Vertrouwen van Vlaamse landbouwers gedaald
De Vlaamse landbouwconjunctuurindex daalt in het voorjaar van 2026 van 86 punten naar 75. Deze terugval hangt vermoedelijk samen met het gedaalde vertrouwen van de landbouwers, veroorzaakt door geopolitieke spanningen maar ook door afzetproblemen en stijgende energieprijzen. Dat blijkt uit de zesmaandelijkse landbouwconjunctuur-enquête, waaraan 485 landbouwers uit het Landbouwmonitorings-netwerk (LMN) deelnamen in maart.

Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij maakt elk half jaar een conjunctuurindex op. Vorig jaar deze tijd steeg de Vlaamse landbouwconjunctuurindex nog naar het hoogste niveau sinds 2017. Een jaar later is de situatie alweer veranderd. De tevredenheid over de voorbije zes maanden zakte van 91 punten naar 74, terwijl het toekomstperspectief amper daalde, van 80 punten naar 77.

De conjunctuurindex weerspiegelt het sentiment onder landbouwers: hoe beoordelen zij de afgelopen periode en wat verwachten zij van de toekomst? De index varieert van 0 (alle landbouwers heel negatief) tot 200 punten (alle landbouwers heel positief). Bij een waarde van 100 zijn er evenveel positieve als negatieve antwoorden van landbouwers.
De afgelopen maanden werden gekenmerkt door verschillende geopolitieke spanningen, waaronder de aanhoudende oorlog in Oekraïne, de Amerikaanse invoertarieven en recent ook het escalerende conflict in Iran. Deze ontwikkelingen hebben zichtbaar invloed op de wereldwijde energieprijzen en lijken bovendien een belangrijke rol te spelen in het gedaalde vertrouwensniveau bij onze land- en tuinbouwers.
Bijna overal daalt het vertrouwen
Met uitzondering van de varkenssector en de glasgroenten noteren alle landbouwdeelsectoren een daling in het vertrouwen. De Belgische aardappelmarkt blijft bijzonder kwetsbaar door de grote voorraad vrije aardappelen, wat de prijsvorming sterk onder druk zet. In de melkveehouderij leidt de recente daling van de melkprijzen, na een uitzonderlijk gunstige periode, tot een merkbare terugval in het vertrouwen. In de tuinbouwsector laten enkel de glasgroenten een stijging optekenen. Alle andere subsectoren kennen een vrij uitgesproken daling. Ook in de openlucht-groenteteelt is het sentiment negatief: de contractonderhandelingen verliepen moeizaam, omdat zowel de voorgestelde prijzen als de volumes aanzienlijk lager lagen dan gebruikelijk.
Meer overheidsbeperkingen
De afgelopen 6 maanden heeft 78% van de land- en tuinbouwers belemmeringen ervaren. Overheidsbeperkingen vormen met 47% de grootste uitdaging en worden vooral gemeld in de dierlijke sectoren. De aanhoudende onzekerheid over het stikstofdecreet en de impact van het mestactieplan (MAP 7), inclusief de bijkomende administratieve lasten, wegen daar duidelijk zwaar op de bedrijfsvoering. Opvallend is dat de sector groenten onder glas zich het minst geremd voelt door dergelijke overheidsbeperkingen.
Meer afzetproblemen
Het aandeel landbouwers met afzetproblemen stijgt naar het hoogste niveau sinds 2015: 31%. Vooral de sectoren groenten in open lucht (64%), sierteelt onder glas (50%) en fruitteelt (46%) kampen ermee. Zoals gebruikelijk in de voorjaarsenquête zijn de weergerelateerde problemen sterk afgenomen (tot 15%), omdat de oogst grotendeels achter de rug is en de veldomstandigheden dit voorjaar gunstig waren. Ten slotte maken landbouwers vaker melding van financiële problemen, terwijl dier- en plantenziekten minder vaak genoemd worden dan in voorgaande bevragingen. De melding van financiële problemen liggen in deze conjunctuurindes wat hoger dan in vorige 5 bevragingen, met nu de hoogste meldingen in de sectoren varkens (34%), sierteelt (31%) en vleesvee (28%). Slechts 6% van de fruittelers melden financiële problemen.
Minder investeringen
Het aandeel land- en tuinbouwers die het komende jaar willen investeren, daalt van 40% naar 36%. De geplande investeringen richten zich in de eerste plaats op gebouwen en installaties (24%). Werktuigen en machines blijven het tweede belangrijkste investeringsdomein, maar zakken voor het tweede jaar op rij, naar 16%. Daarnaast overweegt 11% van de bedrijven te investeren in grond. Slechts 3% heeft plannen voor investeringen in productie- en leveringsrechten.







