Opinie: EU–Mercosur, handel met een prijskaartje voor de boer
De hernieuwde poging om het EU-Mercosur-handelsakkoord af te ronden wordt voorgesteld als een strategische economische stap. Voor de Europese landbouwsector betekent het vooral een verdere blootstelling aan oneerlijke concurrentie. De cijfers laten weinig ruimte voor interpretatie, stelt Peter De Swaef in dit opiniestuk.

De EU-Mercosur-handel vertoont al jaren een structureel onevenwicht. In 2024 exporteerde de EU voor 53,3 miljard euro aan goederen naar Mercosur, terwijl de import 57 miljard euro bedroeg. Dat lichte handelstekort verbergt een belangrijker probleem: de samenstelling van de handel.
Maar liefst 42,7% van de EU-import uit Mercosur bestaat uit landbouwproducten, terwijl landbouw slechts 4% van de EU-export vertegenwoordigt. Europa voert vooral machines (28,1%) en chemisch-farmaceutische producten (25%) uit. De volledige druk van het akkoord komt dus terecht bij de landbouwsector.
Industrie profiteert, landbouw incasseert
De Europese Commissie wijst op winst voor industrie en diensten. Inderdaad: de EU realiseert een dienstenoverschot van 15,4 miljard euro (2023). Die winsten komen echter niet bij landbouwers terecht, maar bij multinationals, banken en industriële groepen.
Voor de boer betekent het akkoord meer invoer van rundvlees, pluimvee, suiker en ethanol, geproduceerd onder voorwaarden die in Europa simpelweg niet zijn toegelaten. Dat is geen vrijhandel, maar competitie zonder gelijke regels.
Loonkloof als structureel voordeel
Een cruciale factor blijft onderbelicht: de loonkloof. Zelfs het laagste minimumloon in de EU ligt 2 tot 3 keer hoger dan in Brazilië of Argentinië. Ten opzichte van West-Europa loopt dat op tot een factor 10 tot 15. Dat verschil vertaalt zich rechtstreeks in lagere productiekosten en lagere prijzen.
Van Europese landbouwers wordt tegelijk verwacht dat zij blijven investeren in milieu, klimaat en dierenwelzijn, terwijl ze moeten concurreren met producten die die verplichtingen niet kennen.
390 miljard euro EU-investeringen
De EU is met 390 miljard euro de grootste investeerder in Mercosur. Dit zijn geen publieke middelen, maar private investeringen van Europese bedrijven in agro-industrie, vleesverwerking, energie en grondstoffen. De logica is duidelijk: lagere kosten, soepelere regelgeving en schaalvoordelen.
Het antwoord op de vraag waarom dit kapitaal niet in Europa zelf wordt ingezet is hiermee gegeven.
Geen evenwicht, wel impact
Met 450 miljoen consumenten in de EU tegenover 270 miljoen in de Mercosur-landen is er in het EU- Mercosur akkoord een onevenwichtig marktpotentieel. Nog versterkt door structurele ongelijkheid in normen, lonen en controles.
Voor de landbouwsector is de conclusie helder: zonder afdwingbare garanties, effectieve importbeperkingen en gelijkwaardige productiestandaarden dreigt het EU-Mercosur-akkoord de Europese landbouw te wurgen.





