Startpagina Libramont

Wanneer alle puzzelstukjes in elkaar vallen bij een jonge melkveehouder

De jonge Henegouwse melkveehouder Maxime Mabille heeft van jongs af aan een passie voor het Holstein-ras. Hij kon zijn droom om een bedrijf te starten realiseren dankzij een uitzonderlijke overname.

Leestijd : 10 min

Tien jaar geleden droomde Maxime Mabille uit Buzet ervan om de Holstein-stapel van Le Cocher uit te breiden en achter de boerderij van zijn grootvader een nieuwe stal te bouwen. Intussen maakte hij die droom waar, maar we treffen hem aan tussen de koeien in... Roux, aan de zijde van zijn partner Valentine Sambon.

Eén telefoontje veranderde alles

In 2016 kreeg Maximes toekomstplan stilaan vorm. Tot de telefoon ging. “Ik liep stage bij Philippe Pussemier, een melkveehouder uit Roux. Eind 2016 kwamen we elkaar opnieuw tegen tijdens een bijeenkomst van de rundveevereniging Awé. Hij had gehoord dat ik plannen had om me te vestigen. Zelf had hij geen opvolger en wilde hij zijn bedrijf een nieuwe toekomst geven. Hij belde me op en stelde voor om samen te bekijken wat de toekomst van zijn bedrijf kon zijn en welke rol ik daarin kon spelen. Zo ontstond het idee van een samenwerking en een bedrijfsovername buiten de familiale context.”

Uitzonderlijke overname

Dat gesprek veranderde alles en bood beide partijen precies wat ze zochten. “Philippe wilde zijn bedrijf een nieuwe dynamiek geven. Mijn familie stond volledig achter mijn plannen, maar mijn grootouders wilden niemand benadelen. Toen ik hun vertelde over deze nieuwe mogelijkheid, reageerden ze meteen positief. Eigenlijk was dit de oplossing waar iedereen op zat te wachten,” vertelt Maxime.

Beide landbouwers besloten om een maatschap op te richten. Tegelijk nam Maxime de veestapel van Le Cocher en de bijhorende gronden definitief over en integreerde die in Le Martinet. “Doordat beide bedrijven dicht bij elkaar liggen, was die samenvoeging vrij eenvoudig. Mijn familie heeft zich bijzonder correct opgesteld door mij deze kans te geven, terwijl verschillende familieleden zelf ook landbouwer zijn.”

De overname was juridisch en financieel niet eenvoudig, maar ze konden rekenen op de steun van hun bankier. “Destijds was dit een vrij uniek project en de uitwerking ervan was behoorlijk complex. Onze bankier heeft ons daarbij enorm geholpen. Hij zag dat we echt hetzelfde doel nastreefden. Deze samenwerking was voor beide partijen een win-win. Ik kreeg de kans om groter te denken zonder me meteen diep in de schulden te steken. Bovendien kon ik van de melkveehouderij mijn hoofdberoep maken. Was ik in Buzet gebleven, dan had ik wellicht nog een tweede job nodig gehad. Voor Philippe betekende mijn komst de continuïteit van zijn bedrijf én een duidelijke meerwaarde.”

Op 1 april 2017 werden beide veestapels samengevoegd en vestigde Maxime zich definitief op het bedrijf. “Ik heb ook meteen de bedrijfswoning gekocht. Het was belangrijk om hier echt thuis te zijn.”

Aangepaste gebouwen

Een van zijn eerste aandachtspunten was de kwaliteit van het ruwvoeder. “We hebben de aanpak van de voedergewassen veranderd, zodat we ook het rantsoen konden verbeteren. De resultaten lieten niet lang op zich wachten en de melkproductie steeg vrij snel. Omdat we intussen van 50 naar 90 melkkoeien waren geëvolueerd, begonnen we daarna de bedrijfsgebouwen aan te passen.”

In 2019 kwam er een nieuwe kalverafdeling. “Er waren geregeld problemen met luchtwegaandoeningen, we hadden plaatsgebrek en deden nog alles manueel. Een nieuwe kalverstal was absoluut noodzakelijk.”

Een van de grootste projecten was zonder twijfel de bouw van een nieuwe ligboxenstal. Dat project nam Maxime volledig zelf in handen. "In 2020 kregen we problemen met het celgetal van de melk. Dat was het gevolg van plaatsgebrek en een slechte ventilatie. Ik wist bovendien dat Philippe binnen afzienbare tijd met pensioen zou gaan en de rest van het bedrijf aan mij zou overlaten.”

Dat zette Maxime aan het denken. “Toen teelden we nog suikerbieten en granen en voerde ik zelf alle bespuitingen uit. Maar mijn passie ligt bij de koeien. Ik hou van afwisseling en van werk waarbij je voortdurend bezig bent. Uren op de tractor zitten is minder mijn ding. Daarom heb ik beslist om het bedrijf volledig af te stemmen op de melkveehouderij. Dat betekende investeren in een performante stal en de teelten volledig in functie van de veestapel organiseren."

Vandaag de dag zijn de teelten hoofdzakelijk gras, maïs en voederbieten. Via grondruil met familieleden wordt de vruchtwisseling waar nodig geoptimaliseerd.

Omringd door de juiste mensen

Elke investering was volgens Maxime noodzakelijk. “De investeringen verbeterden niet alleen de prestaties van het bedrijf, maar dwong ons ook om telkens opnieuw kritisch naar onze manier van werken te kijken. Philippe stond altijd achter die veranderingen, ook al wist hij dat hij uiteindelijk zou stoppen. Bij een bedrijfsovername buiten de familie ontbreekt echter vaak een belangrijk element: advies. Er zijn nog maar weinig familieleden die actief zijn in de sector. Daarom is het essentieel om je goed te omringen.”

Naast zijn bankier spelen vooral de nutritionist en de dierenarts een sleutelrol. “De nutritionist is eigenlijk de dirigent van onze melkveestapel. Hij beoordeelt de kwaliteit van onze voorraden en merkt snel veranderingen in het gedrag van de dieren op. Ook onze dierenarts helpt ons regelmatig om kritisch naar ons bedrijf te kijken. Zonder hem zouden we niet kunnen.”

Ook de loonwerker is een belangrijke partner. “We kennen elkaar door en door. Hij kent onze percelen en onze manier van werken en helpt ons tijd én geld besparen. We werken op basis van wederzijds vertrouwen. Ik ben ervan overtuigd dat loyaliteit, vertrouwen en wederzijds respect in de landbouw nog altijd lonen. Natuurlijk moet je de juiste mensen om je heen verzamelen, mensen die echt een meerwaarde bieden. Maar in de veehouderij is er minder speculatie dan in de akkerbouw. Daardoor is het wellicht gemakkelijker om duurzame samenwerkingen uit te bouwen. Dat geldt voor mijn nutritionist, mijn dierenarts, mijn loonwerker én mijn veehandelaar.”

Niet elke keuze blijkt de juiste

Sommige beslissingen zouden ze vandaag anders nemen. “Als ik één ding opnieuw mocht doen, dan was het de overname van het machinepark. Bij mijn start heb ik alle machines overgenomen. Achteraf bekeken was dat geen goede beslissing. Ik verloor enorm veel tijd én geld aan herstellingen. Sommige machines heb ik eigenlijk 2 keer betaald.”

Vandaag investeert Maxime liever in nieuw materiaal dat dagelijks wordt gebruikt. “Zo kunnen we 's morgens aan de werkdag beginnen zonder ons af te vragen welke machine vandaag opnieuw problemen zal geven.”

De nieuwe stal is volledig voorzien op een melkrobot. “Amper 2 weken nadat de bouwwerken in 2022 gestart waren, kreeg ik de kans om 12 ha grond aan te kopen. Daardoor hebben we de investering in de melkrobot uitgesteld. Die zal er wellicht de komende jaren alsnog komen. Momenteel melken we nog ongeveer 7 uur per dag. Dat vraagt inspanningen, maar voorlopig werkt het systeem goed. Bovendien willen we eerst zien hoe de melkmarkt zich verder ontwikkelt.”

Valentine en Maxime bewerken 110 ha  en houden 390 runderen.
Valentine en Maxime bewerken 110 ha en houden 390 runderen. - Foto: MM

Bezorgd over jonge starters

Toen Maxime het bedrijf overnam, schommelde de melkprijs tussen 30 en 35 cent/l. “Toen was dat een goede prijs. Daarna kwam corona en stegen alle kosten explosief. Vandaag is produceren aan 30 cent onmogelijk. In 2022 kregen we ongeveer 60 cent/l en dat hielp ons de investeringen op te vangen. Daarna volgden goede en minder goede jaren, met als dieptepunt 2026. Niemand had die terugval zien aankomen.”

Volgens Maxime is ongeveer 48 cent/l nodig om comfortabel te kunnen werken. “Veel melkveehouders zijn momenteel rond de 60 jaar en zitten op het einde van hun carrière. Zij kunnen nog produceren aan 36 cent. Maar jonge overnemers kunnen dat onmogelijk. Ik hoor steeds vaker dat investeringsplannen worden uitgesteld. Dat baart me zorgen.”

Een sterk duo

Een ander belangrijk keerpunt voor het bedrijf én voor Maxime was de komst van Valentine. “Ik hielp Maxime al regelmatig, terwijl ik nog als politieagente in Brussel werkte. Uiteindelijk heb ik beslist om voltijds mee op het bedrijf te komen werken. In de loop van 2024 ben ik officieel mee in de maatschap gestapt, nadat Philippe met pensioen was gegaan. Ik kom zelf van een bedrijf met Belgisch witblauw vee, dus ik moest heel wat nieuwe dingen leren, maar ik heb me snel aangepast en ik doe mijn werk echt graag. Iedereen verklaarde ons gek omdat ik een vaste job buitenshuis opgaf om samen te werken op het bedrijf, maar ik heb hier echt mijn plaats gevonden. We zijn gelijkwaardige partners en bekijken onze projecten samen en met dezelfde visie, al vragen sommige mensen nog altijd om de baas te spreken”, lacht ze.

“We hebben eerst de tijd genomen om te kijken of het samenwerken echt zou werken, en dat bleek ook zo te zijn. We bespreken samen de planning en geven elkaar advies, maar buiten het melken heeft ieder zijn eigen taken. We vertrouwen elkaar volledig. Dat geeft veel rust en het is een enorme geruststelling dat je kunt rekenen op de persoon met wie je samenwerkt.

Voorlopig hebben we ervoor gekozen om het werk met ons tweeën te blijven doen. Dat is intensief en eigenlijk zouden we een derde persoon kunnen gebruiken. We hebben al geprobeerd om met enkele werknemers te werken, maar met zulke werkuren en zo’n intens werkritme is het moeilijk om iemand te vinden op wie je echt kunt rekenen. Na verloop van tijd verliezen veel mensen hun motivatie. We hebben ook al verschillende stagiairs gehad, maar dat blijft vaak een loterij. Sommigen zijn echt geïnteresseerd en dan is het gemakkelijk om hen in onze dagelijkse werking te integreren. Anderen zijn totaal niet betrokken. Zelfs als we proberen om hen te motiveren en een band op te bouwen, stellen ze geen enkele vraag meer. Dat is jammer. Bovendien haal je iemand ook binnen in je privéleven, waardoor je na het werk minder de kans hebt om echt te ontspannen.”

Daarom zet het koppel volop in op technologie. “We hebben bijvoorbeeld een voeraanschuifrobot. Die neemt een deel van het werk uit handen en zorgt er bovendien voor dat de koeien beter blijven vreten. Op termijn zal ook de toekomstige melkrobot ons wellicht meer tijd en flexibiliteit opleveren én zorgen voor een betere opvolging van alle bedrijfsgegevens. Dat zijn de pistes die we vandaag verder onderzoeken.”

Photo 5 maxime (2)

Inzetten op genetica én een extra inkomstenbron

Le Martinet telt 390 runderen en 150 melkkoeien, met de droogstaande koeien erbij gerekend bestaat de stapel uit 170 dieren. Jaarlijks produceert het bedrijf ongeveer 1,7 miljoen l melk.

Maxime: “We werken uitsluitend met kunstmatige inseminatie. Onze beste dieren worden geïnsemineerd met gesekst sperma, terwijl de andere koeien worden gekruist met Belgisch witblauw. Zo zijn we zeker van voldoende vrouwelijke dieren en kunnen we tegelijk onze genetica verder verbeteren. Dankzij het grote aantal koeien kunnen we bovendien streng selecteren en alleen de beste vaarzen aanhouden. Er wordt vaak gezegd dat veel jongvee opfokken niet rendabel is en alleen maar geld kost. Dat klopt gedeeltelijk, maar in ons geval laat het ons toe om de kwaliteit van onze veestapel voortdurend te verbeteren. We verzekeren zo ons melkvolume, investeren in een sterke genetica én halen bijkomende inkomsten uit de verkoop van de kruisingskalveren.”

Ook naar melkgevende vaarzen is er vraag. “Het gaat om vaarzen die 2 tot 3 weken na het afkalven het bedrijf verlaten. Wij zorgen ervoor dat ze een goede start krijgen. De koper beschikt zo meteen over een gezond en productief dier, waarvan de 4 de kwartieren goed functioneren. Voor ons is het bovendien een goede manier om ons overschot aan jongvee te valoriseren, in plaats van de dieren uiteindelijk als reformkoeien voor het vlees af te zetten.”

Met uitzondering van de melkgevende vaarzen worden alle dieren via dezelfde veehandelaar verkocht, op commissiebasis. “Dat betekent dat hij onze dieren zo goed mogelijk verkoopt op de markt van Ciney en ons nadien de verkoopprijs uitbetaalt, verminderd met zijn commissie. We werken al jaren op die manier en dat gebeurt in een sfeer van volledig wederzijds vertrouwen.”

Maxime zet zich ook actief in binnen de sector. Hij is betrokken bij het stamboek van het Holstein-ras, maakt deel uit van de melkcommissie Henegouwen-Brabant en vertegenwoordigt zijn zuivelfabriek Inex in het melkcomité. “Onze melk wordt om de 3 dagen opgehaald. We hebben een samenwerkingsovereenkomst, maar geen productiequota. Dat betekent dat de zuivelfabriek zich ertoe verbindt om alle melk die we produceren af te nemen. We zijn erg tevreden over die samenwerking, omdat Inex nog altijd een bedrijf is met een vrij familiaal karakter, dat vooral producten met een hogere toegevoegde waarde op de Benelux-markt verkoopt. Daardoor blijft de melkprijs beter beheersbaar dan bij bedrijven die sterk afhankelijk zijn van de internationale markt en nooit zeker zijn dat hun contracten behouden blijven. We voelen ons er echt gewaardeerd.”

Steeds aanwezig op de prijskampen

Le Martinet neemt elk jaar deel aan 4 à 5 Holstein-prijskampen. “Voor die wedstrijden kunnen we rekenen op de hulp van 2 vrienden die samen met ons de dieren voorbereiden en voorbrengen. Ondertussen houdt Valentine het bedrijf draaiende. Uiteraard zullen we ook in Libramont aanwezig zijn. We bereiden die wedstrijd met evenveel professionalisme en ambitie voor als alle andere prijskampen. Maar het publiek komt daar minder specifiek voor de dieren dan bijvoorbeeld op de Nuit de la Holstein. Libramont is vooral voor de fokkers van het Belgisch witblauw-ras een hoogtepunt.”

Samen vooruit

De voorbije 10 jaar veranderde er veel voor Maxime Mabille. “We zijn trots op het traject dat we hebben afgelegd. We doen ons werk graag en we doen het op de manier waarop we dat zelf willen. Dat vraagt offers, maar het is een keuze die we bewust hebben gemaakt.”

Hij besluit met een duidelijke boodschap: “De Waalse landbouw zou veel meer open moeten staan voor bedrijfsoverdrachten buiten de familie. Er zou zelfs een databank moeten bestaan die landbouwers zonder opvolger en jonge kandidaten met elkaar in contact brengt. Het is bijzonder jammer om landbouwbedrijven leeg te zien staan, terwijl jonge mensen ze nieuw leven zouden kunnen geven. Wat wij hebben meegemaakt is vrij uitzonderlijk, en dat is alleen gelukt dankzij geduld, open communicatie en de wil van beide partijen om samen aan hetzelfde project te bouwen.”

Delphine Jaunard

Lees ook in Libramont

Het beste sportpaardenbloed ter wereld zie je in de Havrincourt-piste

Libramont De jaarlijkse fokkerijwedstrijd voor sportpaarden in Libramont is toegankelijk voor alle paarden die bij hun geboorte ingeschreven werden bij een stamboek van het WBFSH. Deze ‘World Breeding Federation for Sport Horses’ is een instituut, overal ter wereld befaamd voor de kwaliteit van sportpaarden. De wedstrijd in Libramont is dit ondertussen ook!
Meer artikelen bekijken