Nieuw kwaliteitslabel biedt antwoorden op duurzaamheidsvragen over rundvlees

Als het duurzaamheidslabel Pré De Chez Nous aanslaat bij de consument, kunnen op termijn ook Vlaamse rundveehouders hierbij aansluiten.
Als het duurzaamheidslabel Pré De Chez Nous aanslaat bij de consument, kunnen op termijn ook Vlaamse rundveehouders hierbij aansluiten. - Foto: FVDL

D e initiatiefnemers achter het nieuwe label willen een ant-woord bieden op 3 imago-uitdagingen waar de sector van het Belgische rundvlees voor staat: uitstoot en milieu-impact, dierenwelzijn en de competitie tussen voeding voor dier en mens. Die 3 aspecten pakken ze aan met een lokaal verhaal dat zowat de hele keten beslaat. “De antwoorden die we geven, moeten het voor de slager makkelijker maken om met zijn klanten dergelijke onderwerpen aan te kaarten. We hebben hier lang over nagedacht en bekeken wat er mogelijk en haalbaar was, en we geloven hard in het welslagen van dit label”, zegt veehouder Cédric Bilocq uit Heinsch (Fauvillers), één van de eersten die zich meldden voor het label.

Dierenwelzijn is één van de aspecten om te voldoen aan de voorwaarden van Pré De Chez Nous. “De runderen moeten minstens 6 maanden op de weide staan en er zijn bepalingen over de oppervlakte die ze moeten hebben in de stallen, over de ventilatie en over hoeveel (dag)licht ze daar krijgen. Alle voorwaarden hebben wij in een lastenboek neergeschreven. Voorlopig zijn we nog maar met een tiental veehouders en is er enkel een interne controle van die voorwaarden. Zodra dit label officieel erkend wordt door de Waalse overheid, volgen er onafhankelijke inspecties om na te gaan of iedereen in het systeem aan alle voorwaarden voldoet”, zegt Pierre Mailleux, veehouder in Fernelmont, die met Sobemax één van de partners is in het Pré De Chez Nous-verhaal.

Borstels

Elke box in de stallen moet een verzorgingsborstel hebben waar de runderen zich op elk moment kunnen aan krabben. Die verzorgingsborstels staan een beetje symbool voor het engagement van de veehouders die hun schouders zetten onder Pré De Chez Nous. Het is een kleine investering en inzake dierenwelzijn is het misschien geen gigantisch voordeel, maar een veehouder die ze heeft of wil plaatsen, toont dat hij alle bepalingen in het bestek van het label ernstig neemt.

Iets duurder

Bilocq en andere collega’s geven bij de start van het label aan dat de voorwaarden van het bestek best haalbaar zijn. Wel zijn er een aantal vaste partners: Dumoulin voor het voer, veehandel Sobemax, vleesversnijder Viande De Liège en grossier Bernard Gotta voor het verdelen van het vlees bij de onafhankelijke slagerijen, zowel in Wallonië als in Vlaanderen. Het voeder van Dumoulin is volgens de producent maar een klein beetje duurder dan andere, maar de veehouder krijgt dan ook een net iets betere prijs voor zijn product.

Voor de consument zal het Pré De Chez Nous-vlees maar een fractie duurder zijn, beloven de initiatiefnemers. Het lastenboek en de samenwerking met een aantal vaste partners moet er mee voor zorgen dat de consument in elk verkooppunt inzake smaak en kleur een zo goed als identiek stuk vlees kan vinden. De onafhankelijke slagers krijgen allerlei promotiemateriaal om aan de klanten duidelijk te maken waar het label voor staat.

Methaanreductie

Het EuroClim-voeder van Dumoulin (Arvesta) zit in het pakket van Pré De Chez Nous. “De runderen grazen op de weides, maar het veevoeder is een belangrijk aspect. Wij gebruiken voor EuroClim bijvoorbeeld geen Braziliaanse soja of andere ingrediënten die op een ander continent geteeld worden. We gebruiken dus geen genetisch gemodificeerd veevoeder, maar wel zo lokaal mogelijk geproduceerde plantaardige ingrediënten uit België en uit de buurlanden. Voor de ecologische voetafdruk van het vlees dat de consument koopt, scheelt dat alleen al voor het transport heel wat inzake CO2. De totale CO2-uitstoot van het vlees ligt ruim 20% lager dan bij ander rundvlees. Wij voegen ook geëxtrudeerd lijnzaad toe aan het voer, wat een methaanreductie met zowat een derde oplevert en wat tegelijk zorgt voor een hoger gehalte aan Omega 3. Bovendien zitten in EuroClim voor 80% een aantal reststromen van de voedingsindustrie, die dus geen concurrentie vormen voor de voeding voor mensen”, zegt Vincent Rabeux van Dumoulin.

Politieke steun

Het label krijgt heel wat steun. Federaal Landbouwminister David Clarinval staat volledig achter de doelstellingen van Pré De Chez Nous en prijst de kracht van de lokale productie om zelf initiatieven te nemen inzake de reductie van CO2. “Hoewel de landbouw in het algemeen en de veehouderij in het bijzonder vaak ten onrechte worden bekritiseerd, is het opmerkelijk om dit initiatief te ontdekken en te kunnen steunen: smakelijk vlees, lokale productie, dierenwelzijn en een vermindering van de CO2-voetafdruk met 21%. Ik wens alle succes aan al onze Waalse ondernemers die de sprong hebben gewaagd”, besluit minister Clarinval.

Waals minister van Klimaat Philippe Henry is tevreden met de inspanningen van de sector om dierenvoeding uit Zuid-Amerika te weren en om te helpen met het evenwicht tussen food en feed.

Filip Van der Linden

Meest recent

Meest recent