Natuurbeheerplannen worden toegankelijker
Natuurbeheerplannen zijn een belangrijk instrument voor het behoud en de versterking van de biodiversiteit in Vlaanderen. Wettelijk zijn er 30 dagen voorzien voor publieke consultatie van deze plannen. Dat is krap. Vlaams minister Brouns (cd&v) onderzoekt hoe hij die publieke consultatie kan verbeteren.

Zo is er onder meer bij de landbouworganisaties bezorgdheid over een aantal pijnpunten bij de publieke consultatie van natuurbeheerplannen.
Landbouwers vrezen namelijk dat schaarse landbouwgrond structureel dreigt verloren te gaan. Een veelgehoorde opmerking is dat de bezwaarprocedures tegen deze plannen soms stroef verlopen. Boeren vinden dat ze niet altijd rechtstreeks ingelicht worden over de plannen. Ze ervaren bovendien te weinig feedback op ingediende bezwaren. Daar komt nog bij dat consultaties vaak samenvallen met drukke periodes in het landbouwseizoen en dat ze daardoor problemen hebben om tijdig te reageren.
Lokale betrokkenheid
In de Commissie Leefmilieu van het Vlaams Parlement wees Jo Brouns op 23 juni op het belang van lokale betrokkenheid wanneer een beheerplan een duidelijke impact heeft op de omgeving of wanneer er lokale gevoeligheden zijn. Soms maakt de organisatie van een informatievergadering onderdeel uit van het bestek voor de opmaak van een beheerplan wanneer die opdracht aan een studiebureau wordt gegund. Het is vooral bij openbare domeinen beheerd door het Agentschap Natuur en Bos (ANB), een provincie of een gemeente dat een informatievergadering wordt voorzien. Maar het hangt ook af van de grootte van het gebied waarvoor een beheerplan wordt gemaakt. Soms gebeurt het ook bij beheerplannen van terreinbeherende verenigingen.
Onafhankelijk beoordelen
Het ANB verleent zijn medewerking wanneer het gaat om beheerplannen van natuurdomeinen beheerd door het ANB zelf. Dan is minstens de lokale boswachter aanwezig op de informatievergadering. Brouns maakte duidelijk dat de dossierbehandelaars bij Adviezen, Vergunningen, Erkenningen en Subsidies (AVES) die het natuurbeheerplan evalueren en ter goedkeuring voorleggen, onafhankelijk dienen te beoordelen. Ze komen niet tussen beide in de publieke consultatie noch in een bijhorende informatievergadering. Wanneer een informatievergadering wordt georganiseerd, staat dat vermeld in het verslag van de publieke consultatie- en adviesronde. Het ANB houdt daar echter geen centrale cijfers van bij.
Consultatie versterken
De Vlaamse minister voor Landbouw en Omgeving geeft toe dat de termijn om zo’n informatievergadering grondig te organiseren aan de krappe kant is. Wanneer in een concrete procedure van een beheerplan een gemeente signaleert dat zij meer tijd nodig heeft voor een advies dan de voorziene 30 dagen uit de wetgeving, dan houden de dossierbehandelaars daar volgens hem rekening mee. In dat geval wordt er gewacht op het advies van het college alvorens de procedure verder te zetten.
Minister Brouns kondigde aan dat hij samen met het ANB zal bekijken hoe de publieke consultatie verder kan versterkt worden. Hij zal nagaan hoe het gebruik van informatievergaderingen gerichter kan worden gestimuleerd, vooral bij grotere of lokaal gevoelige beheerplannen. Ten tweede wil Brouns laten bekijken of de huidige adviestermijn in alle gevallen voldoende werkbaar is voor lokale besturen. Hij vindt daarenboven dat er meer flexibiliteit moet zijn wanneer een gemeente gemotiveerd aangeeft dat zij meer tijd nodig heeft. Een derde aandachtspunt is na te gaan hoe de kennisgeving en openbaarheid van de publieke consultatie zo duidelijk mogelijk kunnen verlopen. Betrokkenen op het terrein zullen dan tijdig en correct geïnformeerd worden.
De minister zal het ANB vragen om deze aandachtspunten verder te analyseren en na te gaan welke praktische of regelgevende bijsturingen wenselijk en haalbaar zijn.
Lees meer over dit thema in het RULA-magazine, een bijlage bij Landbouwleven van 25 juni.


