Startpagina Granen

Hoge opbrengst triticale en (hybride) rogge ook onder droge omstandigheden mogelijk

Het Landbouwcentrum Granen Vlaanderen (LCG) voerde het voorbije teeltseizoen op meerdere locaties rassenonderzoek triticale en (hybride) rogge uit. De opbrengstniveaus varieerden naargelang de locatie, wellicht door verschillen in groeiomstandigheden, uitbating en regionale neerslagpatronen.

Leestijd : 9 min

Triticale combineert de hoge opbrengstcapaciteit van tarwe met de robuustheid van rogge. Het gewas staat bekend om zijn goede droogtetolerantie, efficiënte stikstofbenutting en betrouwbare opbrengsten op lichtere of minder vruchtbare gronden. Daardoor vormt het een interessant alternatief voor andere wintergranen, zowel voor de productie van voedergranen als voor de teelt op percelen waar tarwe minder goed tot zijn recht komt. Vlaamse landbouwers worden steeds vaker geconfronteerd met langere droge periodes, extremere weersomstandigheden en strengere bemestingsnormen. Triticale kan een belangrijke bijdrage leveren aan een duurzame en weerbare akkerbouw.

Er is ook hernieuwde interesse voor (hybride) rogge. Dankzij de sterke beworteling, de goede droogtetolerantie en de efficiënte nutriëntenopname is ook dit gewas geschikt voor lichtere zandgronden. De teelttechniek vertoont veel gelijkenissen met die van triticale, al vraagt hybride rogge specifieke aandacht voor onder meer zaaidichtheid, groeiregulatie en ziektebestrijding.

Overzicht van rassen in proef en van proefomstandigheden

Voor het LCG werden in het Vlaams Gewest tijdens het groeiseizoen 2025-2026 op de volgende locaties rassenproeven triticale en hybride rogge aangelegd (behalve in Bocholt, waar enkel een rassenproef triticale werd aangelegd):

• Proef- en Vormingscentrum voor de Landbouw in Bocholt, proeflocatie Bocholt, provincie Limburg

•Praktijkpunt Landbouw Vlaams-Brabant in Herent, proeflocatie Herent, provincie Vlaams-Brabant

• Proefhoeve Bottelare, Universiteit Gent, faculteit Bio-ingenieurswetenschappen en Hogeschool Gent, AgroFoodNature, proeflocatie Bottelare, provincie Oost-Vlaanderen

• Broederschool Biotechnische & Sport, Land- en Tuinbouwcentrum Waasland (LTCW), proeflocatie Sint-Niklaas, provincie Oost-Vlaanderen

• Universiteit Gent, faculteit Bio-ingenieurswetenschappen, vakgroep Plant en Gewas en Hogeschool Gent, AgroFoodNature, proeflocatie Vladslo, provincie West-Vlaanderen.

Tabel 1 geeft een overzicht van de rassen die werden opgenomen in de diverse proeven. De triticale rassen Biathlon, Bicross, Galaxor, Lumaco, Rafting, Rendez Vous, RGT Quaterbac, RGT Rutenac en Triscore werden op alle locaties uitgezaaid. Het gemiddelde van deze rassen per proeflocatie werd als referentie genomen bij de verwerking van de resultaten.

Op dezelfde locaties werden de hybride rogges Astranos en NOS Borin en de rogge Elias uitgezaaid. De (hybride) rogge vertoonde echter een zeer onregelmatige opkomst in Bocholt en daarom werd deze proef niet weerhouden.

35-triticalerogge-01-web

Het rassenonderzoek vond plaats onder praktijkomstandigheden. Er werd een standaard zaaizaadbehandeling toegepast. Belangrijk om te vermelden is dat de hybride rogge aan een lagere dichtheid werd uitgezaaid. Vooral bij late zaai of moeilijke omstandigheden moet de zaaidichtheid van hybride rogge worden verhoogd, zo niet adviseert men 175-250 zaden/m².

De onkruidbestrijding werd uitgevoerd volgens noodzaak van het perceel. Er werd 1 halmversteviging toegepast, behalve in Bocholt en Sint-Niklaas, waar geen groeiregulatie werd toegepast. Bij zowel triticale als (hybride) rogge is een halmversteviging aan te raden als je risico op legering wil vermijden.

De ziektebestrijding werd uitgevoerd op basis van de ziektedruk in het perceel. Ondanks een relatief lage ziektedruk door de droge weersomstandigheden in het voorjaar, werd op alle locaties minstens 1 ziektebehandeling toegepast.

De stikstofbemesting was van hetzelfde niveau bij zowel de rassenproeven triticale als die van hybride rogge. Enkel in Bottelare en Vladslo werd met 3 fracties gewerkt. Op de andere locaties werd de stikstofbemesting in 2 fracties toegediend. De oogst was op alle locaties uitzonderlijk vroeg.

Korrelopbrengst triticale

In tabel 2 zijn de korrelopbrengsten voor triticale relatief weergegeven ten aanzien van het gemiddelde resultaat van de getuigerassen per proeflocatie. Naast de resultaten van de diverse proeflocaties werden ook de gemiddelden van vorige proefjaren opgenomen, indien beschikbaar.

35-triticalerogge-02-web (3)

De gemiddelde korrelopbrengst verschilde sterk tussen de proeflocaties. De hoogste gemiddelde opbrengsten werden gerealiseerd in Herent, met een uitzonderlijk hoge opbrengst van 11.537 kg/ha. In Bottelare (9.575 kg/ha), Vladslo (9.318 kg/ha) en Sint-Niklaas (8.973 kg/ha) lagen de opbrengsten lager, maar schommelden ze telkens wel rond 9 ton/ha. In Bocholt waren de opbrengsten uitzonderlijk laag, met een gemiddelde van 3.115 kg/ha korrelopbrengst. Vermoedelijk lag de uiterst lichte zandbodem, in combinatie met een extensievere uitbating, aan de oorzaak hiervan. In Bocholt werd geen groeiregulator toegepast, een iets lager bemestingsniveau en slechts 1 vroege fungicidebehandeling.

Naast het significante locatie-effect werden ook significante verschillen tussen de rassen vastgesteld. Bovendien was er een significante interactie tussen ras en locatie, wat aangeeft dat de prestaties van de rassen afhankelijk waren van de proeflocatie.

In Herent behoorde Rendez Vous tot de best presterende rassen, gevolgd door Rafting en RGT Quaterbac. In Bottelare realiseerde Rendez Vous met voorsprong de hoogste gemiddelde opbrengst, gevolgd door Rafting en Galaxor. In Sint-Niklaas behaalde Lumaco de hoogste gemiddelde korrelopbrengst, gevolgd door RGT Rutenac en Galaxor. In Vladslo realiseerde Galaxor de hoogste gemiddelde opbrengst, vóór Bicross en Triscore. In Bocholt behaalde Triscore de hoogste gemiddelde korrelopbrengst, gevolgd door Rendez Vous.

De significante interactie tussen ras en locatie bevestigt dat de opbrengstprestaties van de rassen niet op alle locaties gelijk waren. Zo behaalde Lumaco in Sint-Niklaas de hoogste opbrengst, terwijl dit ras in Bocholt en vooral in Vladslo tot de minder productieve rassen behoorde. Rendez Vous daarentegen presteerde op de meeste locaties zeer sterk en behoorde in Bocholt, Bottelare en Herent tot de best opbrengende rassen. Ook Galaxor en Triscore leverden op meerdere locaties goede resultaten, terwijl Rafting vooral in Bottelare en Herent iets beter scoorde.

Hectolitergewicht triticale

Het hectolitergewicht wordt vaak gebruikt als een maatstaf voor de kwaliteit van het graan. Een hoger hectolitergewicht wijst meestal op een betere korrelvulling. De resultaten van de hectolitergewichten van de triticalerassen worden weergegeven in tabel 3.

35-triticalerogge-03-web (2)

Ook voor het hectolitergewicht werden significante verschillen vastgesteld tussen de proeflocaties. De hoogste gemiddelde hectolitergewichten werden gemeten in Bottelare, terwijl Sint-Niklaas de laagste gemiddelde waarden liet optekenen.

In Bocholt behaalden Galaxor en RGT Quaterbac de hoogste hectolitergewichten. In Bottelare scoorden Biathlon, Lumaco en Bicross het hoogst. Ook in Herent behoorden deze 3 variëteiten tot de best presterende rassen. In Sint-Niklaas realiseerde Lumaco het hoogste hectolitergewicht, gevolgd door RGT Quaterbac en Galaxor. In Vladslo behaalde Bicross de hoogste waarde, vóór Biathlon en Lumaco. Opmerkelijk was dat er op deze locatie een vrij grote variatie tussen herhalingen was.

De significante interactie tussen ras en locatie toont aan dat de prestaties van de rassen niet op alle locaties gelijk waren. Bicross presteerde vooral sterk in Bottelare, Herent en Vladslo, terwijl Galaxor enkel in Bocholt de hoogste gemiddelde waarden behaalde. Rendez Vous vertoonde op alle proeflocaties een relatief laag hectolitergewicht en eindigde telkens bij de minst presterende rassen. Opmerkelijk is dat het hectolitergewicht in Bocholt op een normaal niveau zat, ondanks de lage korrelopbrengst op deze locatie.

Ziektegevoeligheid en legering

In tabel 4 is de ziekte- en legergevoeligheid van de triticalerassen opgenomen. De scores zijn gebaseerd op de waarnemingen op de locaties Bocholt, Bottelare, Herent en Sint-Niklaas. De ziektewaarnemingen werden uitgevoerd op een onbehandeld gewas.

35-triticalerogge-04-web

Meeldauw blijft een vaak voorkomende ziekte bij triticale. De ziekte kan zich vroeg in het gewas ontwikkelen en kan ernstige schade veroorzaken. Een gerichte fungicidebehandeling is dan zeker aan te raden. Tijdens het groeiseizoen 2025-2026 bleef de aantasting beperkt, wellicht door de droge weers-omstandigheden. Biathlon, Bicross en in mindere mate Lumaco bleken het gevoeligst voor meeldauw. Ook bladvlekkenziekte was gedurende het hel groeiseizoen slechts beperkt aanwezig, opnieuw wellicht te verklaren door de droge weersomstandigheden in het voorjaar.

Tijdens het groeiseizoen 2025-2026 werd geen gele roest waargenomen in de triticale rassen die opgenomen waren in de rassenproeven. De scores in tabel 4 zijn daarom gebaseerd op literatuurgegevens. Galaxor en RGT Rutenac worden als matig gevoelig beoordeeld. Het is belangrijk om bij een beginnende aantasting van gele roest de ziekte onmiddellijk te bestrijden. Een gerichte aanpak met de juiste fungiciden is daarbij noodzakelijk.

Bruine roest werd vooral naar het einde van het groeiseizoen waargenomen. Ook hier konden geen grote verschillen in rasgevoeligheid worden geregistreerd.

Op geen enkele locatie werd legering waargenomen, hoewel in Bocholt en Sint-Niklaas geen groeiregulatie werd toegepast. De scores voor de weer-stand tegen legeren, vermeld in tabel 4, zijn dan ook gebaseerd op literatuurgegevens. Vooral Rendez Vous wordt als gevoelig voor legering beoordeeld. Het rassenassortiment vertoont de laatste jaren een goede weerstand tegen legering, maar een adequate inzet van halmverstevigers blijft zeker verantwoord.

Luchtbeeld van de rassenproef bij de Proefhoeve Bottelare. Je ziet goed hoe de rogge al vroeger afrijpt dan de triticale (mede door bruineroestaantasting).
Luchtbeeld van de rassenproef bij de Proefhoeve Bottelare. Je ziet goed hoe de rogge al vroeger afrijpt dan de triticale (mede door bruineroestaantasting). - Foto: Proefhoeve Bottelare

Korrelopbrengst (hybride) rogge

In tabel 5 zijn de korrelopbrengsten bij 15% vocht voor de hybride rogge relatief weergegeven per proeflocatie. Naast de resultaten van de diverse proeflocaties werden ook de relatieve gemiddelden van Astranos en NOS Borin van 2025 en 2024 ter vergelijking opgenomen in tabel 5.

35-triticalerogge-05-web

Net als bij de triticale rassenproeven werden in Herent de hoogste korrelopbrengsten geregistreerd, terwijl de opbrengsten in Bottelare duidelijk lager lagen; wellicht door een vroege en zware aantasting van bruine roest. In Sint-Niklaas werden geen significante opbrengstverschillen tussen de rassen vastgesteld, op de overige locaties wel.

De rangschikking van de rassen bleef grotendeels behouden over de locaties heen: Astranos behaalde telkens de hoogste opbrengst, gevolgd door Elias, terwijl NOS Borin op alle locaties de laagste opbrengst realiseerde. In Herent bedroeg de opbrengst van Astranos 9.611 kg/ha, gevolgd door Elias (8.614 kg/ha) en NOS Borin (7.557 kg/ha). Ook in Vladslo was Astranos het productiefste ras met 8.728 kg/ha, vóór Elias en NOS Borin. In Sint-Niklaas waren de opbrengstverschillen tussen de 3 rassen beperkt. De grootste verschillen werden vastgesteld in Bottelare, waar Astranos met 5.968 kg/ha duidelijk beter presteerde dan Elias en vooral dan NOS Borin, dat met 3.387 kg/ha aanzienlijk lager scoorde.

Hectolitergewicht rogge

Het hectolitergewicht van de roggerassen wordt weergegeven in tabel 6. Het gemiddelde hectolitergewicht van de rassen over alle locaties heen bedroeg 72,68. De hoogste waarden werden behaald in Herent en Bottelare, terwijl in Sint-Niklaas de laagste hectolitergewichten werden opgetekend.

35-triticalerogge-06-web

Ziektegevoeligheid en legering

In tabel 7 is de ziektegevoeligheid van de hybride rogge opgenomen. De scores zijn gebaseerd op de waarnemingen in Herent, Sint-Niklaas en Bottelare. De ziektewaarnemingen werden uitgevoerd op een onbehandeld gewas.

35-triticalerogge-07-web

Meeldauw en bladvlekkenziekte werden slechts beperkt waargenomen in de (hybride) rogge. Er konden geen grote verschillen in rasgevoeligheid worden genoteerd. Tijdens het groeiseizoen 2025-2026 werd op geen enkele locatie een aantasting van gele roest waargenomen.

Alle (hybride) rogge bleek echter wél duidelijk gevoelig voor bruine roest. Het onbehandelde gewas werd al vroeg tijdens het groeiseizoen op diverse locaties aangetast. Ondanks een fungicidebehandeling bleef de aantasting vooral in Bottelare uitbreiden. Bruineroestaantasting is dan ook een belangrijk aandachtspunt bij de teelt van hybride rogge.

Net als bij triticale is het ook bij hybride rogge sterk aangeraden om waakzaam te zijn en om tijdig te behandelen met de juiste fungiciden.

Legering werd dit groeiseizoen op geen enkele locatie waargenomen. Omwille van de beperkte informatie werden geen gegevens over legergevoeligheid voor Elias opgenomen in tabel 7. De scores voor Astranos en NOS Borin zijn gebaseerd op literatuurgegevens.

Besluit bij rassenonderzoek

In het voorbije groeiseizoen werd op 5 locaties een rassenproef triticale aangelegd. Op 4 van deze locaties werd ook een rasvergelijking met (hybride) rogge uitgevoerd. De (hybride) rogge werd volgens een vergelijkbare teelttechniek uitgebaat, waarbij enkel een lagere zaaidichtheid het voornaamste verschil vormde.

Het groeiseizoen werd gekenmerkt door een zachte winter, gevolgd door een uitzonderlijk droog voorjaar. Dankzij de beperkte neerslag bleef de ziektedruk tijdens het grootste deel van het seizoen laag en kon er uitzonderlijk vroeg worden geoogst. Meeldauw en bladvlekkenziekte bleven bij triticale beperkt aanwezig en ook gele roest werd niet waargenomen. Bij de (hybride) rogge vormde bruine roest daarentegen een belangrijk aandachtspunt, waarbij de aantasting op sommige locaties ondanks fungicidebehandelingen verder uitbreidde. Hoewel tijdens het groeiseizoen geen legering werd vastgesteld, blijft een doordachte inzet van groeiregulatoren aangewezen om het risico op legering te beperken.

De korrelopbrengsten verschilden sterk tussen de proeflocaties. Herent realiseerde zowel bij triticale als bij (hybride) rogge de hoogste gemiddelde opbrengsten, terwijl Bocholt bij triticale duidelijk achterbleef. De zeer lichte zandgrond, gecombineerd met een extensievere uitbating en de droge weersomstandigheden, lag wellicht aan de basis van deze lage opbrengsten. Bij triticale behoorden Rendez Vous, Galaxor, Triscore en Rafting op meerdere locaties tot de best presterende rassen, al bevestigde de significante interactie tussen ras en locatie dat de prestaties sterk afhankelijk waren van de groeiomstandigheden. Bij de (hybride) rogge behaalde Astranos op alle proeflocaties de hoogste korrelopbrengst, gevolgd door Elias, terwijl NOS Borin over het algemeen de laagste opbrengsten realiseerde.

De resultaten bevestigen opnieuw dat zowel triticale als (hybride) rogge ook onder droge groeiomstandigheden een hoog en stabiel opbrengstpotentieel kunnen realiseren. Door hun brede aanpassingsvermogen aan uiteenlopende bodemtypes en wisselende weersomstandigheden blijven het veelbelovende gewassen. Zeker in een veranderend klimaat, waarin droogte en andere extreme weersomstandigheden steeds vaker voorkomen, kunnen beide teelten bijdragen aan een stabiele en duurzame graanproductie.

Veerle Derycke, Sofie Landschoot, Kevin Dewitte (Proefhoeve Bottelare UGent/HoGent), Mathijs Hast (Praktijkpunt Landbouw Vlaams-Brabant), Jef Gorssen (Proef- en Vormingscentrum voor de Landbouw) en Jonas Van Zele (Land- en Tuinbouwcentrum Waasland)

Lees ook in Granen

Duurzame lokale regeneratieve brouwgerst centraal tijdens Grow2Brew-events

Granen In het kader van het Vlaio-LA-traject Grow2Brew werden onlangs 2 events georganiseerd rond de teelt van regeneratieve brouwgerst; respectievelijk in Bottelare en in Watou. Het doel van beide events was om alle partijen in de keten een idee te geven van de noden en de uitdagingen, maar ook van de kansen en mogelijkheden om tot een lokaal en duurzaam ketenverhaal te komen.
Meer artikelen bekijken