij gezien”, beaamde Vanessa. “Mijn man op de tractor, die ziet iedereen. De kinderen verzorgen, naar school brengen, de sociale taken voor het gezin,... is allemaal zogezegd geen werk. Ik vind dat wel. En dan neem je er als vrouw vaak ook nog de boekhouding en administratie bij.”

Ook voor Lut was het werk rond huis en keuken, maar daarom niet minder. “De nieuwe technologie zorgt er wel voor dat het fysiek werk minder belastend is, en dat opent weer meer kansen voor vrouwen. Een goede evolutie.”

“Reken goed voor je begint”, is haar advies aan jonge vrouwen. “En zorg dat je een spaarboek hebt op je eigen naam in geval van een scheiding: wanneer je relatie stukgaat en je zit in een familiaal landbouwbedrijf, heb je niets meer. Financiële onafhankelijkheid is zo belangrijk.”

Wees bondgenoten

Om het symposium af te sluiten, nam een man het woord. Raar wanneer het de bedoeling is om vrouwen zichtbaarder te maken, maar Antoon Vanderstraeten had een belangrijke boodschap. “We moeten er zijn als bondgenoot”, drukte hij het publiek op het hart.

“‘Later wil ik boer worden, want dan moet mijn vrouw niet hard werken’, is iets dat ik gezegd heb als kind van 10. Het werk met mijn nonkels en grootvader op het werk had ik gezien, maar wat mijn grootmoeder allemaal deed in en rond het huis niet”, vertelde Vanderstraeten. De reality check kwam er tijdens zijn werk als landbouwjournalist, vooral in zijn werk voor Women in Ag Magazine.

“Ik heb met boerinnen van over heel Europa gesproken, dat heeft me mijn houding doen bijstellen. Wij zijn hier niet om onze vrouwen te redden. Wat we wel moeten doen als mannen in de sector, is hen ruimte geven. Op het bedrijf, in het gesprek, in de grote en kleine dingen. Wij dragen mee de verantwoordelijkheid om er iets van te zeggen wanneer we een seksistische opmerking horen, een situatie zien die niet oké is en onze vrouwen naar voren te schuiven. Durf je openstellen als man en accepteer dat je veel bij te leren hebt, want vrouwen maken situaties mee waar wij ons niet eens bewust van zijn.

Geef vrouwen ruimte. Door hen te betrekken in beslissingen. Door open te staan voor een andere kijk. Door echt te kijken en te luisteren. Onderzoek wijst uit dat waar vrouwen mee de beslissingen nemen, er ruimte is voor duurzaamheid en diversificatie. Laten we samen werken aan een cultuurverandering voor onze sector, tot er echte gelijkheid is.”

Kim Schoukens (Women in Ag Foundation)

Lees ook in Actueel

Meer artikelen bekijken