Brouns: Heel Vlaanderen kan de maatregel toepassen, behalve Antwerpen
Het Stikstofdecreet, in 2024 goedgekeurd door N-VA, cd&v en Open Vld (nu Anders), legt een tussentijdse emissiereductie op van 5 % voor dit jaar. Om aan die 5 % te komen, kunnen rundveehouders dierplaatsen tijdelijk buiten gebruik stellen. De provincie Antwerpen, bestuurd door N-VA en Vooruit, stelt als enige provincie dat ‘tijdelijk’ dan ‘definitief’ is. Het debat hierover in de commissie Landbouw op 11 maart verliep heel geanimeerd.

Via het Stikstofdecreet voorziet de overheid voor Vlaamse rundveehouders het tijdelijk buiten gebruik stellen van dierplaatsen, omdat er nog niet voor alle categorieën voldoende emissiereducerende maatregelen (stalvloeren en dergelijke) kunnen genomen worden. Van zodra die lijst met maatregelen aangevuld is, kunnen veehouders er dan in principe voor kiezen om ofwel later die maatregelen in te zetten of hun aantal dieren blijvend te verminderen. Als enige provincie in Vlaanderen gaat de provincie Antwerpen daartegen in door het verminderen van de dierplaatsen altijd als definitief te beschouwen.
Vragen over rechtszekerheid
Volgens Vlaams parlementslid An Hermans van N-VA staat in het Stikstofdecreet niet concreet ingevuld of het nu om een tijdelijke of een structurele buitengebruikstelling moet gaan. “Minister Brouns heeft dat hiaat ingevuld door eigen richtlijnen, maar het is uiteraard nog de vraag of zulke interpretaties die decreetbepaling kunnen aanvullen of verduidelijken. De provincie Antwerpen heeft de visie dat het aantal dierplaatsen een element is dat tot de essentiële kern van een omgevingsvergunning behoort en niet zomaar als een tijdelijke, bijzondere voorwaarde zou kunnen worden opgenomen”, zegt Hermans.
An Hermans benadrukt in de commissie Landbouw herhaaldelijk dat de N-VA zeker niet tegen een tijdelijke buitengebruikstelling is als maatregel voor voldoende flexibiliteit, zeker in het licht van het feit dat er heel wat AER-technieken nog een proces moeten doorlopen vooraleer ze operationeel en implementeerbaar zijn. “Maar we moeten wel voor voldoende juridische zekerheden zorgen. Het is net dat waar de provincie Antwerpen op duidt”, stelt Hermans.
Antwerpen zorgt voor rechtsonzekerheid
Rechtszekerheid lijkt het kernwoord te zijn in de hele discussie. Hermans van N-VA stelt dat de provincie Antwerpen naar rechtszekerheid streeft, terwijl de andere politieke partijen Antwerpen net verwijten dat net in die provincie voor rechtsonzekerheid gezorgd wordt. “De provincie Antwerpen houdt vast aan een interpretatie waarbij enkel definitieve afbouw van de veestapel wordt erkend. Het gevolg is dat net in deze provincie, en alleen daar, rundveehouders in totale onzekerheid verkeren. Dossiers blijven liggen. De deadline van de mestbankaangifte nadert. Landbouwers worden gedwongen tot onomkeerbare beslissingen met zware economische en familiale gevolgen. Dit terwijl tijdelijke maatregelen net bedoeld waren om bedrijven ademruimte te geven tot robuuste en betaalbare technieken beschikbaar zijn. Dit gaat over het voortbestaan van honderden rundveebedrijven”, stelt Dries Devillé van Vlaams Belang.
Enkel in Antwerpen andere spelregels
“Veehouders in de provincie Antwerpen vragen zich af hoe het mogelijk is dat er andere spelregels zijn voor een boer in de Kempen dan voor een in Limburg of West-Vlaanderen”, zegt Mien Van Olmen van cd&v. “Enkel in Antwerpen stelt men dat de communicatie van minister Brouns louter geldt als toelichting of verduidelijking bij de reductiebepaling uit het Stikstofdecreet en dat ze, bij gebrek aan decretale verankering, geen normatieve kracht zou hebben. Alle andere Vlaamse provincies zien daar blijkbaar geen probleem in, want zij passen de regel van de tijdelijke buitengebruikstelling wel toe. Binnen de Antwerpse bestuursmeerderheid blijkt er overigens ook onenigheid te zijn, want Jinnih Beels van Vooruit, de gedeputeerde bevoegd voor Landbouw, verklaarde in de provincieraad zich wel te kunnen vinden in de voorgestelde tussentijdse aanpak en vond een gefaseerde aanpak te verdedigen”, zegt Van Olmen.
Geen ministrieel besluit nodig
Volgens Vlaams minister van Landbouw en Omgeving Jo Brouns (cd&v) is er terzake geen ruimte voor ‘interpretaties’. “Het voldoen aan de tussentijdse reductiedoelen door middel van een melding van een tijdelijke buitengebruikstelling van het aantal dierplaatsen is een mogelijkheid die voortkomt uit het artikel 8 van het Stikstofdecreet. Dat wordt daarom als een optie voorzien in het Omgevingsloket. Ik hoefde daar geen ministerieel besluit voor te nemen. Wat betreft de tussentijdse reductiedoelstelling van 5 procent zijn zowel het Stikstofdecreet als de implementatie daarvan in het Omgevingsloket heel helder. Het is dan ook aan elke betrokken overheid om daarin de nodige zorgvuldigheid aan de dag te leggen en geen bijkomende rechtsonzekerheid te creëren voor haar ondernemers”, stelt minister Brouns.
Gewoon de toepassing van het decreet
Minister Brouns wijst erop dat hij geen toezichthoudende overheid is ten aanzien van de provincie Antwerpen. Volgens An Hermans is dat Vlaams minister Hilde Crevits (cd&v). Een aantal partijen roepen toch minister Brouns op om in dialoog te gaan met de provincie Antwerpen. Zelf verwacht hij daar weinig heil van. “Ik stel vast dat heel Vlaanderen het begrepen heeft. Iedereen is hier voorstander van, zelfs de gedeputeerde van Landbouw in de provincie Antwerpen. Maar toch stel ik vast dat men in Antwerpen niet in staat is om het toe te passen. Wij vragen gewoon de toepassing van het decreet. Indien het zou gaan over bedrijven in de haven van Antwerpen, ben ik heel erg benieuwd of men dan dezelfde starre houding zou aannemen”, zegt minister Brouns.
In An Hermans van N-VA, die herhaaldelijk benadrukte dat haar partij niet tegen het tijdelijke karakter van de maatregel gekant is, vindt minister Brouns een bondgenoot. “Ik voel enorm veel bondgenootschap om de collega's in Antwerpen te overtuigen. Het is natuurlijk altijd veel gemakkelijker als we daarin de steun hebben van de N-VA-fractie. Dat zou een heel positief signaal zijn vanuit Vlaanderen richting de provincie Antwerpen”, besloot minister Brouns de discussie.
Provincie is aan zet
Op de provincieraad van Antwerpen 26 maart komt het onderwerp opnieuw op tafel, via een motie van het Vlaams Belang waarbij gevraagd wordt dat de deputatie het toestaat dat landbouwers gebruik kunnen maken van de mogelijkheid om via tijdelijke buitengebruikstelling van dierplaatsen de 5% ammoniakemissie-reductie te behalen.





