Bioboeren teleurgesteld in de EU-lidstaten: "Ze schrappen de verplichting om bio te steunen"
De Europese lidstaten schrappen in hun versie van het toekomstige Gemeenschappelijke Landbouwbeleid (GLB) de verplichting om steun te verlenen aan de biologische landbouw. Sectororganisatie BioForum reageert teleurgesteld. “Het liefst zien we steun voor biologische productie verankerd in Europese wetten.”

Sectororganisatie BioForum reageert teleurgesteld op het GLB-akkoord dat de Europese lidstaten op 26 oktober sloten. “De landbouwministers schrapten immers elke vermelding naar bio in artikel 10, dat opsomt welke ecoregelingen lidstaten moeten aanbieden aan landbouwers”, legt beleidsmedewerker Filip Zivkovic uit. Lidstaten zouden dus niet meer verplicht zijn om de omschakelings- of voortzettingspremie aan bioboeren aan te bieden.
Volgens Zivkovic was België wel voorstander om verplichte biosteun in de finale tekst te behouden. Toch stemden alle lidstaten, inclusief België, uiteindelijk unaniem voor het akkoord. “Het was geen rode lijn voor onze ministers.” De Vlaamse minister van Landbouw Jo Brouns (cd&v) kan zich bijvoorbeeld wel vinden in de vrijheid die het akkoord biedt aan regio’s om het landbouwbeleid zelf in te vullen.
Toch ziet Zivkovic positieve signalen dat Vlaanderen de biosteun zal verderzetten, ondanks toelating om het te schrappen. “Maar het liefst zien we steun voor biologische productie verankerd in Europese wetten.” Europese verankering biedt namelijk rechtszekerheid voor bioproducenten. Daarnaast kan elke rem op de ontwikkeling van de Europese biomarkt een negatieve impact hebben op Vlaamse biolandbouwers, beargumenteert BioForum.
Groene architectuur
De lidstaten sleutelen ook aan de conditionaliteit, de milieuvoorwaarden waar landbouwers aan moeten voldoen om steun te krijgen. Lidstaten kregen al meer flexibiliteit om deze zelf uit te werken, maar schrappen daar ook nog eens bijvoorbeeld de bescherming van het grondwater uit als doelstelling. De nieuwe invulling van conditionaliteit is een verzwakking van de milieubescherming in de ogen van BioForum.
“We zijn ook verbaasd dat de groene architectuur van het GLB terug aangepast wordt, nadat de hele Europese landbouw zich de laatste 7 jaar hieraan heeft aangepast. In plaats van te behouden waar landbouwers zich al naar geschikt hebben, wordt er terug aan gesleuteld.” Er is volgens BioForum dan ook een gebrek aan continuïteit in het landbouwbeleid.
Of Brouns van de gelegenheid gebruik gaat maken om de ambitie van de milieubescherming in Vlaanderen bij te stellen, weet BioForum nog niet. “We wachten nu vooral op de concrete uitwerking. Brouns zegt dan wel dat agroecologie, en dus biolandbouw, de toekomst is, maar het liefst zien we toch een Europese verankering van biosteun en de groene architectuur van het GLB. Anders dreigt er een race-to-the-bottom, ondanks alle goede bedoelingen.”
Inkomen garanderen
De lidstaten hebben niet het laatste woord over het Gemeenschappelijke Landbouwbeleid. Het Europees Parlement moet nog haar standpunt bepalen, en staat volgens Zivkovic positiever tegenover biologische landbouw. “De lidstaten daarentegen pleiten altijd voor meer flexibiliteit, wat zorgt voor een spanningsveld met de gemeenschappelijkheid van het GLB.”
Tussen nu en een finaal akkoord zijn er twee punten waarop BioForum op wil hameren. “Voor landbouwers is stabiliteit in het beleid en rechtszekerheid belangrijk. Daarom pleiten we ervoor om 30% van het geoormerkte budget voor inkomenssteun van 300 miljard euro voor te behouden voor de agromilieu- en klimaatacties. Zo kunnen we een inkomen garanderen voor landbouwers die zich vandaag al hebben gericht op milieuvriendelijk boeren.” Voorlopig is er geen enkel budget gegarandeerd voor de agromilieu- en klimaatacties, die de ecoregelingen en agromilieuklimaatmaatregelen vervangen. Die 30% is volgens Zivkovic nodig om het budget hiervoor op zijn minst op het huidige peil te houden.
Daarnaast moeten lidstaten in het huidige voorstel van de Commissie een groter deel van de agromilieu- en klimaatacties zelf financieren, waardoor het risico bestaat dat de lidstaten het bedrag verlagen – wat ze makkelijk kunnen doen nu ze zelf mogen bepalen hoeveel van het hen toegewezen EU-budget ernaartoe gaat. “In het finale akkoord moet het aandeel cofinanciering naar beneden om de huidige ambitie te behouden”, besluit Zivkovic.





