Hoe stel ik een bedrijfsplan op?

Hoe stel ik een bedrijfsplan op?

Met een bedrijfsplan kan je namelijk je toekomstsituaties doorrekenen bij bijvoorbeeld een groei in productie, de bouw van een nieuwe stal, landaankoop en noem maar op. Het laat je toe te bekijken of het bedrijf geschikt is voor groei, wat het rendement zal zijn en of de investering haalbaar én optimaal is.

Opbouw bedrijfsplan

Er wordt steeds begonnen met de huidige situatie als uitgangssituatie, tot op de maand. De bedrijfseconomische boekhouding wordt ingelezen, de bestaande aflossingen komen erin, en ten slotte komen de investeringen erin die de landbouwer wil doen. Last but not least wordt de financiële toestand na die investeringen (of overname) samengevat. Die wordt ook aan de hand van een evolutietabel toegelicht.

Haalbare investering?

Om het bedrijfsplan duidelijk uit te leggen werken we met een fictief personage Roger, die melkveeteler is en denkt aan een uitbreiding met een melkstal en melkveestal. Hij gaat naar Liba om een bedrijfsplan op te stellen. Die investering kan Liba met behulp van de bedrijfseconomische gegevens analyseren. Een voorbeeld voor Roger kan men terugvinden in de tabel.

Bij Roger wordt in het bedrijfsplan nagegaan of hij vee en ruwvoer moet aankopen en meer arbeidskrachten te werk moet stellen. Die berekeningen worden in het bedrijfsplan opgenomen en verwerkt tot een evolutietabel.

Evolutietabel en risicoanalyse

In de evolutietabel is dan een overzicht te zien van de evolutie van opbrengsten en kosten in de acht jaar, waarbij rekening wordt gehouden met productiestijgingen en de inflatie op kosten. Verder worden ook de financieringslasten opgenomen, waarbij de kredietlasten maximum 10 cent per liter FPCM en de grondloze groei maximum 5 cent per liter FPCM bedraagt. Uiteindelijk wordt bekeken of de investering of overname financieel haalbaar is.

Ten slotte geeft de impactanalyse in het bedrijfsplan een indicatie van kosten bij een bepaalde dreiging, zoals het uitbreken van BVD bij de koeien van Roger.

Valkuilen

Eveline Voermans van Liba wijst erop dat men bij het opstellen van een bedrijfsplan toch moet oppassen met verschillende zaken. “Zo wordt vaak het benodigd bedrijfskapitaal onderschat, net als de bouwkosten. Verder kan het aantal arbeidsuren lager liggen dan in realiteit, wat een hogere kost tot gevolg heeft. Technische resultaten kunnen ook tegenvallen, bijvoorbeeld wanneer een ziekte uitbreekt.

Wanneer op een bedrijf geen boekhouding aanwezig is, wordt gewerkt met gemiddeldes, wat de gegevens in het bedrijfsplan minder betrouwbaar kan maken.”

MV

Bedrijfseconomische gegevens Roger

Algemene gegevens: arbeidskrachten, landbouwgrond, bouwplan, productiedoel, stalcapaciteit, milieuvergunning, PAS berekening, nutriëntgehalte

Opbrengsten met kengetallen: melk, melkvee, betaalrechten en premies

Variabele kosten: teeltkosten ruwvoer, benodigde hoeveelheid ruwvoer en eigen teelt ruwvoer, aankoop krachtvoer, totaal voeraankopen, veekosten, overige kosten

Vaste kosten: lonen, grond en pacht, tractor en machines, gebouwen, water en electra en brandstoffen, verzekeringen, overige (zoals abonnementen, bedrijfsbeheer,…)

Privé: inkomsten en uitgaven privé, belastingen en sociale bijdragen

Leninglast: bestaande en nieuwe leningen, aflossingstabel van de bank

Hoe ga ik om met de markt?

Het is belangrijk om zelf een idee te vormen van de markt , vertelt  Bart Teuwen.
Het is belangrijk om zelf een idee te vormen van de markt , vertelt Bart Teuwen.

Om die winst te kunnen maken moet je natuurlijk de prijs kennen van je product, wat afhankelijk is van het aanbod, de vraag en de voorraden. Naarmate de prijs stijgt, stijgt het aanbod, maar daalt de vraag. Heb je de kennis over de drijfveren achter aanbod en vraag, dan is het mogelijk om een correcte prijs in te schatten. Makkelijk gezegd, moeilijker gedaan.

“Het is belangrijk om zelf een idee te vormen, niet die overnemen van het slachthuis of het veevoederbedrijf omdat hun drijfveren anders zijn”, start Bart Teuwen van DLV zijn betoog. Kennis over prijs laat je toe om de productiecapaciteit te managen, de liquiditeitsplanning op te maken voor de bank en de bedrijfsstrategie te bepalen. Ook is het mogelijk om de marketingstrategie en risicomanagement uit te tekenen.

Informatie-

asymmetrie

De landbouwsector zelf als producent werkt heel transparant: er is heel veel informatie beschikbaar, onder andere via studies van de overheid en het ILVO. Hierdoor weten toeleveranciers en verwerkers erg veel van landbouwers, zoals hun inkomen. Ze weten dan ook wat een landbouwer nodig heeft om nét te kunnen overleven en tellen het ook uit op die manier.

Toeleveranciers en afnemers aan de andere kant weten veel meer over hoeveelheden en prijzen: ze weten bijvoorbeeld hoeveel het slachthuis slacht, hoeveel ze vragen voor een varken,... maar zijn daar veel minder transparant in. Dat is jammer, want het is informatie waar de Belgische landbouwer moeilijker aan kan, in tegenstelling tot Amerika, waar onder andere verwerkers verplicht zijn die informatie kenbaar te maken via rapporten.

Die ‘informatie-asymmetrie’ creëert een onbalans in macht. Toch is transparantie noodzakelijk voor een efficiënte marktwerking. Omdat we nu eenmaal in België wonen, en niet in Amerika, is het belangrijk om zelf up-to-date informatie te krijgen over productiehoeveelheden, kwaliteit en prijs.

Risicomanagement

Die kennis laat dan ook toe om aan risicomanagement te doen. Bij een goede marktwerking kan men het beste actief zijn op zowel een spotmarkt, een voorwaartse markt als een termijnmarkt. In Europa is dat mogelijk bij tarwe, maïs, koolzaad, aardappelen,... Voor andere landbouwproducten is dit minder makkelijk. Vaak bestaat enkel een spotmarkt, waarbij de verwerkende sector ten voordele is. Ze wachten af in de veronderstelling dat er voldoende product zal zijn, waardoor de prijs systematisch laag wordt.

Enkel inzetten op de spotmarkt is dus geen goed idee, want je krijgt niet de garantie op de beste prijzen. Het is ook niet de beste reactie om ineens alles te regelen via de voorwaartse markt. Ideaal is te spreiden over de drie markten en jezelf in te dekken in stapjes. Zo is het bijvoorbeeld niet verstandig om veevoer op één moment vast te leggen voor een jaar, maar wel op verschillende tijdstippen aan te kopen en nooit meer dan 50 %, om het risico te spreiden.

Hoe informeren

Zoals gezegd kan je enkel een goede bedrijfs- en marketingstrategie en risicomanagement opstellen als je weet wat op de markt speelt. “Als je geen idee hebt over de markt is elke beslissing in wezen louter speculatief”, besluit Bart. Een gouden raad van Bart is dat men elke dag, al is het maar twee minuten, zich bezig houdt met de marktcijfers.

H oewel je er in het begin moeilijk wijs uit raakt, zal je merken dat je na een tijdje wel verschillen en patronen zal waarnemen in die markt. Dit wetende zal je steeds beter kunnen inschatten wanneer je het best een beslissing kan maken om actie te ondernemen. Wil of kun je er eigenlijk niet mee bezig zijn of raak je er te emotioneel bij betrokken, bestaat de optie om het over te laten aan een coöperatie.

... en waar?

Via internet en de media, zoals Boerderij en Boerenbusiness, kan je al je licht opsteken. Ook leveranciers en afnemers zijn nuttig, maar zijn niet altijd neutraal of objectief. Verder kunnen handelaars een belangrijke informatiebron zijn, alhoewel zij een andere insteek hebben; ze willen transacties verkopen.

Ten slotte is de overheid een mogelijkheid: Marktinformatie Vlaamse overheid, Milk / Meat Market Observatory EU, USDA,... zijn verschillende instanties die informatie verschaffen. “Combineer voor jezelf enkele bronnen, dan ben je uiteindelijk in staat een eigen mening te creëren over de markt en er op je eigen manier op te reageren”, geeft Bart Teuwen mee als besluit.

MV

Meest recent

Meest recent