Behandelingsdrempel op meerdere percelen overschreden
Het Landbouwcentrum Granen Vlaanderen (LCG) volgde ook in de eerste week van mei de ziekteontwikkeling in wintertarwe verder op.

Gele en bruine roest blijven net als voorgaande weken verder uitbreiden. Voor beide bladziekten wordt de behandelingsdrempel op meerdere percelen overschreden. Bladseptoria moet op dit moment goed geëvalueerd worden.
Witziekte blijft minder frequent aanwezig. Deze bladziekte toont zich nog steeds eerder stabiel. Waar veel en hevige regen is geweest, kan het schimmelpluis zijn afgespoeld. De regenachtige omstandigheden remmen een verdere uitbreiding af.
Bladseptoria is overal aanwezig. Bij het vorderen van de stadia wordt het in meerdere situaties nodig om te behandelen. Een behandeling is niet standaard nodig maar de evolutie ervan en het opklimmen in het gewas moet opgevolgd worden. Voor deze schimmel is het regenachtige weer wel gunstig.
Gele roest blijft uitbreiden. Opnieuw wordt de schimmel op meer percelen aangetroffen en nam de gemiddelde aantasting toe. Op meerdere percelen is de behandelingsdrempel bereikt. Een goede opvolging van de situatie blijft nodig.
Bruine roest breidde ook opnieuw verder uit. Net als vorige week wordt bruine roest op meer percelen waargenomen en blijkt een verdere toename van de gemiddelde aantasting. Meerdere percelen hebben de behandelingsdrempel voor bruine roest overschreden. Ook bruine roest moet verder opgevolgd worden.
Ontwikkelingsstadia
Ongeveer 6 op 10 van de waarnemingspercelen bevindt zich in de laatste stadia van de stengelstrekking, namelijk 33% in stadium 37 (laatste blad zichtbaar) en 28% in stadium 39 (laatste blad volledig ontrold). Ongeveer een vijfde van de percelen (18%) is niet verder dan stadium 33 (3e knoop voelbaar). Achttien % van de percelen zit in de fase van de aarzwelling en daar is deze in meer of mindere mate merkbaar (stadium 41-49). In een enkel geval is de aar voor een kwart zichtbaar (stadium 53).





