Startpagina Archief

In 2020 leverden 54 kleine vergistingsinstallaties

energie en warmte in Vlaanderen

In 2020 waren er in totaal 54 kleine vergistingsinstallaties actief. Dat zijn installaties die uit organisch afval gas produceren. De elektriciteit en warmte die wordt geproduceerd, wordt voornamelijk op het eigen landbouwbedrijf verbruikt voor de invulling van de eigen energievraag.

Leestijd : 3 min

Vlaanderen streeft in zijn energievoorziening naar een groter aandeel voor hernieuwbare en duurzame energie. Het benutten van afvalstromen kan daarin een rol spelen, bijvoorbeeld door pocketvergisters, kleinschalige vergistingsinstallaties die uit organisch afval (mest, bermmaaisel en ander plantaardig afval) via een anaerobe vergisting gas produceren.

“Dat gas wordt opgevangen en kan gebruikt worden als energiebron. Het kan via een warmtekrachtkoppelingssysteem elektriciteit leveren of rechtstreeks gebruikt worden als brandstof. Zowel de elektriciteit als het gas zelf kan in het net worden geïnjecteerd”” zegt Vlaams parlementslid Stijn De Roo (CD&V) in een schriftelijke vraag aan Vlaams minister Zuhal Demir.

Weinig evolutie

Uit haar antwoord blijkt dat Vlaanderen in 2020 54 actieve kleinschalige vergistingsinstallaties met productie van elektriciteit of met een gelijktijdige productie van elektriciteit en warmte telde. 53 van deze installaties waren in 2020 als WKK actief en 1 installatie produceerde enkel elektriciteit.

De evolutie van het aantal actieve kleinschalige vergistingsinstallaties met productie van elektriciteit of met een gelijktijdige productie van elektriciteit en warmte gedurende de laatste 10 jaar, kan in de tabel hiernaast worden teruggevonden.

Hierbij moet worden opgemerkt dat dergelijke cijfers niet exact zijn, omdat er geen meldingsplicht is en omdat het niet altijd duidelijk is of installaties tijdelijk of definitief stilliggen.

Het gemiddelde bruto elektrisch vermogen van kleinschalige vergisters in Vlaanderen bedroeg in 2020 15,8 kW. De meerderheid van de installaties zijn vergisters met een bruto elektrisch vermogen kleiner of gelijk aan 10 kW. In 2020 behoorden 42 van de 54 actieve kleinschalige vergisters met elektriciteitsproductie of met gelijktijdige elektriciteits- en warmteproductie tot deze vermogenscategorie.

Zes van de kleinschalige vergisters die in 2020 actief waren, hadden een bruto elektrisch vermogen groter dan 10 kW, maar kleiner of gelijk aan 20 kW. Ook 6 installaties hadden een bruto elektrisch vermogen groter dan 20 kW, maar kleiner of gelijk aan 200 kW in 2020.

“De schaal van vergistingsinstallaties wordt in de eerste plaats vooral bepaald door de schaal van de landbouwbedrijven en door de beschikbaarheid van inputstromen in de omgeving. Als men echter specifiek kijkt naar de zeer kleinschalige vergisters, dan hebben deze nagenoeg allemaal een vermogen van net geen 10 kW, omdat ze onder deze drempel konden genieten van de terugdraaiende teller. Over het gemiddelde vermogen van kleinschalige vergistingsinstallaties in andere regio’s hebben we geen informatie”, zegt Vlaams minister Zuhal Demir.

Overschot elektriciteit

Het eventuele overschot aan elektriciteit wordt in het openbaar elektriciteitsnet geïnjecteerd. Aangezien de meeste pocketvergisters een elektrisch vermogen kleiner dan 10 kW hebben en een terugdraaiende teller op het injectiepunt hebben (of hadden de afgelopen jaren), werd de hoeveelheid injectie niet gemeten.

“De geproduceerde warmte wordt altijd op de eigen site verbruikt, deels voor het op temperatuur houden van de vergister (nodig voor biogasproductie) en deels voor benutting op het landbouwbedrijf (gebouwenverwarming en/of het verwarmen van reinigingswater (melkinstallatie)).

Er wordt dus geen gas, elektriciteit of warmte aan de omgeving geleverd. Omwille van de kleine schaal zouden dergelijke leveringen economisch ook niet rendabel kunnen zijn.”

Kleinschalige vergistingsinstallaties injecteren amper elektriciteit in het elektriciteitsnet. Ze gebruiken de elektriciteit voornamelijk op de eigen site. In de periode 2011 tot en met 2020 zijn er jaarlijks slechts enkele pocketvergisters die kleine hoeveelheden aan elektriciteit injecteren in het net.

Biogas en aardgas

“Het geproduceerde biogas heeft niet dezelfde kwaliteit als aardgas. Er zou, vooraleer injectie in het aardgasnet mogelijk zou zijn, eerst nog een opzuivering van het biogas tot biomethaan moeten gebeuren.

Het opzuiveren van biogas tot biomethaan en injectie in het aardgasnet vereist bijkomende (dure) installaties en is daarom niet rendabel bij pocketvergistingsinstallaties (te kleine productievolumes)”, aldus minister Demir.

Vanuit het energiebeleid konden pocketvergisters tot voor 2018 aanspraak maken op groenestroomcertificaten voor de netto-elektriciteitsproductie op basis van biogas als hernieuwbare energiebron.

Wanneer deze installaties ook als een kwalitatieve warmtekrachtinstallatie beschouwd kunnen worden, en de geproduceerde warmte nuttig wordt gebruikt, konden ook warmtekrachtcertificaten toegekend worden.

Voor installaties met een bruto nominaal vermogen tot en met 10 kW en met startdatum na 1 januari 2018, werd de steunregeling administratief vereenvoudigd en zij kunnen sindsdien een investeringspremie aanvragen.

Installaties met een bruto nominaal vermogen groter dan 10 kW komen nog altijd in aanmerking voor groenestroomcertificaten en warmte-krachtcertificaten.

Lieven Vancoillie

Actueel

Winst FrieslandCampina hard geraakt door overvloed aan melk

Bedrijfsnieuws De resultaten van de Nederlandse zuivelreus FrieslandCampina, die op 1 januari is gefuseerd met het Belgische zuivelbedrijf Milcobel, hebben het afgelopen halfjaar sterk onder druk gestaan door een snel gestegen melkaanbod en de daarmee samenhangende daling van de zuivelprijzen. Volgens Jan Derck van Karnebeek, topman van het Nederlandse zuivelconcern, bleef de vraag naar producten als boter, kaas, melkpoeder en houdbare melk achter bij de hoge melkaanvoer.
Voir plus d'articles
Meest gelezen