10 miljoen euro voor vernieuwd risicomanagement voor landbouwsector
Vlaams minister van Landbouw Jo Brouns (cd&v) maakt volgend jaar 10 miljoen euro extra vrij voor een vernieuwd risicomanagement voor de land- en tuinbouwsector. Dat maakt deel uit van het begrotingsakkoord dat deze week door de Vlaamse regering werd beslist. Onder meer de brede weersverzekering wordt voortgezet, met enkele aanpassingen.

Bij de begrotingsbesprekingen stond de Vlaamse regering voor een tekort van bijna 2 miljard euro in 2027. De onderhandelingen verliepen moeizaam. Ook in het landbouwbudget moesten keuzes worden gemaakt. De beschikbare middelen worden voortaan gerichter ingezet. De tussenkomst in de kosten voor de ophaling en verwerking van dode landbouwdieren wordt bijvoorbeeld stopgezet.
Investeren in risicomanagement
Het vernieuwde risicomanagement vertrekt vanuit 3 principes: risico’s zoveel mogelijk voorkomen, landbouwbedrijven weerbaarder maken en ondersteuning bieden voor risico’s die landbouwers moeilijk zelf kunnen dragen. Via onder meer het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) en het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) worden landbouwers ondersteund bij investeringen in waterbeheer, bodemkwaliteit, oogstbescherming, dierenwelzijn, diergezondheid en klimaatadaptatie. Voor risico’s die ondanks die inspanningen moeilijk te voorkomen of te dragen zijn, blijven verzekeringen en gerichte publieke ondersteuning belangrijk. De brede weersverzekering vormt een belangrijke pijler in dat risicomanagement.
De brede weersverzekering bestaat sinds 2020 - toen het Rampenfonds stapsgewijs opgedoekt werd voor de landbouw - en laat Vlaamse land- en tuinbouwers toe om zich te verzekeren tegen verschillende weersrisico’s. Vlaanderen komt via een subsidie tussen in een deel van de verzekeringspremie. De huidige subsidieregeling loopt eind 2026 af. Vanaf 2027 wordt ze voortgezet en bijgestuurd. Want de belangstelling neemt af. In 2024 gaven 1.585 landbouwers via hun verzamelaanvraag aan een premiesubsidie te willen aanvragen. In 2025 waren dat er 1.059.
Bijsturingen nodig
Daarom wordt bekeken hoe de verzekering betaalbaarder, aantrekkelijker en voldoende voorspelbaar kan worden gemaakt. Daarbij worden onder meer de hoogte van de premiesubsidie, de verzekeringstaks en een mogelijke rol van Vlaanderen als herverzekeraar onderzocht. In dat laatste geval zou Vlaanderen een deel van het risico van verzekeraars opvangen.
“Onze landbouwers hebben hun inkomen voor een stuk letterlijk in openlucht staan. Eén zware hagelbui of een periode van extreme droogte kan maanden werk en investeringen tenietdoen. Het weer kunnen we niet veranderen, maar we kunnen landbouwers wel helpen om zich beter tegen de gevolgen te beschermen. Daarom zetten we de brede weersverzekering voort en sturen we ze bij waar dat nodig is. Zo maken we onze landbouwbedrijven weerbaarder tegen risico’s die ze zelf moeilijk kunnen dragen”, duidt minister Jo Brouns.
Europees geld voor kunstmest en energie
Vorige week heeft de Vlaamse regering al beslist dat er financiële noodhulp komt voor landbouwers naar aanleiding van de Midden-Oostencrisis. Niet met Vlaams, wel met Europees geld. De crisis in het Midden-Oosten veroorzaakt uitzonderlijke verstoringen op de markten voor meststoffen en energie. De sterke prijsstijgingen leiden tot hogere productiekosten, economische verliezen en betalingsproblemen voor landbouwers. Daardoor komt de economische leefbaarheid van landbouwbedrijven onder druk te staan en kan de landbouwproductie in de Europese Unie in het gedrang komen. De Europese Commissie voorziet daarom in uitzonderlijke financiële steun voor de zwaarst getroffen landbouwers. Vlaanderen werkt een maatregel uit die aansluit bij de doelstellingen en voorwaarden van die Europese steun. De Vlaamse regering hechte op 25 september haar principiële goedkeuring aan een voorontwerp van besluit hierover. Vlaanderen beschikt hiervoor over 4.133.821,06 euro aan Europese middelen.
Wildschade als deel van risicomanagement
Ook voor wildschade wordt verder gewerkt met 3 pijlers: preventie, responsabilisering en schadevergoeding. In de eerste plaats moet schade zoveel mogelijk worden voorkomen. Daarom is er ondersteuning voor preventieve maatregelen om gewassen te beschermen, zoals rasters, gaskanonnen en blaaspoppen. Ook de jachtsector draagt verantwoordelijkheid. Jachtrechthouders worden aangesproken om populaties van jachtwild, zoals everzwijnen, op een verantwoord niveau te beheren.
Wanneer ondanks preventie en beheer toch schade optreedt, vormt schadevergoeding het sluitstuk. Landbouwers die bijvoorbeeld te maken krijgen met door everzwijnen omgewoelde akkers kunnen onder bepaalde voorwaarden een schadevergoeding vragen. Bij schade door everzwijnen is een vergoeding mogelijk wanneer de schadelijder minstens & van de vereiste preventieve basismaatregelen heeft genomen en de dieren afkomstig zijn uit een gebied waar ze niet bejaagd of bestreden mogen worden.
Rendac-kosten
Tegenover de bijkomende middelen voor risicomanagement staan ook besparingen in de landbouwbegroting. De subsidie aan Rendac, het private bedrijf dat krengen van landbouwdieren ophaalt en verwerkt, wordt verminderd. De resterende tussenkomst waarmee Vlaanderen vandaag een deel van de kosten voor individuele landbouwers draagt, wordt stopgezet. Daardoor zullen veehouders, particulieren en vzw’s die kosten voortaan zelf moeten dragen.
“Ook in de landbouw moeten we budgettaire keuzes maken. Ik besef dat het stopzetten van deze tussenkomst voor veehouders een extra kost betekent en daar wil ik duidelijk over zijn. We kunnen niet elke bestaande subsidie behouden. Daarom kiezen we ervoor om de beschikbare middelen gerichter in te zetten op risico’s die landbouwers moeilijk zelf kunnen dragen”, zegt Vlaams minister van Landbouw Jo Brouns daarover.
Voor minister Brouns is het belangrijk dat er op de provisie voor de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) niet wordt bespaard. Ook op Blue Deal wordt niet bespaard. Behalve de Rendac-bijdrage zijn er nog enkele besparingen. Het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM) en bij het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek (ILVO) verliezen elk 5 % van hun werkingsdotatie. De Paardenloket-werking van het Paardenpunt wordt niet langer gesubsidieerd. Ten slotte wordt ook bespaard op de middelen uit het Klimaatfonds.
Beleid moet de ambities volgen
Het Algemeen Boerensyndicaat (ABS) begrijpt dat er in moeilijke tijden moeilijk keuzes moeten worden gemaakt. “In moeilijke tijden is ondernemerschap belangrijk, ook in de landbouw en voedingssector. De septemberverklaring lijkt dat te erkennen. Maar met beloftes doen we het niet, zeker als de beloftes uit het verleden nog niet ingelost zijn. Eigenlijk moeten we blij zijn dat deze begrotingsronde achter de rug is en dat de Vlaamse regering met minister van Landbouw Jo Brouns voorop nu volop werk kan maken van een landbouw- en voedselbeleid dat ook economisch duurzaam is en waar onze Vlaamse landbouwers, jong en oud, terug toekomst in zien. Dit najaar liggen er alvast verschillende stevige landbouwdossiers op tafel. Deze zullen meer de toekomst van de landbouw bepalen dan wat er nu in de septemberverklaring van Matthias Diependaele staat. Hopelijk onthouden de verschillende partijen de boodschap die ze nu zelf geven:, namelijk dat men de landbouw ruimte moet geven om duurzaam te ondernemen”, stelt Mark Wulfrancke van ABS.
Ook Boerenbond verwelkomt de expliciete erkenning van de agrovoedingssector als wereldspeler door de Vlaamse regering in de Septemberverklaring. “De uitgesproken ambitie om landbouwers ruimte te geven om te ondernemen en hen te ondersteunen bij de gevolgen van steeds extremere weersomstandigheden, dat is een stap in de goede richting. Maar landbouwers vragen vooral een beleid dat vertrouwen en zekerheid geeft. Dat begint bij rechtszekerheid, administratieve eenvoud en voldoende landbouwgrond om te kunnen investeren en ondernemen. De minister-president heeft daarnaar verwezen, nu is het tijd om die aangekondigde ambities ook daadwerkelijk waar te maken”, reageert Lode Ceyssens, voorzitter van Boerenbond.





