Peilgestuurde drainage in polders biedt kansen
Droogte en verzilting zetten landbouwers in de polders onder druk. Water vasthouden in de bodem is cruciaal om gewassen door droge periodes te helpen. Peilgestuurde drainage wordt vaak genoemd als oplossing. Werkt deze techniek even goed op zware kleigronden als op lichtere bodems?

In het Vlaio-LA-traject ‘Op-peil’ onderzochten ILVO en Inagro samen met 5 andere partners 4 jaar lang het potentieel van deze techniek in het poldergebied.
Peilgestuurde drainage (PGD) lijkt op een klassiek drainagesysteem, maar er is een belangrijk verschil: via een regelput kan het waterpeil via de drains worden aangestuurd. Zo kan er extra water in de bodem worden vastgehouden in natte periodes en kan het vertraagd worden afgevoerd. Tijdens natte periodes en momenten waarbij er op het veld moet worden gereden, wordt de ‘stop’ uit de overloop gehaald om het grondwaterniveau te laten zakken. Op andere momenten wordt het water hoger gehouden, om zo water te bufferen in de bodem. Het doel daarvan is om meer water beschikbaar te houden voor gewassen tijdens droge periodes.

Ook op zware kleibodems
Deze techniek wordt vooral toegepast op lichtere bodems. In polders met zware kleigronden is het effect ervan echter minder bekend. Bovendien speelt verzilting daar een rol: zout grondwater kan gewassen extra stress bezorgen. Daarom werd in het Vlaio-LA-traject OP-PEIL – dat in oktober 2025 afliep – het potentieel van peilgestuurde drainage op zware kleibodems en de interactie met zout grondwater onderzocht, wat typisch is voor poldergebieden. Het ILVO coördineerde het project en werkte hiervoor samen met de Bodemkundige Dienst van België (BDB), Viaverda, het Proefstation voor de Groenteteelt (PSKW), Inagro, de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) en Boerennatuur Vlaanderen. Het onderzoek werd gefinancierd door het Agentschap Innoveren en Ondernemen en diverse cofinanciers uit de sector.
Hoe verliep het onderzoek?
Vier jaar lang volgden onderzoekers proefpercelen in het poldergebied. Ze vergeleken klassieke drainage met peilgestuurde drainage en brachten effecten in kaart op het vlak van waterhuishouding (infiltratie, buffering en grondwaterpeil), landbouwkundige resultaten (opbrengst van akkerbouwteelten zoals granen en veldbonen) en zoutstress (in-vloed op het zoutgehalte in de bodem), die in de polders aanwezig is door zout grondwater. Daarnaast ontwikkelde het project praktische hulpmiddelen, zoals een kansenkaart en een rekentool. Er werden ook proeven uitgevoerd met subirrigatie en collectief peilbeheer. We zetten de belangrijkste resultaten van het project op een rij.

Extra waterbuffer in winter en voorjaar
Peilgestuurde drainage laat toe om in natte periodes meer water in de bodem vast te houden. Voo-ral in de winter en het vroege voorjaar was het effect ervan duidelijk. Er werd meer infiltratie waargenomen en er was een hogere bodemvochtreserve bij de start van het groeiseizoen. Dit is een van de meest consistente voordelen die op zware klei werden waargenomen.
Effect neemt af bij langdurige droogte
Tijdens langere droge periodes verdwijnt het vastgehouden water relatief snel. Dat komt doordat zware kleigronden minder water vasthouden dan zand- of zandleembodems. Kleibodems reageren ook trager op veranderingen in peilbeheer. Daardoor blijft de landbouwkundige meerwaarde in de zomer beperkt. Tijdens het voorjaar kan je zo 1 à 2 waterirrigatiebeurten besparen, afhankelijk van de omstandigheden.
Risico op natte percelen bij fout beheer
Op kleigronden is de marge kleiner. Als het peil te hoog blijft staan, kan het perceel te nat worden en neemt het risico op structuurschade en opbrengstverlies toe. Een correcte afstemming met het waterpeil en tijdig ingrijpen zijn essentieel.
Sterke invloed van polderbeheer
Uit de metingen blijkt dat de omgeving een grote rol speelt. De interactie tussen het betrokken perceel en het poldernetwerk is belangrijk. Het waterpeil in de grachten wordt in de zomer namelijk ver-hoogd, zodat water kan infiltreren. Zo wordt peilsturing op niveau van de gracht ingesteld. Peilge-stuurde drainagesystemen kunnen deze interactie voor een deel tegenhouden. Dit betekent dat peilgestuurde drainagebesturing altijd rekening moet houden met de hydrologie van de omgeving.
Beperkte opbrengstverschillen
Gedurende de vierjarige proef waren de opbrengst-verschillen tussen peilgestuurde drainage en klassieke drainage klein. Tijdens de nattere groeiseizoenen 2023 (wintertarwe) en 2024 (veldboon + triticale) waren er geen verschillen in opbrengst. Alleen in het drogere voorjaar van 2025 was er een lichte meeropbrengst in wintertarwe bij peilge-stuurde drainage (11,77 ton droge stof/ha tegenover 11,04 ton droge stof/ha). Dit bevestigt het feit dat peilgestuurde drainage geen garantie is op een hogere opbrengst, maar wel kan bijdragen aan een stabieler bodemvocht in het voorjaar.
Zoet water bufferen
In de meeste situaties bleef de overgang tussen zoet en zout grondwater vrij stabiel. Peilgestuurde drainage veranderde dit nauwelijks. Tijdens droge periodes zagen we de zoetwaterlens verdwijnen. Wel kan de extra buffering zoutstress tijdelijk uitstellen, maar het is geen structurele oplossing tegen verzilting. Het zoute water is aanwezig in een veenlaag in de ondergrond en wordt niet naar beneden gedrukt.
Conclusie en advies
We kunnen concluderen dat er met peilgestuurde drainage positieve effecten waar te nemen zijn in zware kleibodems, hoewel ze minder uitgesproken zijn dan in lichte bodems. Er wordt extra water gebufferd, wat de gewassen ten goede kan komen en zoutstress kan uitstellen. De meerwaarde op zware kleibodems is vooral te zien in de winter en in het voorjaar. PGD bevordert infiltratie en helpt een betere vochtvoorraad op te bouwen bij de start van het seizoen.
De landbouwkundige winst is beperkt in droge periodes. Zware kleibodems houden minder water vast dan lichte gronden, waardoor het effect van PGD in de zomer beperkt blijft. Vooral tijdens het voorjaar is er winst te boeken. Tot slot is een goed beheer cruciaal. Een juiste peilsturing en afstemming met het polderwatersysteem zijn noodzakelijk om het risico op natte percelen en schade te vermijden.
Meer weten?
Wil je meer informatie over dit onderzoek? Neem dan een kijkje op de website van OP-PEIL of contacteer Bert Everaert, onderzoeker Bodem en bemesting bij Inagro via 051 14 03 25 of bert.everaert@inagro.be.





