Leeftijd bedrijfshoofd stijgt, grotere bedrijven hebben eerder opvolger

In 2020 was de opvolging op land- en tuinbouwbedrijven met een bedrijfshoofd ouder dan 50 jaar het vaakst gegarandeerd op bedrijven gespecialiseerd in melkproductie.
In 2020 was de opvolging op land- en tuinbouwbedrijven met een bedrijfshoofd ouder dan 50 jaar het vaakst gegarandeerd op bedrijven gespecialiseerd in melkproductie. - Foto: LBL

In 2020 waren er in het Vlaamse Gewest 45.938 personen op regelmatige basis tewerkgesteld in de land- en tuinbouw. Dat komt overeen met 37.065 voltijdse arbeidskrachten (van minstens 38 uur per week of 20 dagen per maand). In 2001 waren er nog 72.066 personen op regelmatige basis tewerkgesteld, en 53.107 daarvan waren voltijds tewerkgesteld. Op een periode van 20 jaar kan men dus spreken van een daling van 30%.

40% in

gespecialiseerde veeteelt

In 2020 werkte 40% van alle voltijdse arbeidskrachten in de land- en tuinbouwbedrijven in gespecialiseerde veeteeltbedrijven. Melkvee is hierbij de belangrijkste, gevolgd door rundvlees, varkens, gemengde veeteelt, gemengd rundvee, pluimvee en andere graasdieren.

Gespecialiseerde groente- en akkerbouwbedrijven boden dan weer het meeste tewerkstelling, respectievelijk 16 % en 15 %. In de fruitteelt werkte bijna 9% van de voltijde arbeidskrachten.

Gemiddeld 55 jaar

De gemiddelde leeftijd van bedrijfshoofden van beroepslandbouwbedrijven in het Vlaamse Gewest is de afgelopen jaren continu gestegen: van 51 jaar in 2010 tot 55 jaar in 2020. In 2020 waren vrouwelijke bedrijfshoofden gemiddeld 2 jaar ouder dan mannelijke. Vrouwen waren gemiddeld 57 jaar, mannen 55 jaar.

De stijgende gemiddelde leeftijd van de bedrijfshoofden hangt samen met het afnemend aantal jonge bedrijfshoofden. Ten opzichte van 2010 is het aandeel bedrijfshoofden jonger dan 50 jaar sterk afgenomen. Bedrijfshoofden van 55 tot 59 jaar vormden in 2020 de grootste groep (21%). Daarna volgden bedrijfshoofden ouder dan 65 jaar (19%). Slechts 10% van de bedrijven had in 2020 een bedrijfshoofd jonger dan 40 jaar.

De gemiddelde leeftijd van bedrijfshoofden van beroepslandbouwbedrijven is het laagst in de provincies West-Vlaanderen en Antwerpen. In Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant zijn bedrijfshoofden gemiddeld iets ouder.

Generatiekloof

De generatiekloof blijft zowel in 2010 als in 2020 opvallend. 12.170 bedrijfshoofden waren mannelijk in 2020, wat overeenkomt met 87% van de bedrijfshoofden. Dat verschilt weinig van 2010, toen was 89% van de bedrijfshoofden een man. In 2020 was bijna drie vierde van de vrouwelijke bedrijfshoofden ouder dan 50 jaar.

Grotere bedrijven hebben vaker opvolger

In 2020 beschikte op de land- en tuinbouwbedrijven in het Vlaamse Gewest gemiddeld 13% van de bedrijfshoofden ouder dan 50 jaar over een vermoedelijke opvolger. Uit een indeling van de bedrijven volgens economische bedrijfsgrootte, uitgedrukt in standaardoutput, blijkt dat er in kleinere bedrijven nog vaker dan in grotere bedrijven geen vermoedelijke opvolger is.

De opvolging is ook sectorafhankelijk. In 2020 was de opvolging op land- en tuinbouwbedrijven met een bedrijfshoofd ouder dan 50 jaar het vaakst gegarandeerd op bedrijven gespecialiseerd in melkproductie, gevolgd door de fruitteelt en pluimvee. De opvolging was het minst gegarandeerd bij vleesveebedrijven.

Statistiek Vlaanderen -

Marlies Vleugels

Meest recent

Meest recent