Startpagina Varkens

Via antibioticacoaching stap voor stap naar een lager gebruik

Antibioticacoaching brengt veehouder, bedrijfsdierenarts en coach samen om het gebruik van antibiotica stap voor stap te verlagen op een manier die past bij het bedrijf. Het resultaat was dat de meeste begeleide bedrijven na afloop duidelijk minder antibiotica gebruikten.

Leestijd : 8 min

De voorbije jaren is het gebruik van antibiotica bij varkens en pluimvee in België sterk gedaald dankzij de inspanningen van veehouders en dierenartsen. Toch gebruiken sommige bedrijven nog altijd relatief veel antibiotica. Dat veranderen is niet altijd eenvoudig, aangezien antibiotica belangrijk zijn om zieke dieren te behandelen. Soms groeit het gebruik echter uit tot een vaste gewoonte of voorzorgsmaatregel, ook wanneer dat niet nodig is. Het doorbreken van die gewoonte vraagt tijd en begeleiding. Antibioticacoaching helpt veehouders om stap voor stap te evolueren naar een lager gebruik.

Coaching van alarmgebruikers

Het antibioticagebruik bij voedselproducerende dieren wordt geregistreerd in het AB Register. Elk bedrijf ontvangt in het tweede en vierde kwartaal een rapport waarin hun gebruik wordt vergeleken met grenswaarden voor de betreffende diersoort. Op basis van deze rapporten wordt bepaald welke bedrijven langdurig veel antibiotica gebruiken. Deze bedrijven worden als ‘alarmgebruiker’ beschouwd, ze ontvangen een alarmrapport. Sinds 2022 kunnen varkens- en pluimveebedrijven met alarmgebruik begeleiding krijgen van een coach.

Voor varkensbedrijven aangesloten bij BePork geldt dat wie 2 opeenvolgende alarmrapporten ontvangt, eerst samen met de bedrijfsdierenarts een actieplan moet opstellen. Blijft het gebruik te hoog, dan wordt er een coach ingeschakeld. Indien er nadien onvoldoende verbetering is, kunnen bijkomende maatregelen volgen en kan men het BePork-label uiteindelijk verliezen. Ook pluimveebedrijven aangesloten bij Belplume moeten bij herhaald alarmgebruik een coach raadplegen. Sinds eind 2024 is een dergelijke begeleiding ook van overheidswege verplicht bij frequent hoog gebruik van antibiotica. De bestaande begeleiding binnen BePork en Belplume blijft behouden, maar maakt voortaan deel uit van dit officiële systeem.

Een succes of niet?

De meeste bedrijven die een coachingstraject volgden, slaagden erin om hun antibioticagebruik te verlagen. Van de 36 BePork-bedrijven die tussen maart 2022 en september 2025 een traject afronden, behaalde 89% nadien een groen (17%) of geel (72%) rapport. Slechts 11% bleef een rood rapport behouden.

Ook in de pluimveesector werden positieve resultaten geboekt: 4 van de 6 Belplume-bedrijven die tussen januari 2023 en augustus 2025 een coach moesten raadplegen, verlaagden hun gebruik tot een groen of geel niveau. Deze resultaten tonen aan dat coaching bedrijven met alarmgebruik kan helpen om hun gebruik van antibiotica te verminderen.

Ook in de pluimveesector werden positieve resultaten geboekt met coaching op alarmbedrijven.
Ook in de pluimveesector werden positieve resultaten geboekt met coaching op alarmbedrijven. - Foto: Microsoft Stock Images

Ervaringen uit de praktijk

Om een beter inzicht te krijgen in het verloop en de impact van coaching, sprak Zoë De Mol van de faculteit Diergeneeskunde (Universiteit Gent) met 24 veehouders, bedrijfsdierenartsen en coaches. Daarnaast werden 15 coachingbezoeken opgevolgd. Het onderzoek maakte deel uit van een project dat werd gefinancierd door de FOD Volksgezondheid binnen het One Health Nationaal Actieplan tegen Antibioticaresistentie (2020-2024).

Coachen is motiveren

Voor veel bedrijven is de verplichting om een coach in te schakelen een eerstewake-upcalldat er ruimte is voor verbetering. Toch volstaat die externe druk meestal niet om blijvende resultaten te behalen. Minder antibiotica gebruiken vraagt vaak om aanpassingen in de dagelijkse werking van een bedrijf, en dat is niet altijd eenvoudig. Coaching helpt veehouders om verbeterpunten in kaart te brengen en stap voor stap aan te pakken.

Daarbij richt een coach zich niet alleen op praktische oplossingen, maar ook op de motivatie van de veehouder. Het doel is dat veranderingen niet alleen worden doorgevoerd omdat het moet, maar omdat de veehouder zelf overtuigd is van de voordelen voor de diergezondheid, de bedrijfsresultaten en de toekomst van het bedrijf.

Een oplossingsgerichte aanpak

De veehouder en bedrijfsdierenarts kennen het bedrijf het best en beschikken over veel kennis en ervaring. Daarom is een coach geen adviseur die komt vertellen wat er moet gebeuren, maar gaat hij samen met de betrokkenen op zoek naar oplossingen. Waar nodig kan de coach vrijblijvende ideeën aanreiken waarmee het bedrijf aan de slag kan.

Een coach is neutraal en onafhankelijk

Om de onafhankelijkheid van de coaching te garanderen, mag een coach tijdens het traject en tot 6 maanden nadien geen professionele of commerciële band hebben met het bedrijf of de bedrijfsdierenarts. Bovendien mag de coach gedurende 12 maanden na afloop van de begeleiding niet de rol van bedrijfsdierenarts opnemen. Dankzij die onafhankelijke positie kan de coach objectief begeleiden, zonder commerciële belangen of mogelijke belangenconflicten.

Daarnaast werpt een coach een frisse blik op het bedrijf. Veehouders en dierenartsen kennen hun bedrijf door en door, maar net daardoor vallen bepaalde knelpunten of verbeterpunten soms minder op. Een coach kan helpen om die 'bedrijfsblindheid' te doorbreken en om samen nieuwe oplossingen in kaart te brengen.

Een antibioticacoachingbezoek in de praktijk.
Een antibioticacoachingbezoek in de praktijk. - Foto: Nele Caeckebeke

Het belang van de bedrijfsdierenarts

Coaching is een samenwerking tussen de veehouder, de bedrijfsdierenarts en de coach. De bedrijfsdierenarts speelt daarbij een cruciale rol. In de eerste plaats helpt de dierenarts door het bedrijf op te volgen en te begeleiden, zodat problemen tijdig worden aangepakt en alarmgebruik zoveel mogelijk wordt vermeden.

Wanneer coaching toch nodig of verplicht is, blijft de dierenarts een belangrijke partner. Hij of zij neemt deel aan coachingbezoeken en denkt actief mee over mogelijke oplossingen. Dankzij de uitgebreide kennis van het bedrijf en de bedrijfsgeschiedenis kan de dierenarts waardevolle inzichten aanbrengen. Samen ondersteunen de coach en de bedrijfsdierenarts de veehouder bij het uitwerken en uitvoeren van acties.

Hoe ziet een antibioticacoachingtraject eruit?

Grondige voorbereiding De coach start het traject met een grondige voorbereiding. Daarvoor verzamelt hij of zij informatie over het bedrijf en stemt af met de bedrijfsdierenarts over onder andere de bedrijfsvoering, ziekteproblemen, diagnostiek en reeds genomen maatregelen. Zo krijgt de coach een goed beeld van de situatie op het bedrijf.

Eerste coachingbezoek Na deze voorbereiding brengt de coach een eerste bezoek aan het bedrijf. Daarbij zijn idealiter zowel de veehouder als de bedrijfsdierenarts aanwezig. Tijdens dit bezoek licht de coach het traject toe, bespreekt hij of zij het antibioticagebruik op het bedrijf en luistert naar het verhaal van de veehouder. Een stalrondgang maakt eveneens deel uit van het bezoek. Zo krijgt de coach een goed beeld van de bedrijfsvoering en van mogelijke aandachtspunten.

Actieplan opstellen Vervolgens wordt een actieplan op maat van het bedrijf opgesteld. Dat gebeurt in overleg tussen de coach, de veehouder en de bedrijfsdierenarts. Samen bekijken zij welke acties haalbaar zijn binnen de dagelijkse werking van het bedrijf.

Wie zelf kan meedenken over oplossingen, is vaak ook meer gemotiveerd om deze veranderingen toe te passen. Daarom zoekt men bij coaching samen naar haalbare acties waar iedereen achter staat. Vaak zijn enkele eenvoudige aanpassingen al voldoende om een duidelijk verschil te maken. Het gaat niet om zoveel mogelijk tegelijk te veranderen, maar om stap voor stap vooruitgang te boeken met maatregelen die werken op het bedrijf.

Opvolging Een actieplan opstellen is één ding, het in de praktijk brengen is iets anders. Daarom volgt de coach tijdens het traject het antibioticagebruik vanop afstand op en houdt hij of zij de voortgang van de afgesproken acties in het oog. Indien nodig neemt de coach contact op om bijkomende ondersteuning te bieden of om samen naar oplossingen te zoeken voor mogelijke knelpunten.

Zowel de veehouder als de bedrijfsdierenarts kunnen tijdens het hele traject bij de coach terecht met vragen of voor extra begeleiding. Tijdens een tweede coachingbezoek wordt de stand van zaken geëvalueerd. Samen bekijken de coach, veehouder en bedrijfsdierenarts welke maatregelen goed werken, waar nog uitdagingen liggen en welke bijkomende stappen mogelijk zijn. Indien nodig wordt het actieplan aangepast of worden extra bezoeken ingepland om het bedrijf verder te ondersteunen.

Initieel scepticisme maakt plaats voor waardering

Het verplichte karakter van coaching roept aanvankelijk vaak weerstand op. Veel veehouders hebben niet zelf voor deze begeleiding gekozen en vragen zich af wat een coach precies komt doen. Ook leven er soms zorgen over het kwaliteitslabel, bijkomende kosten of verplichte veranderingen. Die eerste twijfels verdwijnen echter vaak tijdens het traject. Naarmate de samenwerking vordert en concrete oplossingen worden uitgewerkt, groeit het vertrouwen. Zoals een van de veehouders in de studie aangaf: “Het was totaal anders dan ik verwacht had, ik dacht dat een coach echt met zijn vingertje kwam wijzen, maar dat was zeker niet het geval. Het was zeer opbouwend en dat vind ik belangrijk.” Ook andere veehouders bleken achteraf positief verrast door coaching: “Ik had verwacht dat dat een controleur ging zijn, iemand van de overheid die kwam zeggen wat er niet mag, maar geen oplossing had. Daar was ik heel bang voor, maar dat is niet gebleken.” Een andere deelnemer gaf aan: “Hier is dat goed verlopen, want die mens was zeer vriendelijk. Het was positiever dan ik in het begin dacht.”

Zowel veehouders als dierenartsen ervaren coaching uiteindelijk meestal als een meerwaarde, zeker als het antibioticagebruik daalt en het kwaliteitslabel behouden blijft. Een veehouder verwoorde dit als volgt: “Ik denk niet dat we vandaag zouden staan waar we staan als er geen coach geweest was.” Ook dierenartsen gaven aan dat coaching hun verwachtingen overtrof: “Ik moet ook wel toegeven dat ik niet had gedacht dat we hier zouden geraken, toch gedacht van, amai dat gaat op niks uitdraaien. Dus ik denk wel dat het uiteindelijk positiever uitgedraaid is.” Daarnaast gaven zij aan dat coaching ook voor hen een leerrijke ervaring was: “Ik heb 2 verschillende coaches gehad en ik heb van beiden wel dingen geleerd, dingen die ik nu ook mee toepas in de praktijk, dus dat was wel positief eigenlijk.” Verder merkten dierenartsen op dat coaching werd gewaardeerd door hun cliënteel: “De veehouders ervaren dat als positief. Ze hebben duidelijk gezegd na het eerste bezoek dat het heel goed was en dat ze blij waren dat we het zo deden.”

Sommige veehouders hadden gemengde gevoelens over de meerwaarde van coaching: “De coach kon niet veel meer doen dan zeggen: ‘Jullie zijn goed bezig, doe zo verder.’” In deze gevallen waren zowel de veehouder als de dierenarts voor de start van het coachingtraject al intensief bezig met het verlagen van het antibioticagebruik en hadden zij reeds allerlei maatregelen genomen. Daardoor werd de impact van coaching soms als beperkt ervaren. Tegelijk erkenden sommige veehouders dat de coach nog aanvullende inzichten kon bieden: “Het antibioticagebruik is aanzienlijk verminderd. Dat is niet alleen te danken aan de coach, maar hij heeft wel enkele waardevolle tips aangereikt.”

Coaching werkt

Coaching helpt bedrijven met alarmgebruik om op een haalbare en duurzame manier verbeteringen door te voeren. Daarbij werken veehouder, bedrijfsdierenarts en coach samen aan oplossingen die passen bij het bedrijf. De coach brengt als onafhankelijke partij een frisse kijk en helpt om praktische verbeteringen in kaart te brengen.

Enkele kernwoorden die coaching omschrijven.
Enkele kernwoorden die coaching omschrijven. - Beeld: Zoë De Mol

De ervaringen uit de praktijk tonen aan dat deze aanpak werkt: de meeste begeleide bedrijven slagen erin om hun gebruik succesvol te verlagen. Coaching is dan ook een waardevol hulpmiddel om samen duurzame resultaten te bereiken.

Zoë De Mol (UGent)

Lees ook in Varkens

Annick Borgugnons: “Onzichtbaar werk is niet minder belangrijk”

Varkens Op de grens van Bekkevoort met Scherpenheuvel, verscholen in het Prinsenbos, baten Annick Borgugnons (56) en haar man Guy Commers (58) een varkens- en akkerbouwbedrijf met verbreding uit. Vier generaties leven en/of werken rond deze boerderij. “Goed communiceren is de enige manier om vlot samen te werken.”
Meer artikelen bekijken