Aandachtspunten voor een sterke start van wintervlas
Een succesvolle teelt van wintervlas start met de juiste keuzes in het najaar. Zo verdienen het zaaitijdstip, de rassenkeuze en een doordachte onkruidbestrijding extra aandacht.

De belangstelling voor wintervlas blijft toenemen. Door de verschoven groeicyclus ontwikkelt wintervlas al in het najaar een sterker wortelstelsel, waardoor het gewas in het voorjaar beter bestand is tegen droogte en water uit diepere bodemlagen kan benutten.
Zaai op het juiste moment
Het ideale zaaitijdstip voor wintervlas ligt doorgaans tussen begin oktober en ongeveer 20 oktober. Het streefdoel is om vóór de winter planten te hebben die goed beworteld zijn en die ongeveer 5 tot 10 cm hoog staan. In dit stadium is de koudetolerantie het grootst.
Te vroeg zaaien verhoogt het risico dat de planten voor de winter te sterk uitgroeien. Wanneer het vlas hoger wordt dan 10 cm, neemt de kans op vorstschade duidelijk toe.
Te laat zaaien kan er dan weer voor zorgen dat het gewas onvoldoende ontwikkeld de winter ingaat. Stem het zaaitijdstip daarom af op het verwachte moment van de eerste vorst in jouw regio!
Zorg voor een goede bodemstructuur
Minstens even belangrijk is een goede bodemstructuur. Een goed ontwikkeld wortelstelsel helpt het gewas niet alleen door de winter, maar maakt het ook weerbaarder tegen droogte in het voorjaar..
Kies daarom percelen met een goede bodemstructuur en vermijd gronden met risico op verslemping, want slecht opgekomen planten zijn gevoeliger voor ziekten en koude.
Kies bewust je ras
Vorstgevoeligheid is een belangrijk selectiecriteria.. Verschillen tussen rassen zijn aanwezig, al blijft de uiteindelijke vorstschade ook afhankelijk van factoren zoals de duur en intensiteit van de vorst, sneeuwbedekking en bodemomstandigheden.
Naast winterhardheid spelen ook opbrengstpotentieel, ziektegevoeligheid, legergevoeligheid en vroegheid een rol.

Onkruidbestrijding vraagt aangepaste aanpak
De onkruidbestrijding in wintervlas verschilt van die in zomervlas. In het najaar kunnen er zich andere onkruiden ontwikkelen dan degene die we gewoonlijk in zomervlas terugvinden. Bovendien kunnen lage temperaturen en natte omstandigheden de werking en selectiviteit van herbiciden beïnvloeden.
Een vooropkomstbehandeling voer je het best uit binnen de 48 uur na het zaaien. Wees voorzichtig op lichte gronden en/of indien kort na de toepassing veel neerslag wordt voorspeld. Dit kan leiden tot fytotoxiciteitssymptomen op het vlas (vergeling, uitval…).
Nadien zijn er nog 2 mogelijke behandelingsmomenten: na de opkomst in het najaar of na de opkomst in het voorjaar. Voor najaarstoepassingen is voorzichtigheid geboden. Behandelingen kunnen de jonge vlasplantjes iets gevoeliger maken voor vorst. Een najaarsbehandeling is daarom enkel aan te raden wanneer de onkruiddruk voldoende hoog is. Vermijd zeker ook toepassingen bij grote temperatuursverschillen tussen dag en nacht en wanneer er vorst wordt verwacht.
In het voorjaar gebeurt een eventuele correctiebehandeling bij de herneming van de groei. Let erop dat er minstens 10 dagen zitten tussen een grassenbehandeling en een behandeling tegen breedbladige onkruiden.
Praktische teeltgids beschikbaar
Om telers te ondersteunen bij een succesvolle teelt van wintervlas heeft Inagro een praktische teeltgids opgesteld. In deze brochure vind je uitgebreide informatie over rassenkeuze, zaaitechniek, bemesting, onkruid-, ziekte- en insectenbeheersing, groeiregulatie, geldende toelatingen van gewasbeschermingsmiddelen...
De teeltgids werd opgemaakt binnen het demonstratieproject 'Wintervlas' als antwoord op het veranderende klimaat en bundelt de meest recente praktijkkennis en onderzoeksresultaten.





