Startpagina Akkerbouw

Milieuorganisatie spoort Europese ombudsvrouw aan om zich te buigen over Renure

Het Europese Milieubureau (EEB) heeft op 1 april een klacht ingediend bij de Europese Ombudsvrouw. De milieuorganisatie denk dat de Europese Commissie haar huiswerk niet heeft gemaakt bij de goedkeuring van Renure.

Leestijd : 4 min

Begin dit jaar gaven alle Europese instellingen hun fiat voor de toelating van Renure (Recovered Nitrogen from Manure), een proces om van dierlijke mest een kunstmestvervanger te maken. Hierdoor kunnen landbouwers binnenkort tot 80 kg extra stikstof per hectare in de vorm van Renure-producten uitrijden op akkers, bovenop de stikstofnorm van 170 kg N uit dierlijke mest per hectare. Vlaanderen maakt momenteel werk van de implementatie van deze wetgeving.

Het Europese Milieubureau (EEB) stelt nu in een klacht bij de Europese ombudsvrouw dat de Commissie bij het opstellen van het Renure-voorstel geen rekening heeft gehouden met al het beschikbare wetenschappelijk onderzoek. “Dit...is niet alleen schadelijk voor een op feiten gebaseerd en wetenschappelijk onderbouwd Europees beleid, maar brengt ook de gezondheid van de mensen en het drinkwater nog meer in gevaar”, zegt Athénaïs Georges van de EEB.

De Europese Ombudsvrouw onderzoekt klachten van burgers, bedrijven en organisaties over mogelijk wanbeheer door de Europese Unie. Op basis van haar onderzoek kan zij voorstellen maken ter verbetering, maar Europese instellingen hoeven deze niet op te volgen, al wordt er vaak rekening mee gehouden. Elke EU-burger heeft het recht een klacht in te dienen.

In het verleden boog de ombudsvrouw zich bijvoorbeeld over de spoedprocedure van de Commissie om een aantal milieuvoorwaarden in het Gemeenschappelijke Landbouwbeleid (GLB) te versoepelen. Uit dat onderzoek bleek dat de Commissie niet genoeg had beargumenteerd waarom er toen afgeweken moest worden van de normale procedure. Er kwam ook naar voren dat ook zo’n spoedprocedure voor wetswijzigingen rekening moet houden met alle belanghebbenden (inclusief milieuorganisaties) en op feiten gebaseerd moet zijn.

Of de ombudsvrouw nu ook een onderzoek gaat openen naar het besluitvormingsproces achter de Renure-wetgeving, is nog niet geweten.

Roekeloze aanpak

De EEB is een koepel voor meer dan 190 Europese milieuorganisaties. Onder andere Dryade en Bond Beter Leefmilieu in België zijn er lid van. De organisatie verwijt de Commissie nu dat ze hun Renure-voorstel gebaseerd hebben op ‘één enkel, beperkt onderzoek’. “Dit legt een gebrekkige en roekeloze aanpak van beleidsvorming bloot, die het risico met zich meebrengt dat Europa vast komt te zitten in een onhoudbare omvang van de veestapel en dat essentiële doelstellingen op het gebied van waterbescherming worden ondermijnd”, klinkt het.

“De Commissie heeft opnieuw nagelaten de onderliggende oorzaak van Europa’s afhankelijkheid van de invoer van meststoffen aan te pakken”, aldus Sara Johansson van de EEB. ”Meer mest op de akkers toestaan helpt de boeren niet.” De EU moet eerder financiële steun verlenen aan landbouwers om over te stappen op een agro-ecologische landbouwmethode met een lage input, zegt de EEB. ”Dit is de meest efficiënte manier om hen te beschermen tegen schommelende meststofprijzen en tegelijkertijd Europa’s water en natuur te beschermen, de basis zelf van de voedselproductie op de lange termijn.”

Geen oplossing voor nitraatvervuiling

Erik Meers (UGent/Nutricycle Vlaanderen) vindt de aanklacht van de EEB weinig geloofwaardig. “Ze halen uit principe uit naar Renure omdat ze het niet begrijpen. Er gaat nu niet meer mest uitgereden worden, Renure vervangt een deel van de kunstmest.”

Volgens Meers mag je Renure niet verwijten dat het geen oplossing is voor de nitraatvervuiling van het oppervlakte- en grondwater. “Het is er nooit voor ontworpen. De Renure-wetgeving vervangt kunstmest die toch uitgereden zou worden met een meer circulair mestproduct, wat de broeikasgasuitstoot van de landbouw vermindert en ons minder afhankelijk maakt van aardgas en kunstmestimport.”

De omvang van de veestapel en de mestproblematiek zijn 2 verschillende problematieken die volgens Meers vaak door elkaar gehaald worden. “Te veel stikstof in het water ligt niet aan een grote veestapel, maar aan het feit dat er te veel mest uitgereden wordt. Pas als er een shift in dieet komt, en er minder vlees en zuivel wordt gegeten, kan er gesproken worden over een kleinere veestapel. Anders worden dierlijke eiwitten ingevoerd van andere landen buiten Europa, en verschuiven de milieuproblemen zich naar daar. Dat is je kop in het zand steken.”

Niet iets nieuws

Ruben Vingerhoets, die onderzoekt doet naar de voordelen van Renure in vee-intensieve regio’s, begrijpt ergens de twijfels van milieuorganisaties. “Zij zijn bang dat Renure meer intensieve landbouw uitlokt. Dat klopt ergens wel. Die verwerkingsinstallaties gaan gepaard met een grote kost, waardoor enkel grote landbouwers dat kunnen zetten.”

Maar hij vindt het kortzichtig dat de EEB in hun klacht bij de Europese ombudsvrouw eisen dat de goedkeuring van Renure had moeten wachten op de lopende evaluatie van de Europese Nitraatrichtlijn. “Ze doen alsof Renure iets nieuws is, maar er wordt al jarenlang intensief onderzoek naar gedaan. Talloze mensen hebben bijvoorbeeld met veldproeven bewezen dat Renure-meststoffen even efficiënt werken als kunstmest. Het kan dus gebruikt worden als klimaat- en milieuvriendelijker alternatief. In ons huidige, weliswaar intensieve, landbouwsysteem is Renure een goede stap vooruit.”

Meers wijst er ook op dat de ‘ene, beperkte studie’ waar de EEB over spreekt, een meta-analyse van de Commissie is die meerdere Europese studies over Renure met elkaar vergelijkt. “Dan kan je moeilijk spreken van maar één studie.”

Vingerhoets denkt net als Meers niet dat Renure de oplossing is voor overbemesting, maar ook niet de schuld ervoor mag krijgen. Beide onderzoekers kijken eerder naar precisiebemesting, en op termijn ook minder stikstof uitrijden (een doelstelling van de Green Deal), als oplossing voor watervervuiling. “In Europa gebruiken we gewoonweg teveel kunstmest. Meer dan de helft van de stikstofgift in Europa is kunstmest, in Vlaanderen ongeveer 40%. Daar is nog ruimte voor verbetering”, besluit Meers.

Thor Deyaert

Lees ook in Akkerbouw

Meer artikelen bekijken