Voormalige leidinggevenden van Veviba zijn veroordeeld
De correctionele rechtbank van Neufchâteau heeft de 2 voormalige leidinggevenden van het vleesbedrijf Veviba op 14 april veroordeeld tot gevangenisstraffen van respectievelijk 1 jaar en tien maanden. Het Veviba-slachthuis in Bastenaken kwam in 2018 in opspraak wegens fraude met de invriesdata op de etiketten.

Diederik en Lodewijk Verbist hebben gevangenisstraffen van respectievelijk 1 jaar en 10 maanden gekregen. Ze moeten ook 16.000 en 12.000 euro schadevergoeding betalen. Een andere leidinggevende, de voormalige verkoopverantwoordelijke, is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden en een boete van 8.000 euro. Een slager, de verantwoordelijke van de ingewandenafdeling en een it-medewerker zijn vrijgesproken.
Opbrengsten verbeurd verklaard
De 5 bedrijven die in deze zaak werden aangeklaagd, zijn veroordeeld tot voorwaardelijke boetes variërend van 4.000 tot 64.000 euro. De rechtbank heeft ook bijna 550.000 euro aan opbrengsten en voorraden verbeurd verklaard. Bij 3 van de veroordeelden werden ook bedragen tussen 100.000 en 250.000 euro verbeurd verklaard.
De Veviba-affaire ging aan het rollen na een melding uit Kosovo over bedorven diepvriesvlees van een bedrijf in Bastenaken. In 2018 vielen inspecteurs binnen in het slachthuis van Verbist. Toen bleek dat het bedrijf gesjoemeld had met etiketten op ingevroren vlees en vlees verwerkt zou hebben dat niet geschikt is voor menselijke consumptie, werd de erkenning ingetrokken door de toenmalige minister van Landbouw.
Valsheid in geschrifte
Verschillende leidinggevenden en medewerkers van het bedrijf moesten vervolgens voor de rechter verschijnen. De beklaagden stonden terecht voor het in de voedselketen brengen van afval, valsheid in geschrifte en het gebruik van valse documenten. Ook het niet nakomen van de verplichtingen op het gebied van hygiëne en de traceerbaarheid van producten werd hun ten laste gelegd.





