Kunstmestprijs zal stijgen, stijgen, stijgen
Europa laat Renure toe, maar voor het uitwerken van de regelgeving daarrond zijn vermoedelijk nog enkele maanden nodig. Voor het mestseizoen van dit jaar vormt Renure daarom nog geen alternatief voor de dure kunstmest die deze maand de grond in moet. Dat blijkt uit de discussie over Renure en de hoge prijzen voor kunstmest in de commissie Landbouw van het Vlaams parlement op 1 april.

De Europese Unie is niet zelfvoorzienend in kunstmeststoffen. “Vroeger waren we in de EU sterk afhankelijk van de invoer van stikstof- en kaliummeststoffen uit Rusland en Wit-Rusland. Door de oorlog met Oekraïne heeft de Europese Commissie haar afhankelijkheid van die kunstmeststoffen wel afgebouwd door het opleggen van invoerheffingen in het kader van een sanctiepakket. Daardoor gebeurt de invoer van die meststoffen nu vooral uit andere derde landen. Voor de Europese Unie en Vlaanderen zijn volgende derde landen belangrijk voor de invoer van meststoffen: Egypte, Algerije, China, Trinidad en Tobago en Canada”, duidt Vlaams minister van Landbouw en Omgeving Jo Brouns.
Kunstmest zal duurder worden
Het aandeel van kunstmest uit het Midden-Oosten is in de Europese Unie beperkt. “Er wordt uit dat gebied wel veel lng-gas (liquified natural gas), een belangrijke grondstof voor de productie van kunstmest, ingevoerd in de EU. Dat gas is nu geblokkeerd ter hoogte van de Straat van Hormuz. Hierdoor zijn de gasprijzen in de Europese Unie fors gestegen, zodat ook de productiekosten van die kunstmeststoffen sterk gestegen zijn. Ook is het Midden-Oosten een belangrijk centrum voor de productie en handel van kunstmest. Het is goed voor zo’n 35% van de wereldwijde export van ureum en tot 30% van de export van ammoniak, zodat zowel grondstoffen als kunstmeststoffen duurder zullen worden.
Iedereen die de voorbije weken met landbouwers gepraat heeft, zal horen dat men bezorgd is over de stijgende kunstmestprijzen, zeker omdat er nog geen plafond bereikt lijkt. De kunstmestprijzen zullen maar 1 ding blijven doen en dat is stijgen, stijgen, stijgen. Dat zal effect hebben op de winkelkar, op onze voedselprijzen. Het is alleen de vraag wanneer. In het huidige tempo zal dat alleen maar sneller zijn”, stelt de minister.
Renure is eerste stap
Daarom is het volgens minister Brouns van groot belang dat Vlaanderen en Europa maatregelen nemen. “Met de goedkeuring van Renure (teruggewonnen stikstof uit dierlijke mest) is al een eerste stap gezet. De Europese Commissie heeft bovendien recent voorgesteld om de invoerheffing van kunstmeststoffen en grondstoffen tijdelijk op te schorten, om de druk op de rentabiliteit in de akkerbouwsector te verlichten. Dat zal echter niet voldoende zijn. Op Vlaams en Europees niveau moeten er extra stappen gezet worden om dierlijke mest te hergebruiken, circulaire alternatieven te stimuleren en ook om de import betaalbaar te houden”, zegt Jo Brouns.
Nog stappen te zetten
Wanneer Vlaamse boeren effectief ammoniumzouten, mineralenconcentraten en stikstofrijke fosfaatzouten als Renure kunnen uitrijden op hun akkers, daarover blijft de minister wat vaag, maar er moeten nog wat stappen worden gezet. “Het amendement op de Nitraatrichtlijn over Renure werd goedgekeurd op Europees niveau op 10 februari en trad in werking op 2 maart. Om dit uit te voeren in Vlaanderen is een aanpassing aan de regelgeving nodig. In de eerste plaats is een wijziging aan het Mestdecreet vereist. Dat is op 27 maart gebeurd op de ministerraad. Dat ontwerp van verzameldecreet wordt binnenkort voor verdere behandeling ingediend in het Vlaams parlement. De concrete uitwerking van de voorwaarden waaraan deze producten moeten voldoen, zal in de uitvoeringsbesluiten opgenomen worden en uitgewerkt worden overeenkomstig de gedetailleerde voorwaarden die al in de Nitraatrichtlijn opgenomen zijn”, stelt de minister.
Niet snel genoeg?
Voor Bart Dochy, partijgenoot van minister Brouns, gaat het niet snel genoeg. “We staan pal voor het bemestingsseizoen. Vooral potas en fosfor zijn meststoffen die als basisbemesting gegeven worden bij de start van het groeiseizoen, soms zelfs voordat er ingezaaid wordt. Als het weer een beetje meezit, zullen die werkzaamheden dus starten in de maand april. Als we pas in mei of juni een regeling voor Renure krijgen, dan hebben we eigenlijk al heel veel gemest. Ik stel vast dat er een brede consensus is om Renure toe te passen. Doe het dan niet binnen 3 maanden. We zeggen dat het dringend is, dat er een crisis is en dat we ermee rekening zullen houden, maar we doen dat dan niet. We zeggen dat het er komt, maar voor dit seizoen is het dan verloren. Het zou wel jammer zijn als het verloren gaat voor de plaatsen waar de opportuniteit zich dit seizoen aanbiedt. Als we dit jaar iets willen betekenen met Renure, dan moeten we heel snel handelen”, stelt Dochy.
Niet naar WeCommV
In dat licht is het goed nieuws dat Renure niet moet behandeld worden door het Wetenschappelijk Comité Luchtemissies Veehouderij (WeComV). “Voor de zuivere toepassing van Renure als vervanger van kunstmest, moet je niet naar het WeComV. Als je er bijkomend een maatregel van wil maken in het kader van stikstofreductie, dan wel. Dat is daarna de volgende stap”, zegt de minister.
In de discussie over Renure in de commissie Landbouw werd meermaals herhaald dat Renure er niet voor zal zorgen dat er meer mest wordt uitgereden op Vlaamse akkers. Renure vervangt enkel een deel van de kunstmest.





