Belgische diervoederproductie blijft stabiel in uitdagende context
De Belgische diervoedersector produceerde in 2025 maar liefs 6,75 miljoen ton voeder (inclusief voormengsels), een stijging van 0,6% ten opzichte van 2024. Exclusief voormengsels kwam de productie uit op 6,53 miljoen ton, goed voor een groei van 0,8%.

De totale omzet van de Belgische diervoedersector bedroeg 6,3 miljard euro. Hiermee bleef de sector relatief stabiel in een uitdagende context van geopolitieke spanningen, verstoorde handelsstromen en toenemende beleidsdruk.
Varkensvoeder is grootste segment
Binnen de totale productie blijft varkensvoeder met 48% het grootste segment, gevolgd door rundveevoeder (23%) en pluimveevoeder (20%). Het aandeel van voeders voor paarden, hobby- en gezelschapsdieren, bedraagt 8%.
Terwijl de productie van varkensvoeder licht daalde (-0,4%), kende rundveevoeder een beperkte groei (+1%) en namen vooral pluimveevoeders (+3,3%) en voeders voor paarden, hobby- en gezelschapsdieren (+2,8%) verder toe. De productie van voormengsels en additieven kwam in 2025 uit op 225.761 ton, een daling van 4,5% ten opzichte van het jaar voordien.
Internationale context en regelgeving blijven bepalend
“De beschikbaarheid van grondstoffen en de impact van verstoring van internationale handelsstromen blijven cruciale aandachtspunten voor onze sector”, zegt Rik Vandeputte, voorzitter van BFA. “Tegelijk zorgen Europese beleidsinitiatieven, zoals de EUDR en bredere duurzaamheidsvereisten, voor bijkomende complexiteit. Duurzaamheid moet wel haalbaar blijven om draagvlak, maar vooral ook concurrentiekracht te behouden.”
Investeren in innovatie en duurzaamheid
De sector blijft daarom investeren in innovatie en verduurzaming. De Belgische diervoedersector realiseerde in 2025 een daling in de productie van met antibiotica gemedicineerde diervoeders van maar liefst -91,7% (uitgedrukt in kg actieve stof) ten opzichte van 2011. Tegen eind 2026 stopt de productie van met antibiotica gemedicineerde diervoeders in België volledig.
Onderzoeksprojecten rond circulaire grondstoffen, eiwitefficiëntie en emissiereductie ondersteunen de ontwikkeling van toekomstgerichte en duurzame voederstrategieën die bijvoorbeeld bijdragen tot het beperken van de uitstoot van onder andere ammoniak, methaan en CO2.
“Er is nu ook een methode beschikbaar om efficiënt data te verzamelen en uit te wisselen tussen ketenpartners, zodat een robuuste klimaatimpactanalyse (Life Cycle Assessment of LCA) kan worden berekend voor voeder, melk en varkens”, stelt Katrien D’hooghe, Managing Director van BFA. “Deze methodologie krijgt ook internationaal erkenning.”
De komende jaren blijft de sector inzetten op innovatie, kennisopbouw en samenwerking, met bijzondere aandacht voor praktische en economische haalbaarheid, en internationale afstemming.





