“Meer werken en minder verdienen was geen optie”

In 2019 werd Biobedrijf Rooms-Kusé officieel een biologisch landbouwbedrijf na een omschakelingsperiode van 2 jaar. Ze werken nu al bijna 5 jaar volgens het biologische lastenboek, waarbij ze meer gingen inzetten op welzijn, geen gebruik meer maken van pesticiden of kunstmest, de koeien aan weidegang laten doen en niet meer preventief gebruikmaken van antibiotica.

Dubbeldoelkoeien

Voor de omschakeling naar biolandbouw was het bedrijf van Johan en Isabel al niet het doorsnee melkveebedrijf. Ze molken al heel wat jaren dubbeldoelkoeien: kruisingen tussen Holstein en Belgisch witblauw.

Toen in 2001 een mond-en-klauwzeerepidemie uitbrak in Europa, konden de kalveren van Johan en Isabel niet meer opgehaald worden door de handelaar, omdat er een soort ‘lockdown’ was voor het vee. Net als heel wat andere melkveebedrijven kruisten ze het ondereind van de veestapel met een dikbilstier. De bedoeling was om de kalfjes die daaruit geboren werden tegen een betere prijs te kunnen verkopen. In die periode moesten ze dus ook de gekruiste kalveren aanhouden op het bedrijf. Wat aanvankelijk een nadeel leek, bleek op lange termijn een troef te zijn en zo groeide een toevalligheid uit tot een nieuw bedrijfsmodel.

Johan: “We hebben die gekruiste kalveren toen opgefokt en de vrouwelijke dieren geïnsemineerd. Toen ze kalfden, zijn we ze beginnen melken en bleek dat die koeien nog een productie haalden van 5.000 l. Die productie haalden ze zonder dat we krachtvoeder gaven. We vonden het al langer een gek idee dat ze het Amazonewoud platbranden om soja te telen die dan gevoederd wordt aan vee in Europa.”

Inzetten op gezondheid en welzijn

“Nog een voordeel van de dubbeldoelkoeien is dat ze, naast melk, ook vlees produceren én dat ze sterker zijn dan de traditionele melkkoeien”, gaat Isabel verder. “Sinds we met dubbeldoelkoeien werken, hebben we nog zelden te maken met lebmaagdraaiingen of kalfziekte. Dat betekent dat ook de kosten voor de dierenarts flink gedaald zijn.

Koeien die einde lactatie zijn, worden niet meer drooggezet met antibioticapreparaten. Dit is niet toegestaan in de biologische landbouw. Doordat de koeien geen hoge producties halen, is dat geen enkel probleem. Een maand vóór het kalven worden ze apart gezet op een lichter rantsoen en valt de melkproductie vanzelf stil. Een andere vereiste is dat het aantal keizersnedes tot het minimum moet worden beperkt. 80% van de koeien moet op natuurlijke wijze kunnen kalven. Dat was geen evidentie, omdat de dubbeldoelkoeien geïnsemineerd worden met een dikbilstier. Dankzij het advies van de fokkerijadviseur is het nu toch gelukt. De stieren die worden ingezet hebben een zeer korte drachttijd. Zo is het geboortegewicht van het kalf lager, maar groeit het dier toch uit tot een kalf met een mooie conformatie.”

Een andere mindset

“Ik ben helemaal van werkwijze en gedachtegoed veranderd tegenover vroeger. Ik was het gewoon om een koe droog te zetten met antibiotica en de perceelsranden rond de akker dood te sproeien met herbiciden. Dat was nu eenmaal de werkwijze die ik gezien had bij mijn vader en die ik ook op de landbouwschool geleerd had.

Nu ben ik blij dat ik die veranderingen heb aangedurfd, want het bedrijf is op zijn pootjes terechtgekomen en ik haal er een degelijk inkomen uit. Als je ergens in gelooft, moet je dat gewoon proberen.

Ik heb ook veel aan mijn vrouw te danken, want zij is ook heel ecologisch ingesteld. Ik zit al heel mijn leven in de landbouwwereld en had gewoontes ‘gekweekt’. Isabel kwam niet uit de sector en heeft mij doen inzien dat het ook anders kan. Het valt mij dan ook op dat veel bioboeren eigenlijk oorspronkelijk niet uit de sector komen”, vertelt Johan.

Het koppel deed al langer aan perceelsrandenbeheer, omdat ze beiden ecologisch ingesteld zijn.
Het koppel deed al langer aan perceelsrandenbeheer, omdat ze beiden ecologisch ingesteld zijn. - Foto: SN

Waarom biologische veehouderij?

“Doordat in de jaren 2000 de ene crisis de andere opvolgde, en dan uiteindelijk ook het melkquotum werd afgeschaft, begon ik me zorgen te maken over de prijzen voor onze producten. Iedereen wilde op dat moment uitbreiden, maar ik niet. Ik wilde schuldenvrij zijn op mijn 55ste. Zo zijn we gestart met de verkoop van vleespakketten via de korte keten. Dat doen we nu al bijna 15 jaar.

We zijn dus op zoek gegaan naar een totaal ander verdienmodel, maar dachten er toen nog niet aan om de biologische toer op te gaan, totdat in 2012 iemand bodemstalen kwam nemen. Ik vertelde hem onze werkwijze, waarop hij vroeg waarom we niet omschakelden naar de biologische veehouderij. Ik kende daar niets van, waardoor het mij wat afschrikte, maar die man heeft toen wel een zaadje geplant dat verder en verder groeide.

Ik bleef denken aan wat hij zei en ging op onderzoek. Kan ik daar mijn boterham wel mee verdienen? Krijg ik dan niet meer werk? Ik ging dan kijken bij andere bioboeren en daar zag ik regelmatig dat zij veel te hard moesten werken, vooral in het akkerbouwgedeelte. Voor mij is het belangrijk om ook tijd te hebben voor mijn gezin. Ik zorg er elk jaar voor dat er in juli geen kalvingen plaats vinden, door geen enkele koe te insemineren tijdens de maand oktober. Zo kunnen we een keer op vakantie.”

Veel twijfels

“Mijn voorwaarde om om te schakelen was dat ik evenveel of meer wou verdienen zonder meer te moeten werken. De adviseur van Boerenbond zei dat ik waarschijnlijk niet minder zou verdienen, maar wel meer zou moeten werken. Dat deed me weer twijfelen, en wat me het meest weerhield, was dat we geen pesticiden en kunstmest meer mochten gebruiken. Ik betwijfelde of ik dan wel genoeg voeder zou hebben voor mijn koeien.

Één van onze adviseurs raadde me toen aan om enkel gras en grasklaver te telen, eventueel afgewisseld met een mengteelt van triticale en veldbonen. Sindsdien zet ik geen maïs en bieten meer, enkel gras en grasklaver.

Uiteindelijk heeft een professor mij tijdens een lezing in de landbouwschool van Sint-Niklaas over de streep getrokken door uit te leggen hoe de biologische veehouderij in Denemarken het zeer goed deed. Hij gaf duidelijk aan dat een bioboer zijn brood kan verdienen, want dat er anders niet zoveel bioboeren zouden zijn. Toen kreeg ik het gevoel dat het toch moest lukken.

We maakten ook al langer keuzes met in het achterhoofd ecologie en duurzaamheid, zoals perceelsrandenbeheer, maar kregen daar geen betere prijzen of voorwaarden voor terug. Daarom hebben we in 2017 besloten om volledig om te schakelen naar de biologische werkwijze. De eerste 2 jaar waren financieel zwaar, omdat we al werkten volgens het biologisch lastenboek, maar nog geen meerprijs kregen voor onze producten.”

Prijzen momenteel te laag

“Momenteel krijgen we te weinig geld voor onze biologische melk”, zegt Johan. “De prijzen voor gangbare melk zijn de laatste tijd sterk gestegen, maar die voor biologische melk zijn jammer genoeg niet mee geëvolueerd. Normaal gezien legt onze afnemer, Pur Natur, in december de vaste prijs voor het volgende jaar vast, maar nu was dat niet mogelijk omwille van verschillende omstandigheden. Momenteel verschilt de prijs van onze melk maar 3 cent met die van gangbare melk, en dat is te weinig.

Natuurlijk schakelden we niet over naar bio om meer te verdienen of om een vaste prijs te hebben. Je moet ook achter die werkwijze staan. Als het ecologische gedachtegoed geen deel van jou is, moet je er niet aan beginnen. Je kan aan onze tuin ook goed zien hoeveel we om de natuur geven.”

Eigen vleespakketten

“In 2008 zijn we gestart met het verkopen van de eerste vleespakketten van onze dubbeldoelkoeien”, vertelt Isabel. “Door het Holsteinbloed van onze koeien is het vlees iets vetter en heeft het daardoor veel smaak. Tegelijkertijd zijn onze koeien genoeg bevleesd, zodat de klanten ook voldoende steaks in hun pakket krijgen. Veel klanten zeggen dat ze dat soort vlees nergens anders kunnen kopen. Sommige klanten kopen al vlees bij ons sinds we daarmee gestart zijn, dus voor we overschakelden naar bio. Daarom willen we de prijs van het vlees democratisch houden.

We hebben ervoor gekozen om ons vlees geen biolabel te laten dragen, omdat de prijs dan stijgt met 3 euro/kg. De slager waar we mee werken, is dus geen bioslager. Dat wil zeggen dat hij kruiden gebruikt die niet biologisch zijn en dat het varkensvlees dat wordt toegevoegd aan het gehakt afkomstig is van de gangbare landbouw.

Om de 5 weken verkopen wij een koe. Klanten kunnen hun pakketten bestellen via onze website biokoe.be. Men kan kiezen tussen een standaardpakket van 5 of 10 kg, of voor een barbecuepakket. We gaan zelf alles verpakken bij de slager en daardoor kunnen klanten toch nog hun voorkeuren meegeven. Zo kan ik bijvoorbeeld de hamburgers vervangen door extra worsten of kan ik meer gehakt toevoegen voor een groter gezin. Ik ken mijn klanten persoonlijk en weet wat ze graag hebben. Dat klantgericht werken vind ik heel belangrijk, want door met de klanten in gesprek te gaan, kan ik hun ook vertellen over ons bedrijf en onze filosofie.”

In 2008 startten Johan en Isabel met vleesverkoop in korte keten. Ze kozen ervoor om hun vlees niet biologisch te laten verwerken.
In 2008 startten Johan en Isabel met vleesverkoop in korte keten. Ze kozen ervoor om hun vlees niet biologisch te laten verwerken. - Foto: SN

Bedrijf overgenomen van ouders

“Ik was 25 jaar oud toen ik het bedrijf in 1992 van mijn ouders overnam”, vertelt Johan. “Daarvoor was ik ook al enkele jaren als zelfstandig helper aan de slag. Ik nam toen de melkkoeien over en mijn vader hield het vleesvee als apart bedrijf. Deze tak werd stopgezet toen mijn vader met pensioen ging. In 1999 ben ik getrouwd met Isabel. Zij heeft samen met mij 10 jaar lang voltijds op het bedrijf gewerkt. Dat was toen haar keuze, omdat we in die tijd het bedrijf nog aan het uitbouwen waren en we intussen ook kinderen hadden. Toen onze jongste zoon naar school ging, koos Isabel ervoor om buitenshuis te gaan werken.”

“Dat klopt”, gaat Isabel verder. “Ik werkte graag op de boerderij, maar ik had Oosterse talen en culturen gestudeerd. Ik had dus ook een grote interesse in cultuur en geschiedenis, maar dat stond al die jaren op een laag pitje. We hebben toen enkele aanpassingen gedaan aan het bedrijf, zoals het inschakelen van een extra werkkracht, en toen ben ik zelfstandige geworden. Momenteel ben ik gids in verschillende musea in Brussel, Tervuren en Gent en in het kasteel van Laarne.

Ik had nood aan meer sociale contacten en heb die nu zeker gevonden, niet alleen in mijn nieuwe job, maar ook met onze korteketenverkoop en het boerderijonderwijs. Boerderijonderwijs wordt georganiseerd door de provincie Oost-Vlaanderen en heeft als doel kinderen kennis te laten maken met het leven op de boerderij. Zo komt een klas 6 keer een halve dag naar de boerderij om alles te leren over de landbouw én om de leerstof die ze in de klas zagen te toetsen aan de praktijk. Zo werken ze bij ons met hefbomen, meten ze de loods op en berekenen zo de oppervlakte en de omtrek. De kinderen mogen de kalfjes drinken geven en ze helpen zelfs mee melken. Dan start Johan speciaal later met melken.”

Hart verloren aan bio

“We hebben nu beiden een beter gevoel bij wat we doen”, zegt Johan. “We kunnen iets betekenen voor milieu en maatschappij. Tegelijkertijd verdienen we even goed onze boterham. We hebben veel tijd gestoken in het opstellen van een goed bedrijfsplan, maar het blijft toch altijd spannend afwachten of er niets misloopt. Nu hebben we het volste vertrouwen dat biologische landbouw de juiste keuze was en zeker niet leidt tot meer arbeid.”

Sanne Nuyts

Meest recent

Meest recent