De haagbeuk als geboorteboom
Aan het begin van de hete zomer van 2026 werd Marie geboren, en zo werd ik voor de tweede keer grootvader. Ook deze keer kreeg ik de vraag om naar aloude traditie te zorgen voor een geboorteboom. Ik dook dus nog een keertje in de zogenaamde Keltische boomhoroscoop en ontdekte dat de haagbeuk de boom is die bij periode van Maries geboorte hoort.

Met het nieuwe plantseizoen voor de deur is dit meteen de gelegenheid om deze boom uitgebreider te bespreken. Ondanks zijn naam is de haagbeuk trouwens slechts een verre verwant van de beuk. Het is dan wel een dankbare haagplant, maar bovenal een mooie, sterke, inheemse en gezonde klimaatboom.
Geboorteboom/geboortebos
Onze voorouders geloofden dat de kinderziel en de boomgeesten met elkaar verwant waren en legden een verband tussen hun boomhoroscoop en het karakter van het kind. Dit geloof leefde in Europa nog lang verder, door bij de geboorte van een kind een boom aan te planten: de geboorteboom. Sinds enkele tientallen jaren wordt deze traditie nieuw leven ingeblazen, soms in de vorm van een geboorteboom; maar steeds vaker in het gezamenlijk planten van een geboortebos.
De Keltische boomhoroscoop
De Kelten beschouwden bomen als levende, heilige wezens en vertaalden de meest opvallende eigenschappen van bomen (groeivorm, groeiplaats, bloei, sterkte van het hout...) naar menselijke karaktertrekken. De zogenaamde Keltische boomhoroscoop koppelt bepaalde periodes van het jaar aan een boom en verbindt de eigenschappen van die boom met het karakter van iemand die in die periode geboren wordt. Hoewel deze boomhoroscoop vaak als een eeuwenoude Keltische traditie wordt voorgesteld, is daar historisch gezien weinig bewijs voor. Het gaat veeleer om een moderne interpretatie van de Keltische cultuur. Maar als symboliek voor een geboorteboom blijft het een mooi verhaal.
De vredelievende haagbeuk
Volgens de Keltische boomhoroscoop hebben haagbeuken door hun sterk rechtvaardigheidsgevoel en hun uitgesproken loyauteit een groot verantwoordelijkheidsbesef. Ze vinden dat iedereen gelijke kansen moet krijgen en zijn erg vergevingsgezind. Als ze het moeilijk hebben, dragen ze hun lot gelaten. De haagbeuk kan zich snel aanpassen aan zijn omgeving en is dan ook een graag geziene gast. Het leven van de haagbeuk is beheerst en gedisciplineerd, maar diep van binnen sluimeren vele onvervulde wensen. De haagbeuk is in de liefde niet op zoek naar het alledaagse, maar fantaseert graag. Een goede partner is iemand die hem leert vertrouwen te hebben.
Botanisch
De haagbeuk behoort tot de berkenfamilie (Betulaceae), waartoe ook berken, elzen, hazelaars en hopbeuken behoren. Het geslacht Carpinus telt ongeveer 45 soorten, waarvan de meeste van nature voorkomen op het noordelijk halfrond, vooral in Oost-Azië. Het zijn voornamelijk bomen of struiken, die zich ook prima lenen voor het vormen van hagen. Onze inheemse haagbeuk is Carpinus betulus. In Europa komt daarnaast onder meer de Oosterse haagbeuk (Carpinus orientalis) voor. Die blijft kleiner en heeft fijnere twijgen en kleinere bladeren.
De haagbeuk is gemakkelijk te herkennen aan zijn gegroefde stam en kronkelige, omhoog gerichte takken. De bladeren zijn ovaal, dubbel gezaagd en hebben een duidelijke nervatuur. In het najaar kleuren ze geel tot geelbruin. De boom draagt kleine bloemen in katjes. De vrouwelijke katjes ontwikkelen zich later tot opvallende trosjes met gevleugelde vruchtjes.
Groeiplaats
In de natuur komt de haagbeuk vooral voor in de onderlaag van loofbossen, waar hij als schaduwtolerante boom prima groeit onder een hoog kronendak. Ondanks zijn schaduwtolerantie geeft hij toch de voorkeur aan een groeiplaats op een warme plek in de zon of halfschaduw op vochtige, voedselrijke, zwakzure tot kalkrijke gronden. Als oorspronkelijke bosbewoner groeit hij met zijn oppervlakkige wortels graag in een humusrijke, niet verdichte bodem. We treffen hem vaak aan in bossen, houtwallen, heggen, struwelen, langs holle wegen en langs waterkanten.
Haagbeuk als haagplant
De haagbeuk wordt in de tuin heel vaak toegepast als haag, waarbij er vaak verwarring ontstaat tussen een haag van beuk (rode of groene beuk) en een haag van haagbeuk. In de zomer zijn de verschillen tussen beide hagen minimaal, in de winter zijn de verschillen meer uitgesproken.
Een haagbeuk verliest in het najaar een groot deel van zijn verdorde bladeren, waardoor de vaak grillig gevormde stammetjes zichtbaar worden. Een beukenhaag daarentegen houdt zijn dorre bladeren vast tot in het voorjaar en blijft daardoor ook in de winter gesloten. Een voordeel van de haagbeuk is dan weer zijn sterke groeikracht en grote aanpassingsvermogen. Hij verdraagt stevige snoei en loopt na een drastische snoeibeurt gemakkelijk opnieuw uit.
Na het aanplanten van de jonge haagbeuken mogen de zijtakjes kort (5 tot 15 cm) teruggesnoeid worden, zodat later een mooi gevulde haag ontstaat. De plantjes mogen pas getopt worden als de haag haar definitieve hoogte bereikt heeft. Het eerste jaar na de aanplant verloopt de groei vaak wat moeizaam, maar daarna kan de haag tot een halve meter en meer per jaar in de hoogte groeien. Plantjes tot 1,25 m hoog worden met blote wortel verhandeld en moeten in de rustperiode (november tot eind maart) worden geplant. Grotere planten zijn verkrijgbaar met kluit of in pot. Potplanten kunnen ook buiten de klassieke plantperiode worden aangeplant, zolang ze voldoende water krijgen in de periode na het planten.
Haagbeuk: manusje van alles
Voor een haagbeuk is werkelijk niets te gek: vormboom, als massief op poten, als leiboom, als laanboom, als knotboom, voor het vormen van loofgangen, bogen en priëlen, strak geschoren blikvanger, als bonsai of imposante boom, met een grote kruin en een fraaie grijze stam.
Een loofboog of pergola kan men zelf opbouwen. Een metalen geraamte vormt daarbij de basis. De jonge scheuten worden regelmatig aangebonden en de topscheut laat men doorgroeien tot de gewenste vorm en hoogte bereikt zijn. Daarna wordt de loofboog getopt en regelmatig geschoren; om een gesloten groene boog te verkrijgen.

Ook als leiboom is de haagbeuk bijzonder geschikt. Plant jonge bomen tegen steunpalen en verwijder geleidelijk de onderste zijtakken. Eenmaal de gewenste hoogte bereikt, wordt de topscheut getopt. De zijtakken worden in het steunwerk geleid en aangebonden, terwijl nieuwe scheuten regelmatig worden geschoren. Zo ontstaat uiteindelijk een dichte 'haag op poten'.
Cultivars en selecties
Naast de gewone soort zijn er verschillende interessante cultivars. '
'
Welke vorm de haagbeuk ook krijgt, het blijft een sterke en veelzijdige boom. En misschien is dat uiteindelijk wel de mooiste eigenschap voor een geboorteboom: een boom die meegroeit, zich aanpast en ieder jaar wat meer karakter krijgt.





