Lezersbrief: Demoniseren

Zeldzaam of niet, het groeit op landbouwgrond!
Zeldzaam of niet, het groeit op landbouwgrond! - Foto: MH

Ze doen dit door de mogelijke negatieve impact van hun maatregelen te minimaliseren. Bovendien vergroten ze de gevolgen – indien men deze beslissingen niet zou nemen – uit via desinformatie en soms absurde schrikbeelden. Denken we maar aan de kernuitstap en fossiele brandstoffen die opeens taboe worden om voertuigen te laten rijden of om te verwarmen, Poetin die Oekraïne binnenvalt, en voor onze sector natuurlijk het hele PAS-verhaal.

Bij PAS worden omschrijvingen als ‘de meest vervuilende bedrijven’ zonder enige nuance door de bevoegde ministers de wereld ingestuurd en door de pers gretig overgenomen. Dat de uitstoot van deze bedrijven helemaal niet groter is dan die van andere vergelijkbare bedrijven wordt nergens vermeldt. Geen maatregelen nemen zou volgens de bevoegde minister de gezondheid van de kinderen bedreigen!

Herkenbaar uit het verleden

Dit soort uitspraken komen mij erg bekend voor. De toenmalige bevoegde minister toverde in de jaren 90 van vorige eeuw de dreiging van ‘blauwziekte bij baby’s’ ten gevolge van te hoge nitraatgehaltes in het water uit zijn hoge hoed om het eerste mestactieplan te verantwoorden. Niemand had ooit over die ziekte gehoord en ook nadien is die aandoening nooit vastgesteld, ondanks het feit dat we ondertussen aan MAP 6 zitten en ondanks dat de kwaliteit van het water volgens de specialisten nog steeds onvoldoende is. Onze maatschappij is nu echter eenmaal erg gevoelig – en terecht – wanneer onze kinderen in gevaar komen! Hebben deze beleidsmakers er al eens bij stilgestaan welke impact deze stigmatisering heeft op het mentale welzijn van deze boerengezinnen die helemaal niets verkeerd doen, maar die enkel de pech hebben dat hun bedrijf te dicht bij een gebied ligt dat door diezelfde overheid in de jaren 90 aan Europa werd opgegeven als te beschermen kwetsbaar gebied?

De lezers die in het begin van de jaren 90 al actief waren in sector herinneren zich zeker nog de plannen voor het realiseren van de ‘groene hoofdstructuur’. Deze plannen, die ook toen een serieuze bedreiging voor de landbouwsector waren, werden na massale boerenprotesten uiteindelijk ingetrokken. De groene lobby slaagde er echter wel in om enige jaren later heel wat van de toen afgevoerde groene wensdromen te laten indienen als Europese natuurdoelen. Ik herinner mij nog levendig de vergadering van de arrondissementsraad van Boerenbond waar deze plannen gepresenteerd werden. Als vertegenwoordiger van de bedrijfsgilde Geel kwamen deze plannen zeer bedreigend over voor de landbouwactiviteiten in onze regio, temeer daar bij de motivatie voor het inkleuren van deze gebieden heel wat foutieve argumenten gebruikt werden.

Zo werd er voor de Geelse regio ook een heel gebied aangeduid voor natuurontwikkeling dat in de begeleidende nota omschreven werd als ‘nagenoeg door de landbouw verlaten’, terwijl er heel wat bedrijfszetels met een jonge bedrijfsleider in het gebied gelegen waren. Mijn opmerkingen werden echter door de aanwezige CVP-parlementariërs van tafel geveegd met als argumentatie dat het slechts Europese doelstellingen waren – dus een ver-van-ons-bedshow – die geen invloed zouden hebben op de plaatselijke situatie. Daarmee was de kous af en werd er politiek en syndicaal verder geen aandacht meer aan besteed.

Na overleg met mijn collega-bestuurders van de bedrijfsgilde van Geel besloten wij het hier echter niet bij te laten en trokken we met een delegatie van de betrokken boeren naar het kabinet van de toenmalig bevoegde minister Kelchtermans om hen te wijzen op de foutieve uitgangspunten die men gebruikte voor de afbakening van het gebied. Gelukkig was men daar bereid om, na het aanhoren en bekijken van onze gefundeerde bemerkingen, het gebied te schrappen uit de voorliggende plannen. Daardoor blijft onze regio nu gespaard van drama’s. Laten we immers duidelijk zijn: wat we nu als landbouwsector op ons dak krijgen is het gevolg van de nonchalance waarmee men indertijd de groene jongens hun dromen heeft laten inkleuren bij het afbakenen van de gebieden die men op vraag van Europa moest aanmelden.

Bedreigde natuur beschermen

Wat mij nog het meeste stoort, is de steeds terugkomende argumentatie dat deze maatregelen nodig zijn om de bedreigde natuur in die gebieden te beschermen! Dat betekent dus dat de natuur er nog steeds is. De getroffen bedrijven zijn vaak al generaties op die locatie actief in harmonie met de omgeving. Het is dus dankzij de landbouw dat deze fauna en flora er nog steeds zijn, maar toch moeten zij oprotten! Dit ontlokte bij mij de volgende bedenking: “De Amerikaanse overheid verdreef de indianen van hun geboortegrond ‘naar’ reservaten, de Vlaamse overheid verdrijft de boeren van hun geboortegrond ‘voor’ reservaten.” Vandaag kijkt de maatschappij met grote verontwaardiging naar die Amerikaanse beslissing. De toekomst zal uitwijzen hoe onze Vlaamse maatschappij binnen enkele generaties naar deze beslissing zal kijken... of misschien al veel sneller, met het conflict in Oekraïne in het achterhoofd!

Zelfs mijn kleinkinderen hebben door waar het hele PAS-verhaal in essentie om gaat. Mijn kleinzoon van 7 jaar kwam met een plantje dat hij in het weiland gevonden had naar mij met de vraag: ”Is dit een zeldzaam plantje?” Wanneer ik hem vroeg waarom hij dit wilde weten, ant-woordde hij: “Anders doe ik het vlug weg, zodat jij niet moet stoppen met boeren!”

Marcel Heylen

Meest recent

Meest recent