Nieuwe Nederlandse regering heeft ambitieuze plannen
Nederland heeft een nieuwe regering. Het is een minderheidskabinet van VVD (liberaal), CDA (christendemocratisch) en D66 (sociaalliberaal). Omdat deze coalitie geen meerderheid heeft in het parlement, moet voor elke te nemen maatregel steun gezocht worden bij oppositiepartijen.

De 3 Nederlandse partijen hebben een regeerakkoord voorgesteld. Daarin staat onder meer dat Nederland van het ‘stikstofslot’ af moet.
Het Nederlandse stikstofprobleem houdt de agrarische sector in grote onzekerheid, belemmert de ontwikkeling van de economie en gaat ten koste van de natuur. “Als we Nederland van het stikstof-slot halen, kunnen ondernemers weer ondernemen, krijgen PAS-melders, interimmers en boeren weer perspectief, kunnen we woningen bouwen en kunnen we de natuur en biodiversiteit, die onder grote druk staan, herstellen”, klinkt het beloftevol in het nieuwe Nederlandse regeerakkoord.
Stikstoffonds keert terug
Het recept om de Nederlandse stikstofcrisis op te lossen, halen ze uit het recente verleden. “We bouwen voort op de voorstellen die verschillende partijen en overheden in de afgelopen jaren al hebben gedaan. Met dit pakket ontstaat op korte termijn ruimte voor bouw en bedrijfsleven om te bouwen en te verduurzamen, wordt maatwerk toegepast om PAS-melders te kunnen legaliseren en komt de vergunningverlening weer op gang. Om de uitvoering, monitoring en handhaving mogelijk te maken, is geld nodig. Daarom reserveren we tot 2035 voldoende middelen en herstellen we het Stikstoffonds voor onder meer natuurherstel, gebiedsontwikkeling en de landbouwtransitie, met als doel een (juridisch) aantoonbare stikstofreductie.” Het Nederlandse Stikstoffonds was door de vorige regering opgedoekt, onder druk van de toenmalige regeringspartij BoerBurgerBeweging (BBB).
De nieuwe Nederlandse regering wil de kritische depositiewaarde (KDW) zo snel als mogelijk vervangen door een juridisch houdbaar alternatief. Daarbij wordt gestuurd op reductie van emissies en wordt uitgegaan van de feitelijke staat van de natuur. Ze voert een nieuwe vergunningsverleningssystematiek in, gebaseerd op doelvoorschriften.
Stikstofdoelen in de wet
Er worden stikstofdoelen voor 2035 per sector in de wet vastgelegd, met een tussendoel in 2030. Deze doelen zijn: 42%-46% ten opzichte van 2019 voor de landbouw, 50% voor de industrie en 50% voor mobiliteit. Voor de landbouw wordt voor 2030 als streefdoel een bandbreedte van 23–25% reductie ten opzichte van 2019 vastgesteld.
In een gebiedsgerichte aanpak worden, in overleg met de provincies, door de nieuwe Nederlandse regering specifieke doelen per gebied vastgesteld, en zodra dat mogelijk is ook per bedrijf. Door deze doelsturing krijgt elke Nederlandse boer(in) duidelijkheid over hoeveel het bedrijf mag uitstoten en komt hij of zij zo zelf aan het stuur.
Met een goed meetnetwerk monitort Nederland elke 2 jaar de landelijke en regionale voortgang en wordt er bijgestuurd als het nodig is. Voor stikstof breidt men de depositie-, bodem- en satellietmetingen uit om modellen te valideren en om emissies van NH₃ en NOₓ te monitoren.
Als doelen niet worden gehaald
Als het 2030-streefdoel niet wordt gehaald, zullen in overleg aanvullende maatregelen getroffen worden. Als in Nederland het stikstofdoel van 2035 niet wordt gehaald, zal als ultieme remedie worden ingekort op dier- of fosfaatrechten bij landbouwbedrijven. Ook de industrie en mobiliteit moeten maatregelen nemen als zij de gestelde doelen niet halen. Bij een gebleken geborgd reductiepakket wordt zo snel mogelijk een juridisch houdbare, rekenkundige ondergrens ingevoerd in Nederland.
Aanvullend wil de nieuwe Nederlandse regering de wettelijke basis verbeteren voor dier- en fosfaatrechten en wordt die uitgebreid naar kalveren en geiten. Wanneer een bedrijf overgaat naar een nieuwe eigenaar buiten de familie worden dier- en fosfaatrechten afgeroomd. Dit vergt een verbreding van een al bestaande juridische grondslag die is gekoppeld aan de mestproductieplafonds. Nog voor deze zomer worden de verschillende afromingspercentages na overleg met de betrokken partijen vastgesteld.
Stoppersregeling behouden
De vrijwillige beëindigingsregelingen blijven behouden en richten zich straks nog meer op veehouderijlocaties in een strook rond een overbelast Natura 2000-gebied of op verouderde bedrijven, met als doel natuurwinst en effectieve stikstofreductie. Er komt een afzonderlijke regeling voor het versneld uitfaseren van verouderde Nederlandse landbouwbedrijven. De nieuwe aanpak om stikstof te reduceren richt zich op de meest stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden die nog niet onder de norm zitten, met vrijwillige en meer verplichtende maatregelen.
Rondom Nederlandse Natura 2000-gebieden komt een zonering die voldoende groot is om de doelen voor dat natuurgebied te halen. Ze starten met de meest kwetsbare gebieden. In overleg met de provincies worden de zonering en de bijbehorende doelen en maatregelen van de meest kwetsbare gebieden vastgesteld. In de zones dicht bij de natuur zal een hogere emissiereductie nodig zijn en past de provincie een gebiedsgerichte aanpak toe: innoveren, extensiveren, omschakelen, verplaatsen of beëindigen.
Op plekken waar het kan, krijgt landbouw in Nederland dan weer de ruimte. Om verplaatsing mogelijk te maken voor bedrijven die weg willen uit de omgeving van natuurgebieden, komt er, naast regionale grondbanken, een integrale nationale grondbank. Met langjarig structuurbeleid, regie en stimulerende regelingen wil de Nederlandse regering ervoor zorgen dat gronden en bedrijfslocaties van boeren zonder bedrijfsopvolgers worden verschoven naar (jonge) boeren die door willen gaan.
Compensaties en uitkoop
Als Nederlandse boeren hun bedrijf moeten aanpassen of als in het gebiedsproces duidelijk wordt dat zij hun bedrijf niet op dezelfde plek kunnen voortzetten, komen er compensaties voor extensivering, verplaatsing of in het uiterste geval voor uitkoop, waardedaling van grond en/of andere schade. Boeren die verduurzamen of omschakelen naar minder intensieve of meer natuurinclusieve landbouw, krijgen ondersteuning.
AI, drones, groen gas, sensortechnologie, robotisering, biotechnologie/genetica, kweekvlees en innovatieve fermentatie dragen volgens het Nederlandse minderheidskabinet allemaal bij aan de voedselproductie van de toekomst. “Met subsidies en kredieten ondersteunen we private investeringen. Door goed samen te werken met het agrarische bedrijfsleven en kennisclusters kunnen we bewezen innovaties die goed aansluiten bij een toekomstbestendig en duurzaam voedselsysteem opschalen en uitrollen”, zeggen de 3 regeringspartijen in het akkoord.
Gewasbeschermingsmiddelen
Met de glastuinbouw en de akkerbouw wil de nieuwe Nederlandse regering nationale, bindende convenanten sluiten om het gebruik van schadelijke gewasbeschermingsmiddelen (op basis van milieubelastingspunten) fors te beperken.
Er komt meer ruimte voor geïntegreerde gewasbescherming. In Europees verband wil Nederland inzetten op het toestaan van veredelingstechnieken Crispr-Cas en cisgenese bij de veredeling van planten.
Het Nederlandse kabinet voert vanaf 2029 een norm in voor methaanremmers in veevoer. Er wordt in deze kabinetsperiode ook een landelijke autoriteit voor dierwaardige veehouderij ingesteld. Die zal verantwoordelijk zijn voor de monitoring van de dierwaardigheidsnormen.





