Startpagina Veeteelt

Europese imkerij moet beter worden beschermd

In aanloop naar Wereldbijendag op 20 mei wijzen verschillende indicatoren in dezelfde richting. België telt vandaag ongeveer 11.300 geregistreerde imkers, maar bijna een derde van de bijenpopulaties die door het FAVV werden opgevolgd, overleefde de periode tussen het najaar van 2023 en de zomer van 2024 niet.

Leestijd : 5 min

Tegelijk blijft België op Europees niveau een relatief kleine honingproducent, met ongeveer 2.700 ton geproduceerde honing in 2022 tegenover een geschatte nationale consumptie van 5.073 ton in 2022-2023. Ook op Europees niveau staat de markt onder druk: de Europese Unie dekt slechts ongeveer 60% van haar eigen honingbehoefte, terwijl 46% van de geanalyseerde ingevoerde honingstalen verdacht werd niet-conform te zijn met de Honingrichtlijn. Samen vormen die cijfers een duidelijk signaal dat de Europese imkerij beter moet worden begrepen, beschermd en gevaloriseerd.

Realiteit wordt onderschat

Achter deze cijfers schuilt een realiteit die vaak wordt onderschat. Zonder gezonde bijen, voldoende nectar- en pollenbronnen en een gunstige leefomgeving is er geen duurzame imkerij en geen kwaliteitsvolle honing mogelijk. Die realiteit verdient vandaag meer aandacht, zeker in België, waar Europese honing zich op het kruispunt bevindt van productie, traceerbaarheid, biodiversiteit en consumptie.

Tegen die achtergrond lanceert BeeLife de campagne EUBeeLovers, een driejarige sensibiliseringscampagne met steun van de Europese Unie. De campagne wil uitgroeien tot een referentiebron over Europese honing, bijen en imkerij.

Een imkerijsector onder druk

Voor imkers zijn gezonde bijenkolonies, toegang tot nectar- en pollenbronnen en de kwaliteit van honing geen abstracte begrippen. Ze vormen de economische basis van hun activiteit, net zoals vruchtbare bodems essentieel zijn voor landbouwers of diergezondheid voor veehouders. Tegelijk hebben imkers slechts beperkte controle over de omgeving waarin hun bijen leven.

Landbouwpraktijken, de beschikbaarheid van bloemen, gewasbeschermingsmiddelengebruik, de continuïteit van bloeiperioden en de kwaliteit van landschappen beïnvloeden rechtstreeks zowel de gezondheid van de bijenkolonies als de productieomstandigheden.

Een verarmde omgeving — met weinig bloemendiversiteit, monoculturen of een gebrek aan landschapselementen — kan imkers verplichten om hun bijenkolonies vaker bij te voederen of te verplaatsen, terwijl ook de opbrengsten dalen en de sterfte toeneemt.

Verstoord evenwicht

Wanneer dat evenwicht verstoord raakt, blijven de gevolgen niet beperkt tot de bijen zelf: hogere kosten voor imkers, verlies van kolonies, risico’s op contaminatie van bijenproducten, moeilijkere toegang tot de markt en een dalend consumentenvertrouwen.

“Te vaak vergeten we dat imkerij een volwaardige landbouwactiviteit is. Zonder het dagelijkse werk van imkers om gezonde bijenkolonies in stand te houden, verliezen we niet alleen hoogwaardige Europese honing, maar ook de motor van bestuiving waarvan onze landbouw en ecosystemen afhankelijk zijn”, waarschuwt Anna Ganapini, voorzitter van BeeLife.

België: draaischijf voor honing, maar kwetsbare productie

België neemt een bijzondere positie in op de Europese honingmarkt. België telt vandaag 11.300 geregistreerde imkers bij het FAVV, voornamelijk in Vlaanderen (6.493) en Wallonië (4.807). Dat aantal stijgt al meer dan 10 jaar gestaag. Toch verhult die evolutie de kwetsbaarheid van de sector niet.

Volgens het FAVV overleefde 31,2% van de opgevolgde bijenkolonies de periode tussen het najaar van 2023 en de zomer van 2024 niet, tegenover 27,2% een jaar eerder. Varroa blijft de belangrijkste doodsoorzaak, gevolgd door de Aziatische hoornaar.

Ook op productievlak blijft België een kleine speler binnen Europa. Volgens een recente audit produceerde België ongeveer 2.700 ton honing, terwijl de jaarlijkse nationale consumptie in 2022 en 2023 werd geraamd op 5.073 ton. België importeert bovendien grote volumes honing, waarvan een aanzienlijk deel opnieuw wordt uitgevoerd. Daarmee bevestigt het zijn rol als draaischijf binnen de Europese honinghandel.

Dat maakt vragen rond oorsprong, kwaliteit en traceerbaarheid nog belangrijker. In 2024 behoorden China, Oekraïne en Argentinië tot de belangrijkste niet-EU-herkomstlanden van honing die in België werd ingevoerd. Alleen al uit China importeerde België 19.748 ton honing — goed voor bijna een derde van alle Europese honingimport uit China.

Europese markt onder druk door prijsconcurrentie en fraude

Naast de kwetsbaarheid van de productie staat ook de Europese markt steeds sterker onder druk.

Volgens het rapport European Honey Market uit 2025 blijkt dat de Europese Unie in 2022 ongeveer 286.000 ton honing produceerde, goed voor slechts 60% van de Europese vraag. Tegelijk bleef Europa sterk afhankelijk van invoer, waarvan 36% afkomstig was uit China.

Daarbovenop zagen Europese imkers hun productiekosten fors stijgen. De kosten voor het voeden van bijenkolonies namen tussen 2021 en 2023 met 62% toe.

Aan de andere kant van de markt blijft de prijsdruk bijzonder hoog. Een audit van de Waalse imkerijsector toont aan dat Chinese honing in 2024 de laagste invoerprijs had binnen de Europese Unie, met gemiddeld 1,30 euro/kg. Ter vergelijking: lokaal geproduceerde honing werd in Wallonië en Brussel in 2025 verkocht aan gemiddeld 16,87 euro/kg. Hoewel invoerprijzen en detailhandelsprijzen niet rechtstreeks vergelijkbaar zijn, illustreert dit verschil wel de structurele druk die zeer goedkope honing uitoefent op Europese producenten.

Daarnaast blijft ook fraude een belangrijk aandachtspunt. Volgens Europese controles werd 46% van de geanalyseerde ingevoerde honingstalen uit niet-EU-landen verdacht niet conform te zijn met de Honingrichtlijn, onder meer door adulteratie of foutieve etikettering.

Sommige frauduleuze honingproducten worden verkocht tegen prijzen vanaf 1,40 euro/kg, wat de eerlijke concurrentie ernstig onder druk zet. In die context kan Europese honing niet worden herleid tot een eenvoudige prijsvergelijking. De waarde ervan hangt samen met de oorsprong, authenticiteit, traceerbaarheid en omstandigheden waarin de honing geproduceerd wordt. “Elke consument kan een verschil maken door het etiket te controleren en te kiezen voor honing die voor 100% in de Europese Unie werd geoogst”, benadrukt Anna Ganapini.

Bijen centraal voor landbouw en ecosystemen

Het belang van bijen reikt veel verder dan de honingproductie alleen. Bestuivers spelen een sleutelrol voor de biodiversiteit én landbouwproductiviteit. “De impact van de achteruitgang van bestuivers wordt in België vaak minder zichtbaar door de sterke productie van granen en aardappelen. Maar voor de fruit- en groenteteelt is de situatie bijzonder zorgwekkend. Zonder bijen zouden iconische Belgische streekproducten zoals echte Luikse siroop of regionale appelsappen afhankelijk worden van ingevoerd fruit. Het gaat dus niet alleen om ecologie, maar ook om het behoud van landbouwidentiteit”, zegt Noa Simón Delso, wetenschappelijk directeur bij BeeLife.

Volgens haar vraagt het herstel van ecosystemen en de bescherming van bestuivers om een coherente aanpak: minder chemische druk, betere habitats, meer aandacht voor bestuivers binnen het landbouwbeleid en concrete steun voor landbouwers en imkers.

Beschermen wat bijen mogelijk maken

Op Wereldbijendag betekent het beschermen van bijen meer dan enkel het beschermen van een populaire diersoort. Het gaat ook om het behoud van een sector, vakkennis, een kwaliteitsproduct en een essentiële schakel binnen de Europese landbouw.

Vanuit die visie lanceert BeeLife de campagne EUBeeLovers, medegefinancierd door de Europese Unie en uitgerold in België. De campagne wil consumenten beter informeren over de waarde van Europese honing, de rol van imkers en de voorwaarden die nodig zijn voor een duurzame imkerij.

BeeLife

Lees ook in Veeteelt

Lijn- en koolzaad in grasrijk rantsoen als klimaatmaatregel

Melkvee Door dagelijks 400 g plantaardig vet in de vorm van geëxtrudeerd lijnzaad of lijnzaad gecombineerd met koolzaad aan hun runderen te voederen, kunnen melkveehouders met grasrijke rantsoenen hun klimaatimpact met 5 tot 11% verlagen, zonder verlies aan melkproductie. Dat blijkt uit het doctoraatsonderzoek van Joni Van Mullem aan ILVO en UGent.
Meer artikelen bekijken