Startpagina Bieten

“Productie, kwaliteit en consumptie moeten bepalen hoe de markt zich gedraagt”

Terwijl we nog druk bezig waren met het zaaien van bieten, sprak ik met Erwin Boonen, directeur grondstoffen bij de Tiense Suikerraffinaderij, over de markten en vooruitzichten van suiker. Deze grondstof is niet zeldzaam, maar wel waardevol in de ogen van boeren en ongetwijfeld nog waardevoller voor consumenten en speculanten.

Leestijd : 8 min

Om de huidige markt te begrijpen, duiken we even in het verleden, naar de afschaffing van de quota in 2017. “Vóór deze verandering beheerde de Europese Unie het suikeraanbod op de Europese markt”, vertelt Erwin Boonen. “Dit beheer was minder streng dan vóór 2008, maar had nog steeds impact. In 2017 werd het afgeschaft en werd de markt geliberaliseerd. In de praktijk betekende dit dat we alle suiker die we wilden voor menselijke consumptie, konden verkopen, terwijl we voordien een vastgestelde hoeveelheid moesten produceren. Als gevolg hiervan, en misschien achteraf gezien niet helemaal terecht, besloten bijna alle suikerproducenten hun investeringen terug te verdienen door de productie te verhogen. Door een samenloop van omstandigheden viel deze verhoging samen met een jaar met hoge opbrengsten, en dit niet alleen in Europa. Dit alles leidde tot een scherpe prijsdaling en daardoor ging Europa door een zeer moeilijke periode. Die duurde tot begin 2020.”

Destijds waren de eerste tekenen van stijgende prijzen zichtbaar. Dit was zonder rekening te houden met de coronacrisis en met de logistieke gevolgen daarvan: “We zagen een afname in transport en daardoor ook in het gebruik van bio-ethanol, wat leidde tot een verdere daling van de suikerprijzen”, legt Boonen uit. “In Europa heeft de hele sector daarom de productie verlaagd. Indiase en Braziliaanse producenten deden hetzelfde en verminderden hun suikerrietareaal. Verschillende Europese suikerconcerns sloten fabrieken en boeren plantten minder bieten. Al deze acties resulteerden in de jaren 2022 en 2023 tot redelijke opbrengsten, tot een licht tekort en een onevenwicht tussen vraag en aanbod.”

“Het zijn marktelementen zoals productie, consumptie of kwaliteit die bepalen hoe de markt zich gedraagt”, zegt Erwin Boonen.
“Het zijn marktelementen zoals productie, consumptie of kwaliteit die bepalen hoe de markt zich gedraagt”, zegt Erwin Boonen. - Foto: Tiense Suiker

Voorzichtige houding van Europa

Sindsdien hebben diverse Europese suikerraffinaderijen besloten om niet al te sterk te reageren op deze prijsstijging, uit angst voor marktvolatiliteit en om het risico op destabilisatie te vermijden. “Wij hoorden daarbij. Sommige landen bleven echter meer produceren vanwege de aantrekkelijke prijzen. Deze periode viel ook samen met een enorme tarweaanvoer uit Oekraïne en dus lagere prijzen voor tarwe. Diens buurlanden en Frankrijk kozen er dan maar voor om aanzienlijk meer suikerbieten te produceren. De suikeraanvoer was daardoor substantieel.”

In 2025 hielden de meeste Europese landen hun areaal onder controle. Toch behaalden we enorme opbrengsten in alle landen en voor alle gewassen. “De afname van het suikerbietenareaal werd ruimschoots gecompenseerd door deze toename, zeker in ons geval, gezien de tegenvallende resultaten van 2024. Dit resulteerde in een aanzienlijke toename van de voorraden, maar die vertegenwoordigen slechts een deel van het suikeraanbod in Europa.”

Andere optie: import en de bijhorende leveringsmechanismen

Boonen vervolgt: “Er zijn inderdaad bilaterale of multilaterale vrijhandelsovereenkomsten gesloten, waardoor diverse landen meer suiker in Europa kunnen brengen zonder invoerrechten.”

Een van de belangrijkste Europese leveringsmechanismen is de handel in suiker via de ‘Everything But Arms (EBA)’-overeenkomst. Die is gunstig voor de ACS-landen, een groep landen binnen de Organisatie van Afrikaanse, Caribische en Pacifische Staten (OACPS), en de minst ontwikkelde landen (LDC’s). Dit door Europa voorgestelde verdrag staat alle export (met uitzondering van wapens en munitie) vanuit deze landen toe zonder invoerrechten of quota. Het doel is hun economische ontwikkeling te bevorderen door hun toegang tot de Europese markt te vergemakkelijken. “Naar schatting komt er via deze overeenkomst ongeveer 1 miljoen ton suiker Europa binnen”, aldus Boonen.

Daarnaast is er een tweede categorie suikerimport, bekend als ‘CXL-quota’. Dit zijn tariefcontingenten die door de Europese Unie in het kader van de Wereldhandelsorganisatie zijn ingesteld voor derde landen zoals Brazilië, Australië, Cuba en India. Ze maken de import van specifieke hoeveelheden suiker mogelijk tegen een verlaagd douanetarief in vergelijking met het gemeenschappelijke externe tarief. “Onder dit systeem bedraagt het douanetarief iets minder dan 100 euro/ton, vergeleken met een standaard volledig tarief van meer dan 400 euro. De hoeveelheid witte suiker die onder deze quota valt, bedraagt momenteel 500.000 ton”, legt Boonen uit.

Wanneer de import meer dan 1,5 miljoen ton bedraagt, gelden zeer hoge tarieven. “Gezien de variabiliteit van de opbrengsten zijn de importbehoeften niet vast, maar deze importquota liggen wel vast. Dit compliceert de situatie aanzienlijk. Het is ook belangrijk om op te merken dat deze tariefvrije of beperkte quota met elk nieuw vrijhandelsakkoord toenemen. Voor Mercosur gaat het om 190.000 ton, waarvan 180.000 ton uit Brazilië, die van de CXL-quota naar het tariefvrije quotum verschuift. Maar binnen het kader van dit akkoord moet worden opgemerkt dat, hoewel de inspanningen van de boeren niet zo succesvol waren als ze hadden gehoopt, ze er wel toe hebben geleid dat suiker en andere landbouwproducten van het akkoord met India zijn uitgesloten.”

Helaas gold dit niet voor de overeenkomst met Australië, waarbij 35.000 ton suiker zonder invoerrechten werd geaccepteerd. Dit is minder dan de oorspronkelijke levering, maar het is nog steeds een extra hoeveelheid in een al verzadigde markt.

“Helaas zijn de handelstransacties die op het spel staan waarschijnlijk belangrijker dan het risico op destabilisatie van de suikermarkt. De toegang tot zeldzame metalen uit Australië woog zwaarder mee in de afweging. Strategisch gezien is dit begrijpelijk, aangezien het diversifiëren van onze bronnen van zeldzame metalen essentieel is. Maar we vergeten soms dat de enige strategische grondstoffen die we in Europa bezitten landbouwproducten zijn. We hebben weinig tot geen energie of metalen, en vrijwel geen militaire middelen. Het enige wat we hebben, is onze landbouw.”

“We vergeten soms dat landbouwproducten de enige strategische grondstoffen zijn die we in Europa hebben”, stelt Erwin Boonen.
“We vergeten soms dat landbouwproducten de enige strategische grondstoffen zijn die we in Europa hebben”, stelt Erwin Boonen. - Foto: DJ

Misbruik van het ‘inward processing’-regime

Dit alles klinkt pessimistisch, maar wat de suikersector momenteel het meest zorgen baart, is een derde aanvoermechanisme: het zogenaamde ‘inwaartse verwerkingssysteem’ of inward processing-regime. Dat maakt het mogelijk om goederen uit niet-Europese landen te importeren voor verwerking, reparatie of assemblage binnen de EU, zonder dat daarvoor douanerechten, belastingen of handelsbeleidsmaatregelen gelden, op voorwaarde dat de afgewerkte producten vervolgens weer geëxporteerd of vrijgegeven worden voor consumptie. Daardoor worden de concurrentiepositie en de cashflow van Europese bedrijven verbeterd.

“In het geval van suiker staat Europa invoer zonder invoerrechten toe, op voorwaarde dat de suiker wordt geraffineerd of gebruikt in de productie van chocolade of koekjes, die vervolgens direct moet worden geëxporteerd”, stelt Erwin Boonen. “Het systeem is bedoeld om Europese fabrieken die produceren voor de export te ondersteunen wanneer die geen grondstoffen tegen een concurrerende prijs kunnen verkrijgen en om hun de mogelijkheid te bieden om buiten Europa te leveren. Het probleem is dat al deze invoer zonder invoerrechten niet wordt opgenomen in de Europese balansen, en sommige suikerbedrijven interpreteren de wetgeving nogal ruim. Ze exporteren bietsuiker en vragen tegelijkertijd een vergunning voor inkomende verwerking aan door aan te tonen dat de suiker vóór de invoer al is geëxporteerd. De vergunning wordt vervolgens uitgewisseld met een bedrijf dat de suiker raffineert en op de Europese markt brengt. Hoe meer ze exporteren, hoe meer er kan worden geïmporteerd. Daardoor raakt de markt nog meer uit balans. Begin oktober 2025 werd de hoeveelheid die via dit systeem werd geïmporteerd geschat op 500.000 ton, en landen die onder andere invoermechanismen vallen, profiteerden hier aanzienlijk van.

“We vergeten soms dat landbouwproducten de enige strategische grondstoffen zijn die we in Europa hebben!”

De Europese suikerindustrie is bezorgd over de kwestie: “Afgezien van een paar landen die bijzonder veel gebruikmaken van het systeem, wil de overgrote meerderheid van ons dit misbruik beperken en voeren we daar campagne voor. Daarom overweegt de Europese commissaris voor Landbouw en Plattelandsontwikkeling, Christophe Hansen, om dit systeem voor suiker een jaar op te schorten, zodat de douane de cijfers en procedures kan analyseren en de wetgeving dienovereenkomstig kan aanpassen. Als dit lukt, kan de markt functioneren op basis van de werkelijke economische fundamenten: consumptie, kwaliteit en productie van het product. Het is het evenwicht tussen deze verschillende parameters dat de prijs, het volume en de handel zou moeten bepalen, terwijl nu alles verstoord wordt door vrijhandelsovereenkomsten en een speciaal verwerkingsregime.”

De genetische verbetering van suikerbieten is waardevol en heeft de voorbije jaren enorme vooruitgang geboekt.
De genetische verbetering van suikerbieten is waardevol en heeft de voorbije jaren enorme vooruitgang geboekt. - Foto: DJ

Invloed van brandstofprijzen en speculatie

Schommelingen in de olieprijs hebben ook een in-vloed op de suikerprijs. “Bio-ethanol valt immers onder de categorie ‘brandstoffen’ en wordt daarom beïnvloed door de prijs van olie. Als de prijs van ethanol stijgt, vinden landen als India of Brazilië, die minder beperkingen kennen dan Europa wat betreft eerstegeneratie biobrandstoffen, het voordeliger om hun productie op deze sector te richten in plaats van op pure suiker. Dit is gunstig voor de marktstabilisatie. Bovendien is het een goede manier voor hen om de CO2-uitstoot te verminderen en om de levensstandaard van hun bevolking te verhogen.”

De suikermarkt wordt beïnvloed door vraag en aanbod en door de olieprijs, maar er is ook veel speculatie door grote internationale fondsen. Die investeren of desinvesteren, afhankelijk van de situatie en hun belangen, in landbouwgrondstoffen, waardoor de prijs kunstmatig wordt opgedreven of verlaagd. “Dit maakt een mondiale analyse complexer dan een Europese analyse, maar het heeft wel degelijk impact als je een netto-importeur of netto-exporteur bent.”

Stel bijvoorbeeld dat de wereldwijde suikerprijs rond 360 euro/ton ligt en de Europese prijs rond 460 euro/ton. Als Europa netto importeert, is het voor de Europese klant voordeliger om met Europese suiker te werken, omdat de transport- en invoerrechten op wereldwijde suiker dit prijsverschil ruimschoots overstijgen. “In een situatie van netto-export, zoals momenteel het geval is met volle silo’s, wordt de wereldwijde verkoopprijs verder verlaagd door de transportkosten naar de haven en zakt die onder 300 euro. Vandaar het belang van een evenwichtige markt.”

Inspanningen die niet in aanmerking worden genomen

Tot slot merken we op dat we, ondanks het groeiende Europese bewustzijn, helaas nog lang niet dezelfde productienormen hanteren voor boeren en fabrieken in al deze vrijhandelsovereenkomsten. “Dit betreft alles, van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en genetica, tot milieu- en sociale normen. We stemmen er zonder meer mee in om aan al deze eisen te voldoen, maar het is niet gratis en het leidt tot een onevenwicht in de productiekosten. Deze factoren wegen niet mee in de prijsbesprekingen, en dat is een probleem. We beseffen nog lang niet hoe belangrijk het is om onze bevolking van voedsel te voorzien. Het is ongeloof-lijk dat we sectoren zoals de suikerindustrie en andere sectoren niet meer in acht nemen. Kijk naar andere economische blokken zoals India, China of Rusland: wanneer de voedselvoorziening van hun bevolking in gevaar komt, sluiten zij hun grenzen en zorgen ze voor voldoende voedsel en prijzen voor boeren, producenten en consumenten, en ook voor energie en water – de essentiële elementen. In Europa denken we dat we altijd wel een vriend hebben die klaarstaat om ons te helpen of om te leveren wat we nodig hebben aan een lage prijs en goede kwaliteit, maar dat is niet het geval.

Onze politieke leiders moeten zorgen voor risico-spreiding en strategische reserves, zodat we op zijn minst minimaal zelfvoorzienend kunnen zijn”, be-sluit Erwin Boonen.

Delphine Jaunard

Lees ook in Bieten

EU schort gunstig regime voor import ruwe rietsuiker tijdelijk op

Bieten De lidstaten van de Europese Unie hebben op 30 april een voorstel van de Europese Commissie aangenomen, op initiatief van België, dat tot doel heeft om de druk van goedkope suikerimporten op de Europese markt te verminderen. Dat heeft Waals minister van Landbouw Anne-Catherine Dalcq (MR) bekendgemaakt.
Meer artikelen bekijken

Vind uw droomjob in de land- en tuinbouw

Danis

Koolskamp, West-Vlaanderen

Solliciteer nu

Vind de medewerker die echt bij u past.

Plaats een vacature
Bekijk alle vacatures