Startpagina Actueel

Naar meer biodiversiteit in agrarisch gebied

Vlaams minister Jo Brouns (cd&v) van Landbouw en Omgeving blijft ervan overtuigd dat een flexibeler statuut voor nieuwe kleine landschapselementen in agrarisch gebied tot meer biodiversiteit kan leiden. Hij zegt dat daardoor ook substantieel wordt bijgedragen aan de ambities inzake groen-blauwe dooradering van het landbouwgebied.

Leestijd : 4 min

In de bijeenkomst van de commissie Leefmilieu van het Vlaams parlement kreeg de minister op 7 juli evenwel niet alle commissieleden aan zijn kant toen hij pleitte voor een out-of-the-box benadering die flexibiliteit en rechtszekerheid biedt aan landbouwers.

Stimulerend biodiversiteitsbeleid

Die benadering draagt volgens de minister bij aan het duurzame behoud en herstel van de biodiversiteit in landbouwgebied. Landbouw- en natuurorganisaties hebben van hun kant de minister al bemoedigende signalen gestuurd, wat voor Brouns voldoende is om echt aan de slag te gaan.

Hij laat diverse pistes verkennen die instaan voor een stimulerend biodiversiteitsbeleid richting landbouwers. Het gaat bijvoorbeeld over het agronatuurbeheerplan, innovatieve beheerovereenkomsten, nieuwe contractvormen of samenwerkingsverbanden tussen partijen op maat van een gebied en/of bedrijfstak. Afhankelijk van de resultaten van deze verkenning kan volgens de minister daarna indien nodig de gepaste juridische basis worden voorzien.

De minister vindt dat een duurzaam natuurbeleid gestoeld moet zijn op een evenwicht tussen aankoop van natuur – dat nog steeds een plaats heeft in het natuurbeleid maar niet mag overheersen – en de juiste inrichting en het degelijk beheer van onze natuur.

Beheer onder druk

Jo Brouns stelt vast dat in het verleden een aanzienlijk deel van de beperkte natuurbudgetten naar verwerving ging, terwijl het effectieve beheer van de bestaande natuurgebieden onder druk stond. Hij vindt het goede beheer minstens even belangrijk. Zijn pleidooi is een optimalisatie van middelen, waarmee er in eerste instantie voor gezorgd wordt dat de bestaande natuur door gepast beheer haar ecologische en maatschappelijke functies op efficiënte wijze duurzaam kan vervullen. De beschikbare middelen voor aankopen in functie van natuur en bos zijn nog steeds zeer substantieel, maar worden terecht gerichter ingezet. Zo zijn er specifieke budgetten in functie van stikstofsanering PAS-enveloppe (Programmatische Aanpak Stikstof) voor de realisatie van natte natuur en voor bosuitbreiding. Specifiek voor natte natuur verwijst hij naar de Blue Deal.

Minister Brouns is van mening dat natuurbehoud en natuurontwikkeling niet uitsluitend via publieke aankopen hoeven te gebeuren. Hij reikt de hand aan private eigenaars die veel meer kunnen en willen doen om meer grond ter beschikking te krijgen voor natuur- en bosuitbreiding. Er is ook de verwijzing naar de publieke spelers. Heel wat Europese bosdoelen worden gerealiseerd door openbare besturen, naast de private eigenaars.

Focus in natuurbeleid

De minister zegt dat wanneer we spreken over meer focus in ons natuurbeleid – met als 3 voornaamste pijlers de stikstofsanering, de Blue Deal en de bosuitbreiding – men ook moet durven zeggen dat de prioriteit in eerste instantie op natuur- en bosrealisatie in de daarvoor bestemde gebieden ligt. De fysische structuur vormt zowel in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen van 1997 als in het geactualiseerde Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV) het uitgangspunt om de ruimte te schikken.

Binnen Agnas (Afbakening van de Gebieden van de Natuurlijke en Agrarische Structuur) wordt die benadering doorgetrokken en gebiedsgericht nader bekeken en uitgewerkt. Het belang van de Agnas-processen kan volgens Brouns niet voldoende benadrukt worden, ook in de natuurarme regio’s. Het Departement Omgeving zet in op een versterking van de personeelscapaciteit voor de ruimtelijke planningsprocessen, onder meer door een interne reorganisatie. Er is ook een verbetertraject opgezet om tot een vereenvoudiging van het plan-milieu-effectrapport (MER) en een stroomlijning van de actoren in het actorenoverleg te komen.

Van 425 ha naar 1.500 ha

Minister Brouns herinnert aan de ambitie in de dialoognota Beleidsplan Ruimte Vlaanderen om de inspanningen van Agnas aanzienlijk te verhogen. Daardoor wordt een grotere oppervlakte voor natuur en bos sneller bestemd en navolgend ingericht. Concreet heeft hij in het beleidsplan de jaarlijkse herbestemming naar natuur en bos van ongeveer 425 ha opgetrokken naar 1.500 ha. De operationalisering van die voorstellen loopt op dit moment. In navolging van de beloofde versnelling, zijn in het najaar van 2025 voorstellen voor nieuwe Agnas-projecten gevraagd en voorbereid. Op basis daarvan zijn begin 2026, 6 nieuwe projecten door het coördinatieplatform van Agnas geselecteerd om in de loop van dit jaar op te starten.

Een eerste voorzichtige en nog niet verder uitgewerkte prognose van die 6 projecten biedt ruimte aan meer dan de beoogde 1.500 ha herbestemmingen naar natuur en bos. Zowel in de al lopende als in de nieuwe voorstellen voor de afbakening van de gewenste natuurlijke en agrarische structuur zitten projecten in West-Vlaanderen, om daar bijkomend natuur- en bosgebied aan te duiden en om anderzijds de landbouwsector zekerheid te geven. Er wordt daarbij naar een evenwicht tussen beide gestreefd, waarbij de fysische structuur mee als uitgangspunt wordt genomen.

Fons Jacobs

Lees ook in Actueel

Meer artikelen bekijken