“Wie bezorgd is om het klimaat, moet ervoor zorgen dat we hier kunnen blijven boeren”
We ontmoetten Boerenbond-voorzitter Lode Ceyssens de dag na de grote Copa-Cogeca-betoging in Brussel. Er heersen gemengde gevoelens op het hoofdkantoor van de organisatie. De ondertekening van het Mercosur-handelsakkoord werd dan wel uitgesteld, maar is zeker niet van de baan. Het is slechts een van de moeilijke dossiers die in 2026 nog op tafel liggen.

Enkele dagen na de betoging op 18 december werd 12 januari vooruitgeschoven als datum waarop EU-Commissievoorzitter Ursula von der Leyen het nieuw onderhandelde akkoord wil gaan ondertekenen in Zuid-Amerika. Hoewel dit moment tijdens ons interview nog niet bekend was, vreesde Lode Ceyssens wel dat de timing heel strak zou zijn, misschien wel té strak om tegemoet te komen aan alle bijkomende vragen van de landbouworganisaties.
Mercosur zal een rode draad blijven doorheen ons hele gesprek…
Aanpassing Mercosur-handelsakkoord is nodig
Ceyssens ergert zich. “Voorstanders van Mercosur zwaaien ermee dat die Zuid-Amerikaanse producten toch gecontroleerd worden bij import… Tja, onze boeren hebben wel de voorbije decennia de lat steeds hoger en hoger moeten leggen op alle mogelijke duurzaamheidsvoorwaarden tijdens het gehele productieproces. Dat is het verderfelijke van het hele debat, nu kijkt men bij die geïmporteerde producten enkel naar het eindproduct, dat is een heel verschil met het voldoen aan de productienormen. Die vereisten moeten dus teruggaan naar de onderhandelingstafel met alle Mercosur-landen, en dat lukt niet op een maand... Ik heb er mijn twijfels bij.”
Los van mogelijke gevolgen over Mercosur benadrukt Ceyssens ‘the day after’ dat deze internationale betoging in Brussel uniek was. “Het was een actie met zowat 40 organisaties uit alle 27 verschillende lidstaten. Dat er zoveel boeren afzakten naar Brussel… is een signaal dat kan tellen!”
Blokkerend beleid op de rooster
De manifestatie richtte zich trouwens niet enkel tegen dat Mercosur-akkoord. “We hebben van in het begin binnen COPA benadrukt om ook de bezorgdheden rond het Europese blokkerende beleid te uiten. Dat blokkerende beleid voelen wij, samen met de Nederlanders, als eerste. We zijn ervan overtuigd dat dit ook voor de andere Europese lidstaten op termijn gevolgen gaat hebben. De olievlek deint immers uit.”
Lode Ceyssens kon na afloop van de betoging met een delegatie van de landbouworganisaties nog in overleg gaan met 4 eurocommissarissen – Jessika Roswall (Milieu), Christophe Hansen (Landbouw en Voedsel), Maroš Šefčovič (Handel) en Piotr Serafin (Begroting). “Serafin verwees daarbij naar de lidstaten. Enkel met meer budget kan hij meer doen voor het GLB. Voor ons is dat thema belangrijk. Het laatste GLB zit volgepropt met ecologische verplichtingen. Wij zien liever een stimulerend mechanisme in plaats van verplichtingen.”
Aan het einde van de manifestatie mocht Ceyssens ook al de micro ter hand nemen op het podium. “Ik heb daar bewust gekozen om het woord te richten tot eurocommissaris Roswall. Het kan niet zijn dat slechte Europese regelgeving ervoor zorgt dat onze bedrijven op slot zitten, niet kunnen moderniseren en niet kunnen verduurzamen.”
De Boerenbond-voorzitter merkt wel dat er eindelijk besef begint te groeien bij de Europese beleidsmakers. “Als je 2 jaar geleden een opmerking durfde maken over zo’n zaken, dan werd je bijna afgezet als iemand die niets inzat met duurzaamheid. Nu begint men te beseffen dat die 30 jaar oude Habitat-richtlijn in vraag moet gesteld worden. We zijn blij dat er hierover sprake is in de ENVI Omnibus - een EU-wetgevingspakket dat milieuwetgeving en duurzaamheidsregels wil vereenvoudigen. Alleen mag dat voor ons sneller gaan. En dat heb ik heel duidelijk tegen Roswall gezegd. Men wil in 2026 in een stresstest nadenken waar men de Habitat-richtlijn moet bijsturen… Wel dan vergelijk ik dat met de situatie bij onze boeren: zij ondergaan alle dagen een stresstest, en die moeten ze maar zien te overleven. Wanneer uit onze bevraging blijkt dat 1 op 3 van onze boeren gaat stoppen voor 2030, dan hebben we niet veel tijd meer!”
Ter plaatse blijven trappelen of vooruitgaan
Bij die vereenvoudiging van de milieuwetgeving en duurzaamheidsregels wil Europa ook een deel naar de lidstaten afschuiven. “Dat is ook correct, want die moeten bijvoorbeeld verantwoordelijkheid nemen rond vergunningverlening”, bevestigt Ceyssens. “Maar het wordt natuurlijk bijzonder moeilijk als alles wat daaromtrent beweegt te pas en te onpas wordt aangevochten voor rechtbanken op basis van dat ‘verslechteringsverbod’. Hij wijst hiermee onder andere op de situatie in Vlaanderen, waarbij diverse ngo’s zo te werk gaan. “Dat moeten we echt in vraag durven stellen. Er zijn immers talrijke projecten die op termijn een verbetering voor het milieu betekenen, maar die niet vergund geraken, omdat er misschien op de een of andere manier een of andere verslechtering is op de een of andere parameter. Om dat zo rigoureus toe te passen, gaan we ter plaatse blijven trappelen in plaats van vooruit te gaan.
Ceyssens geeft een voorbeeld. “In Vlaanderen blijken er momenteel een veertigtal dossiers over pocketvergisters op vergunningstechnisch vlak vast te zitten. Dat betekent dus dat we daar kansen laten liggen om verder te verduurzamen.”
Het bewustzijn is volgens Ceyssens wel aan het groeien, aangezien die vergunningverlening ook een probleem is voor de industrie, bij defensie… “We moeten dat niet sector per sector oplossen, maar we moeten de kern van het probleem aanpakken. Er werden op dat vlak eerste stappen gezet, maar daarmee zijn onze boeren nu nog niet geholpen. Er is nog een lange weg te gaan, er moet nu ook effectief vooruitgang geboekt worden.”
Eind augustus 2022 maakte Lode Ceyssens in een interview met Landbouwleven al dezelfde opmer
Stikstofdossier is nog steeds hangend
Een van de hete hangijzers van toen, het stikstofdossier, is er ook nog steeds… Lode Ceyssens: “In 2026 kijken we in eerste instantie naar de uitspraak van het Grondwettelijk Hof over het Stikstofdecreet. We hebben altijd gezegd dat we dit decreet niet zo konden laten passeren. We hebben ons bezwaar zeer grondig voorbereid en ingediend in augustus 2024. Wij wisten toen al wel dat het een lange weg ging zijn, maar ondertussen zijn we 1 jaar en 4 maanden ver... Er mag nu toch stilaan een uitspraak komen, niet?”
Ook de Boerenbond-voorzitter heeft er geen idee van wat het resultaat zal zijn. Hij vindt het wel belangrijk dat Vlaanderen intussen eindelijk de omslag naar het emissiereductiemodel maakt. “Maar ook daar… pas tegen 2031. Dat zou sneller moeten.”
Ondertussen ging de 5%-maatregel voor veehouders wel in voege. “We zijn tevreden dat er daar, na heel veel trekken en duwen, uiteindelijk toch een iets of wat pragmatische oplossing uit de bus gekomen is die een beetje de druk van de ketel haalt.”
Onoplosbare vragen
Er blijven dus nog steeds heel wat onzekerheden voor veehouders. “Inderdaad. Iedereen zit met vele vragen. Als ik met boeren van plus 55 jaar praat, dan vragen die ‘wat moet ik doen?’ en ‘moet ik het bedrijf wel overlaten aan mijn zoon of dochter?’. En als ik praat met Groene Kringers, dan vragen die ‘moet ik die overname wel doen?’ En de leeftijd die daartussen zit, zegt ‘hoe ga ik er geraken?’ Dat is echt fnuikend voor een innovatieve sector zoals onze Vlaamse landbouw. Zonder zekerheid over de toekomst zal er een stilstand komen. Er gaan ook ongelooflijke langetermijnsinvesteringen mee gepaard. Als je een jonge landbouwer die nadenkt over een bedrijfsovername vergelijkt met een leeftijdsgenoot die nadenkt over een nieuwe job, dan staan die allebei voor een belangrijke keuze. Maar 2 jaar later iets anders gaan doen omdat de job wat tegenvalt, is geen optie bij onze jonge land- en tuinbouwers.”
Zolang er dus geen uitspraak van het Grondwettelijk Hof is, blijft het Stikstofdecreet van kracht. Dit maakt het niet evident om landbouwers te adviseren bij hun vragen en keuzes. “Wij proberen dat zo goed en zo kwaad mogelijk te doen. We hebben sinds kort een PAS-begeleidingcel opgericht, waarbij we onze leden advies op maat kunnen geven en begeleiden in het denkproces. Stoppen of overnemen? En wat zijn dan de volgende stappen? Naar welk model zal ik evolueren? We trachten verschillende opties te geven, maar zolang dat wetgevende kader niet duidelijk is, blijft er onzekerheid, alle goede bedoelingen ten spijt.”
Zonder gewasbeschermingsmiddelen kan het niet
Ook de plantaardige sector zit in zwaar weer. Er zijn onder andere steeds minder gewasbeschermingsmiddelen voorhanden. “Die gang van zaken is inderdaad problematisch. Onze telers vragen zich steeds meer af hoe ze hun gewassen tot de oogst gezond zullen kunnen houden. Daarnaast worden de teeltplannen dooreengeschud, door een plotse knip van 25% in de suikerbietensector, en hebben ze te maken met een slechte prijssituatie in de aardappelteelt. Akkerbouwers en groentetelers staan voor moeilijke keuzes.
Volgens Lode Ceyssens wordt het publieke debat over gewasbeschermingsmiddelen meestal zonder veel kennis gevoerd. “Daarom maakte Boerenbond er in 2025 een position paper over. Die moet als leidraad dienen om het debat over gewasbeschermingsmiddelen aan te gaan met politici van verschillende beleidsniveaus (in Vlaanderen, in België én in Europa ), met stakeholders, maar ook met het brede publiek. We moeten immers af van het idee-fixe dat alle gewasbeschermingsmiddelen zo snel mogelijk weg moeten.
Ook de Metaforum werkgroep van de KU Leuven beschreef de effecten daarvan in een visietekst rond duurzame landbouw. Daarin staat onder meer dat, als je morgen in Europa 50% minder gewasbeschermingsmiddelen gebruikt dan vandaag, dat je dan 11 miljoen ha extra landbouwgrond nodig hebt om het productieverlies op te vangen.
Uiteraard moeten we zo duurzaam mogelijk omgaan met gewasbeschermingsmiddelen. En dat doen we ook.” Ceyssens wijst onder andere op de waarschuwingssystemen waarmee telers geïnformeerd worden over het ideale tijdstip om bespuitingen uit te voeren en op IPM. “We komen van ver, maar dat hoor ik nooit zeggen. Nochtans halveerde, in ons land, op 10 jaar tijd de HRI (Harmonised Risk Indicator) die op de langere termijn de milieu- en de gezondheidsrisico’s van gewasbescherming opvolgt. Men is bovendien alleen maar bezig met gewasbeschermingsmiddelen uit te faseren, maar niet met de erkenning van mogelijke alternatieven. Als ik kijk naar het debat rond de nieuwe genomische technieken (NGT's), dat is toch trekken en sleuren. Ook de erkenning van biologische gewasbeschermingsmiddelen loopt niet vlot. Dat is toch waanzinnig!
We moeten ons goed realiseren dat het zonder gewasbescherming niet lukt! Mislukte oogsten zijn pas echt een ramp op het vlak van duurzaamheid. Dat is immers ook een hectare grond waar pootgoed de grond inging of waar gezaaid werd, waar bemest werd, waar heel wat inspannen gebeurden die uiteindelijk niks opleverden. Onze landbouwers hebben met andere woorden nog altijd een toolbox nodig van middelen om plagen te bestrijden. Indien niet, dan zullen die teelten hier verdwijnen en van elders komen. Als ik sommige beleidsmakers moet geloven, moeten bij ons gewasbeschermingsmiddelen zo snel mogelijk verdwijnen, terwijl men als het over Mercosur gaat gewoon de andere kant uitkijkt. In die Zuid-Amerikaanse landen gebruikt men in de suikerproductie 30 actieve stoffen die hier al lang verboden zijn. Dat is toch de hypocrisie ten top!

Onze slatelers, bijvoorbeeld, zitten vandaag met hun handen in het haar voor hun bladluizenbestrijding. De consument gaat die ‘aangetaste’ sla echt niet kopen, hé. Dat is weer het eeuwige verschil tussen de consument en de burger. Als die 7 miljoen Vlaamse burgers door de deur van het warenhuis lopen, dan zijn het ineens 7 miljoen kritische consumenten die bovenal kijken naar de goedkoopste prijs.”
Eiwitshift vs. eiwitstrategie
Midden september ondertekenden zo’n 70 organisaties de overheidsdoelstellingen van de Green Deal Eiwitshift. Ze willen tegen 2030 evolueren naar 60% plantaardige eiwitten op ons bord. Boerenbond ondertekende die expliciet niet. “Wij gaan niet bepalen wat de consument eet”, stelt Ceyssens. “Ik denk dat wij als sector de kans moeten krijgen om dat wat de consument wil eten, zo duurzaam mogelijk te produceren. Dat zijn stappen vooruit te zetten in het kader van duurzaamheid.
Als ik het nog eens terug over Mercosur mag hebben: de ecologische voetafdruk van onze steak is minder dan de helft van de steak uit Brazilië. En uit ILVO-onderzoek blijkt dat de ecologische voetafdruk van onze melk de laagste ter wereld is. Als het ideologische debat dat voortdurend onze veestapel viseert aan het langste eind trekt, dan betekent dat dat we op het vlak van klimaat een stap achteruit willen zetten.
Wij staan daarom wél achter de Vlaamse eiwitstrategie, waarbij we streven naar meer duurzame, diverse en toekomstgerichte eiwitvoorziening van eigen bodem. We ondersteunen vernieuwingen en ontwikkelingen op dat vlak als dat een economisch gunstig model is voor de boer. Maar de rest van de keten moet dan wel volgen, zodat die boer ook een rendabele prijs krijgt voor zijn product...”
Onzekere situatie weegt zwaar
We refereren tot slot nogmaals naar een uitspraak van Ceyssens uit 2022. Hij hoopte toen dat Boeren op een Kruispunt op termijn niet meer hoefde te bestaan. Jammer genoeg is de nood aan deze hulporganisatie enkel maar vergroot…
“Het welbevinden van onze boeren is een toegenomen zorg”, zucht Ceyssens. “Dikwijls wordt hierbij verwezen naar het harde werk dat ze leveren. Persoonlijk denk ik niet dat dát de oorzaak is van het onbehagen van onze boeren. Ze kozen dit vak omdat ze daar de passie voor hebben, maar een ondernemer die geen plannen kan maken, dat knaagt. En als ze dan nog eens te pas en te onpas achter hun bureau moeten zitten om alweer dezelfde dingen in te vullen of om alweer een controle krijgen voor hetzelfde en bovendien schrik hebben om een fout te maken, ook dát knaagt. Ik zou heel graag willen dat de verschillende administraties hier beter over afstemmen.”
Ceyssens wijst erop dat onze land- en tuinbouwers voor 99,9% familiale bedrijven zijn. “Controles – over dierenwelzijn, voedselveiligheid of milieutechnisch – komen niet bij een milieucoördinator, personeelsmanager of andere verantwoordelijke terecht, maar altijd bij dezelfde persoon. Dat is slopend! Jammer genoeg hebben we een organisatie als Boeren op een Kruispunt dus nog steeds hard nodig.”
Er zijn volgens Lode Ceyssens dus vele redenen om onze land- en tuinbouwers en onze lokale productie te ondersteunen. “Diegenen die bezorgd zijn om het klimaat, moeten er vooral voor zorgen dat we hier in de toekomst nog kunnen blijven boeren.”





