ILVO geeft advies over de notenteelt en zoveel meer
Ook bij de afdeling Plant van het ILVO in Merelbeke-Melle kunnen landbouwers terecht voor advies over innovatieve boerderijpraktijken op basis van de kennisportefeuille. Landbouwers kunnen er advies vragen over onder andere boerderijcompostering, verwerking van zaden of andere plantendelen na de oogst en over het integreren van bomen en struiken als extra teelt(en) op het landbouwbedrijf. Daar hoort dus ook notenteelt bij.

Er leeft in Vlaanderen veel interesse voor de teelt van hazelnoten en andere noten. Zoals bij zoveel alternatieve teelten, is de verzekerde afname een drempel. Afnemers willen dat er een voldoende lokaal aanbod is, dat dat aanbod er continu is en dat de kwaliteit constant is. Beginnende notentelers willen of kunnen niet meteen al hun terreinen omzetten naar een notenplantage, tenzij ze zeker zijn van de afname”, vertelt Jolien Bracke van de afdeling Plant bij ILVO. “Momenteel is de teler aangewezen tot verkoop via korte keten, maar dat levert ook de hoogste marge op voor de boer.”
Velen willen starten met noten
“Er worden al lokaal noten verwerkt in België, zowel in Vlaanderen als in het zuiden van het land. In Vlaanderen staat anno 2026 zowat 30 ha hazelnoot aangeplant, maar die oppervlakte stijgt. Een deel daarvan is recent aangeplant en moet nog in productie komen. Het enthousiasme om met noten aan de slag te gaan, neemt elk jaar toe. Er gaat geen week voorbij of er komt een vraag binnen van iemand die wil starten met hazelnoten. Door de klimaatverandering wordt de teelt in het zuiden minder evident, wat hier kansen schept. Zowel bij de verwerkers als bij de telers is er animo voor noten in Vlaanderen. Het is opvallend dat de afnemers soms echt wel vragende partij zijn voor lokale noten, maar dan stellen ze ook wel eisen op het vlak van volume, continuïteit in de aanvoer en een constante kwaliteit. Vooral volume en continue aanvoer zijn momenteel nog een knelpunt, maar op het vlak van kwaliteit moeten we echt niet onderdoen voor zeg maar de Italiaanse hazelnoten. De hazelnoten die van ons proefveld komen, zijn zeer lekker. Naast de specifieke notenplantages, zijn er ook de voedselbossen waarin notelaars geïntegreerd kunnen worden. Daar is er eveneens enthousiasme om met verschillende notensoorten aan de slag te gaan, maar vaak is dat kleinschaliger”, stelt Jolien Bracke.
“Meer dan de helft van wie een voedselbos opstart, neemt noten mee in zijn boslandbouwsysteem. De oppervlakte en de regio’s verschillen. Vaak gaat het over hazelnoten, maar soms ook over walnoten, amandel- of zelfs pecannoten. Dankzij ons onderzoekswerk houden we de vinger aan de pols. Zo loopt er momenteel een VLAIO-landbouwproject, Pro-Noot, dat ons toelaat om verdere knelpunten van veld tot bord aan te pakken. Door het gebrek aan teelthistoriek in Vlaanderen blijft elementair basisonderzoek, zoals de geschiktheid van bepaalde rassen in ons klimaat, nodig. Maar ook het klimaat verandert daarbij”.
Elk dossier is anders
“Voor boslandbouw of agroforestry, waar notenteelt deel van uitmaakt, geven wij, samen met de partners van het Consortium Agroforestry Vlaanderen, via de kennisportefeuille adviezen op het vlak van soortenkeuze, plantafstand, geschikte bodems, wetgeving... We gaan ook ter plaatse bij de landbouwer en maken een plan op maat op. Elk dossier is anders. Soms gaat het om een combinatie met veeteelt of akkerbouw, soms niet. Aangezien beschutting voor vee vanaf 2029 verplicht wordt op elke weide, kunnen notenbomen ook in die context zeker interessant zijn. Behalve schaduw en voeder voor de landbouwdieren, dragen ze ook bij aan de biodiversiteit en het landschap en misschien zelfs aan een extra inkomen voor de landbouwer.. Elke adviesvraag is maatwerk”, besluit Jolien Bracke. Wie met de kennisportefeuille betaalt, kan tot 70% terugkrijgen van de overheid. Meer info vind je op de website van het Agentschap Landbouw & Zeevisserij.





