Agro-ecoloog Alain Peeters: “Iedereen kan agro-ecologisch boeren”

“Doorheen heel mijn carrière probeer ik de milieu-impact van gangbare landbouw te verbeteren”, vertelt agro-ecoloog Alain Peeters.
“Doorheen heel mijn carrière probeer ik de milieu-impact van gangbare landbouw te verbeteren”, vertelt agro-ecoloog Alain Peeters. - Foto: A.P.

Hij beschrijft zichzelf als een agronoom, Alain Peeters, meer bepaald een agro-ecoloog. En dat wordt duidelijk als je naar zijn levenspad kijkt. Nadat hij afstudeerde aan de universiteit van Louvain-la-Neuve, vertrok hij naar Afrika in opdracht van de Europese Commissie. “Doorheen heel mijn carrière probeer ik de milieu-impact van gangbare landbouw te verbeteren”, geeft hij mee. Zelfs in Afrika managede hij een experimentele boerderij en in Europa managede hij er 2. Terug in België werd hij professor ‘Algemene agronomie’. “In de jaren 90 kreeg ik ook de 2 eerste Europese onderzoeksprojecten met betrekking tot biologisch boeren. Eén daarvan was ‘Ecofarm’, waar het ging om ecologisch boeren. Dat leunt al dicht aan tegen agro-ecologie.”

Maar wat bedoelt hij net met goed agro-ecologisch boeren? En hoe helpt hij de landbouwer daarbij? Dat vroegen we hem in een interview.

De principes rond agro-ecologie zijn overal in de wereld geldig, in grote en kleine  boerderijen, in gematigde regio's en in de tropen.
De principes rond agro-ecologie zijn overal in de wereld geldig, in grote en kleine boerderijen, in gematigde regio's en in de tropen. - Foto: MV

Heb je zelf een agro-ecologische boerderij?

Alain Peeters: “Ik heb zelf geen boerderij, maar ik kom wel met vele landbouwers in contact. De laatste 8 jaren managede ik verschillende boerderijen en was ik mentor voor andere. En als ik zeg ‘managen’, bedoel ik dat ik de beslissingen zelf neem, en ik die laat uitvoeren door de landbouwondernemer. In de rol van mentor geef ik enkel advies, en overleggen we over agro-ecologische praktijken met de boer die ze uitvoert.

Zo ontwikkelde ik agro-ecologische systemen in 8 boerderijen. Om zo’n systemen te ontwikkelen moest ik zelf ook boerderijen managen, anders weet je ook niet wat de mensen doen. Voor mij was het nodig om de technische, maar ook de economische, sociale en milieumogelijkheden ervan te weten en dus te tonen.”

Wat leerde je dan?

Ik kreeg 8 jaar geleden de mogelijkheid om een eerste boerderij van 100 ha te managen. Dat was een goed moment om de theorie die ik had opgedaan te koppelen met de praktijk. Het was een hele uitdaging, want het doel was een biologisch systeem zonder grondbewerking te ontwikkelen. Toen was ik ervan overtuigd dat onkruid bestrijden niet lukt als je geen herbiciden en ploeg hebt. Maar na 2 à 3 jaar heb ik een systeem ontwikkeld, en dat werkt heel goed. Verder werkte ik aan op gras gebaseerde systemen, waarbij herkauwers enkel op gras leven. Een ander revolutionair idee was dat landbouw de mensen uit de stad moet voeden, want stadsmensen zoeken nu meer en meer lokale producten met kwaliteit. Als je zo begint te denken, dan moet ons voedselproductiesysteem helemaal veranderen: niet elke boerderij kan alles produceren, maar het zou toch wel moeten kunnen op schaal van een regio. Ook in de politieke context van de wereld nu moet de autonomie verhogen: afhangen van andere landen is gevaarlijk.

Wat betekent agro-ecologie voor u?

Agro-ecologie is een breed begrip. Allereerst is het een wetenschap, maar het is ook een praktijk én een beweging. In agro-ecologie zijn er 2 duidelijke strategieën: de ecologische en de economische strategie. De ecologische strategie bestaat erin zo veel mogelijk fossiele brandstoffen en chemie te vervangen door de ecosysteemdiensten van biodiversiteit. Dat klinkt vrij theoretisch. Eigenlijk betekent dat bijvoorbeeld dat stikstofbemesting vervangen wordt door vlinderbloemigen die stikstof vastleggen. Insecticiden worden dan weer vervangen door natuurlijke vijanden. En fungiciden zijn niet meer nodig als er sprake is van een levende bodem met een grote diversiteit aan micro-organismen. Planten worden dan niet veel meer ziek, omdat de meeste micro-organismen niet pathogeen zijn en in symbiose leven met de planten. De micro-organismen beschermen ook tegen pathogenen. Met andere woorden, er is een ecologisch netwerk, een levende bodem en goede gewasrotatie met een goede verhouding van peulvruchten nodig waardoor veel commerciële inputs vervangen kunnen worden door natuurlijke processen. In de economische strategie van een conventionele boerderij wordt rekening gehouden met productiekost en inkomen. Agro-ecologie verlaagt de productiekosten (minder aankoop van inputs, minder grote investeringen) en verhoogt de inkomsten door de productie van kwaliteitsvoedsel, de verwerking ervan wanneer dat mogelijk is en de verkoop ervan in korte keten en lokaal.

Is het voor elk landbouwbedrijf mogelijk om agro-ecologie te implementeren?

Ja, want de principes zijn overal in de wereld geldig, in grote en kleine boerderijen, in gematigde regio's en in de tropen. Daarover publiceren we ook, dat agro-ecologisch boeren even kosteneffectief kan zijn als conventionele systemen. Echter, veranderen is altijd moeilijk en risicovol. Boeren die willen overschakelen naar agro-ecologie moeten daarom worden bijgestaan en geholpen. We starten nu ook een programma op waarbij landbouwers veel samen komen in groep, bijleren van elkaar en uiteindelijk leren hoe hun bedrijf agro-ecologisch te leiden. Het doel is om duizenden boerderijen te doen overschakelen naar agro-ecologie in België. Het systeem werkt en dat willen we verspreiden.

Kan je wat meer vertellen over de boerderijen die je managet en adviseert?

De meeste landbouwbedrijven die ik manage, liggen in Wallonië. Ik volg er ook één op in Vlaanderen en één in Frankrijk. Ook in Roemenië heb ik contact met een landbouwer. Echter, met de coronacrisis is het moeilijk om contact te hebben en te adviseren. De meeste zijn gemengde bedrijven met vee en akkerbouw, met groottes tussen 40 ha en 100 ha. Daarnaast zit ik in een project met microbedrijven voor de productie van groenten in Wallonië.

Hoe is de situatie in Roemenië voor landbouwers?

De grond is goedkoper dan in België, en de salarissen en de kosten van arbeid zijn lager. Het is er echter moeilijker om commercieel input te vinden. Het is voor kleine bedrijven niet zo gemakkelijk om alle producten te verkopen. Voedselbedrijven, zoals verwerkende bedrijven, kiezen eerder om aan te kopen bij enkele grote landbouwbedrijven in plaats van bij 40 kleine landbouwbedrijven. Bovendien zijn daar de mensen niet zo op zoek naar lokale kwaliteitsvolle producten als in België. Ze kunnen wel proberen om het aan de man te brengen aan de industrieën van West-Europa.

Dat wil niet zeggen dat het er moeilijker is om agro-ecologische principes toe te passen. Dat kan overal.

Welke tips geef je een landbouwer die agro-ecologisch wil boeren?

Ik maakte een methodologie om over te schakelen. Als de boer echt wil veranderen, kan hij zich eerst aanpassen naar instandhoudingslandbouw (‘Conservation Agriculture). De boer kan dan overschakelen naar landbouw zonder grondbewerking, en met een permanente bodembedekking, zoals groenbemesters. Daarnaast kan hij de rotatie opentrekken, met een hogere diversiteit in gewassen dan bij conventionele landbouw. Op die manier kan de landbouwer de bodemvruchtbaarheid en het bodemleven verbeteren, en de hoeveelheid fungiciden, insecticiden en N-bemesting reduceren. Wanneer de bodemvruchtbaarheid beter is, kan hij omschakelen naar agro-ecologie en pesticiden en oplosbare meststoffen volledig achterwege laten.

Sommige landbouwers kiezen ervoor om van conventioneel naar biolog isch boeren om te schakelen, maar nog wel te ploegen, waardoor de bodem niet snel verbetert. Bodemvruchtbaarheid heeft tijd nodig om te herstellen. Zo zal het langer duren om echt agro-ecologisch te zijn zonder grondbewerkingen.

Het is desalniettemin mogelijk om direct van conventioneel naar agro-ecologie te transformeren in één jaar. Maar dat kan enkel als de landbouwers goed geadvise erd worden, want anders wordt het risicovol. Agro-ecologie is niet alleen een kwestie van productietechnieken, het is ook een kwestie van zaken te produceren van hogere kwaliteit. Zo kan men erover nadenken geen voedergranen te telen, maar wel granen met een goede bakkwaliteit. Daar krijg je een hoge prijs voor, en het is een product dat nog verder verwerkt kan worden. En als je vee hebt, kan je de transfer naar de slachterij zelf organiseren en werken met een slager om erna het vlees zelf te verkopen in je eigen shop of via internet en e-mails. Al die oplossingen verhogen je inkomen. Als je de productiekost verlaagt en je verhoogt het inkomen , dan is de meerwaarde van je boerderij hoger.

Dus ik begrijp van u dat biologisch boeren niet hetzelfde is als agro-ecologisch boeren?

Ja, sommige biologische boerderijen zijn agro-ecologisch, maar niet allemaal. Er heerst een trend dat biologische boeren industrieel beginnen denken omdat de vraag naar biologische producten stijgt. Ze willen dan intensiever produceren. In dit systeem vervangen biologische boeren commerciële synthetische inputs door commerciële biologische inputs, maar dat is een verkeerde strategie omdat de biologische inputs meer kosten. Agro-ecologie gaat verder dan de regelgeving van biologisch boeren.

Er is een fundamenteel verschil tussen biologisch boeren en agro-ecologie. Als je volgens de wetgeving biologisch handelt, ben je biologisch landbouwer. Echter, het gaat er niet alleen om de producten die toegestaan zijn, te gebruiken, en de producten die niet toegestaan zijn, niet te gebruiken… Agro-ecologie is een holistische benadering waarbij alles wordt gecombineerd op een coherente en efficiënte manier. Bij agro-ecologie gaat het om het proces van vooruitgang. Het is een transitie naar agro-ecologie die 2 of 3 jaar kan duren, in sommige gevallen zelfs 20 jaar. Het is ‘een reis’, er bestaat geen wetgeving over. De principes moet je wel respecteren. Bijvoorbeeld: in de transitiefase mag je nog herbiciden gebruiken, maar dan wel met de bedoeling dat gefaseerd te doen ophouden. Word je biologisch, dan moet je van de ene op de andere dag stoppen. De boerderijen waar ik werk, zijn allemaal biologisch, met een ruime rotatie, zonder grondbewerking... Die zijn allemaal in overschakeling van conventioneel naar agro-ecologisch.

Wat is volgens jou de grootste uitdaging voor de toekomst van de landbouw?

Het is moeilijk om slechts één uitdaging op te noemen, want er zijn er vele. Allereerst verontrust het me dat het aantal boeren in Europa stijl naar beneden gaat. Het zou jammer zijn mocht het beroep landbouwer – en vooral de familiebedrijven – uitsterven. Zeker omdat we zo kennis verliezen. We hebben landbouwers nodig om het landschap te vormen, voor de biodiversiteit en natuurlijk om kwaliteitsvolle producten te maken. Daarnaast is er de biodiversiteitscrisis: in de laatste 30 jaar is de biodiversiteitsindex gedaald met 60%! Het gaat te snel. Ten slotte denk ik dat klimaatverandering een belangrijke uitdaging is voor de landbouw. Positief is wel dat landbouw wordt ingezet om koolstof vast te leggen in de bodem. We kunnen systemen ontwikkelen waarbij boeren die zich daarvoor inzetten, daarvoor betaald worden. Maar ik geloof dat agro-ecologie ook hier een oplossing kan bieden. Door agro-ecologisch te boeren, maak je je bedrijf en je gewassen weerbaarder.

Marlies Vleugels

Meest recent

Meest recent