Startpagina Onderwijs

Leerlingen en leerkrachten over de grenzen heen

Op het Land- en Tuinbouwinstituut Oedelem krijgen zowel leerlingen als leerkrachten volop kansen om kennis en ervaringen uit te wisselen. Dit doen ze via een buitenlandse stage of via samenwerking met andere scholen over de grenzen heen. De land- en tuinbouwsector is dan ook per regio heel verschillend gezien de regio-specifieke omstandigheden en wetgeving.

Leestijd : 4 min

Een buitenlandse stage vormt voor jongeren een unieke kans om zowel op professioneel als persoonlijk vlak extra ervaring op te doen vooraleer ze afstuderen en hun vleugels uitslaan. We zijn ervan overtuigd dat een stage in het buitenland ideaal is voor leerlingen uit de derde graad. Het is net voor deze leeftijdscategorie belangrijk om op eigen benen te leren staan.

Een spannend avontuur

Op persoonlijk vlak is zelfredzaamheid de grootste troef van de buitenlandse stage. Jongeren krijgen de kans om zelfstandig in een vreemd land én in een vreemde taal aan het werk te gaan. Door een nieuwe cultuur te leren kennen, kijk je ook anders naar je eigen cultuur.

Professionele skills die later goed van pas komen

De leerlingen kunnen hun theoretische en praktische kennis van de voorbije jaren toepassen in een onbekend land waar andere regels, technieken, weersomstandigheden … van toepassing zijn. Een internationale stage staat trouwens ook goed op je cv.

Bovendien biedt een buitenlandse stage de mogelijkheid om kennis te maken met vernieuwde inzichten, werktuigen en technieken die in België (nog) niet worden gebruikt. Deze skills kunnen bij de opstart van een eigen bedrijf of het instappen in het familiebedrijf toegepast worden.

Een netwerk voor het leven

We merken dat de sociale vaardigheden van de leerlingen tijdens de 2 stageweken een enorme evolutie doormaken. Alleen op reis gaan, betekent dat je bent aangewezen op jezelf. Tijdens zo’n ervaring leer je jezelf het best kennen. Tijdens deze stage worden vaak ook connecties gelegd voor het leven.

Vijf leerlingen naar het buitenland

Bram en Kato reisden naar het bedrijf Cascina Mellano in de regio van Turijn. Dit is een biologisch landbouwbedrijf in Italië waar de leerlingen meehelpen met de dieren te verzorgen, het rapen van de eieren, het schoonmaken van de stallen, groenteteelten voor te bereiden (tomaat, courgette…) en ook te oogsten (kolen).

De andere leerlingen gingen op stage naar Denemarken. Josefien ging aan de slag in een biologisch pluimveebedrijf en vertelt over haar aankomst: “De eerste dag mocht ik meteen mee op dagelijkse ronde. Dit houdt in dat we alle kippenstallen moeten controleren en nagaan of er kippen zijn met ziekteverschijnselen, kippen die vast zouden zitten... Verder wordt het gewicht van de kippen nauwgezet opgevolgd en ook bij die weging werd mijn hulp verwacht. Aangezien er die week een grote lading nieuwe kippen aankwam op de boerderij, hielp ik in de namiddag mee met de voorbereiding van de nieuwe stallen, onder meer door nieuw strooisel en etensbakjes te voorzien.”

Britt en Jaron deden beiden ervaring op in een melkveebedrijf. Britt hielp mee met de dagelijkse taken op het bedrijf, zoals melken en de kalfjes verzorgen. Dit grootschalige bedrijf telt maar liefst 1.000 melkkoeien en meer dan 600 stuks jongvee. Een goede leerschool voor Britt, die eventueel een eigen bedrijf wil starten in de toekomst.

Jaron maakte kennis met een volledig geautomatiseerd voedersysteem. Het ruwvoeder bestaat enkel uit gras. Voor maïs is het in het noorden van Denemarken namelijk vaak te koud. Dit wordt aangevuld met krachtvoer. Als bron van eiwitten in het rantsoen worden op het bedrijf zelf veldbonen getoast. Hierbij worden de veldbonen opgewarmd met hete lucht, tot de kern zo’n 120 graden bereikt. Vervolgens worden de opgewarmde veldbonen opgeslagen in een aparte silo en worden ze daarna geplet om toe te voegen aan het melkveerantsoen.

Samenwerking met Nederland

Dit schooljaar werden verkennende gesprekken gestart over een mogelijke samenwerking met Aeres Hogeschool in Nederland. Aeres Hogeschool heeft 3 faculteiten: Almere, Dronten en Wageningen.

De faculteit Almere legt zich toe op voeding, natuur en groene stadsontwikkeling. De faculteit in Dronten richt zich op duurzaam ondernemen binnen de agrifood- en tuinbouwsector. Deze school beschikt over een eigen innovatief landbouwbedrijf. Deze telt maar liefst 340 ha en bestaat uit een akkerbouwbedrijf en 3 verschillende melkveebedrijven.

Op de faculteit in Wageningen wordt een lerarenopleiding aangeboden, specifiek voor de ‘groene sector’, zijnde landbouw, tuinbouw, natuur …

LTI Oedelem kijkt in hoeverre het mogelijk is om elkaar te versterken en om kennis en ervaring maximaal uit te wisselen. Zo willen we onze leerlingen laten kennismaken met de Nederlandse innovatieve praktijkomgeving, met het aanbod van studierichtingen in het hoger onderwijs, enzomeer.

Leerkrachten kunnen cursusmateriaal uitwisselen en studenten uit Wageningen komen hier als stage voor de klas te staan. Er zijn dus tal van mogelijkheden!

Emilie Snauwaert (LTI Oedelem)

Lees ook in Onderwijs

Ondersteun duaal leren via bestaande aanbieders, niet via de RTC’s

Actueel Het takenpakket van de Regionale Technologische Centra (RTC’s) uitbreiden met het ondersteunen van duaal leren is geen goede zaak. Wend de voorziene middelen aan om de huidige aanbieders en ondersteuners van duaal leren te versterken. Dat adviseert de SALV in het kader van het voorontwerp van programmadecreet ter aanpassing van de begroting voor 2023.
Meer artikelen bekijken