Startpagina Actueel

Rekenkamer heeft opmerkingen over nieuw GLB-voorstel

De financiële toezichthouder van de EU (de Rekenkamer) heeft zopas zijn standpunt gegeven over de ontwerpwetgeving. Als deze wordt aangenomen, zal ze van 2028 tot en met 2034 van toepassing zijn op de sectoren landbouw en voedsel in de EU. Er zijn opmerkingen over onzekerheid en onduidelijkheden.

Leestijd : 4 min

De Europese Rekenkamer (ERK) heeft op 9 februari haar verslag gepubliceerd waarin zij het Europees Parlement en de Raad van de EU advies geeft over de voorstellen van de Europese Commissie voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) en de gemeenschappelijke marktordening (GMO).

Eén plan per land

Het Europees Fonds zou afzonderlijke fondsen samenvoegen en Europese financiering voor verschillende langlopende beleidsmaatregelen onderbrengen in 1 nationaal plan per land. GLB-betalingen aan lidstaten kunnen worden gebaseerd op output of op het behalen van mijlpalen en streefdoelen. Het GLB zou een minimale begrotingstoewijzing van 293,7 miljard euro ontvangen voor inkomenssteun aan landbouwers (het zogenoemde ‘geoormerkte’ bedrag). Andere GLB-maatregelen — zoals het Leader-programma voor plattelandsontwikkeling dat lokale gemeenschappen versterkt, steun voor de ultraperifere gebieden, en de EU-schoolregeling — zouden worden gefinancierd uit het ‘niet-geoormerkte’ bedrag.

In het interinstitutioneel akkoord wordt een plattelandsdoelstelling voorgesteld van 10% van het niet-geoormerkte bedrag (ten minste 48,7 miljard euro). Bovendien heeft de Commissie in het kader van de overeenkomst tussen de EU en Mercosur voorgesteld dat de Europese lidstaten vanaf 2028 ook toegang moeten krijgen tot zo’n 45 miljard euro uit het flexibiliteitsbedrag, om tegemoet te komen aan de behoeften van landbouwers en plattelandsgemeenschappen.

Verschillende risico’s

De auditors maken opmerkingen over het ontwerp en de uitvoering van het toekomstige GLB, met het oog op goed financieel beheer, verantwoordingsplicht en meerwaarde van de EU. Zij waarschuwen voor verschillende risico’s als gevolg van onzekerheid en onduidelijkheid. Voorts benadrukken ze dat EU-financiering traceerbaar moet blijven.

In 2025 heeft de Commissie voorgesteld om in totaal 2 biljoen euro beschikbaar te stellen voor de EU-begroting 2028-2034, ofwel het meerjarig financieel kader (MFK). Met een begroting van ongeveer 865 miljard euro vormt het Europees Fonds het grootste onderdeel van het volgende MFK. Het GLB — momenteel het grootste programma voor landbouwuitgaven van de EU — zou worden gefinancierd uit dit nieuwe fonds, op basis van nationale plannen.

Geen specifiek fonds voor landbouw

Het is de eerste keer sinds de oprichting van het GLB in 1962 dat er geen specifiek fonds voor landbouw wordt ingesteld. Het voorstel van de Commissie houdt ook een belangrijke structurele verandering in. Het maakt namelijk een einde aan de traditionele GLB-steun op basis van 2 pijlers: een eerste voor landbouwers en de agrovoedingssector en een tweede voor plattelandsontwikkeling. De auditors constateerden dat ingewikkelde plannings- en vaststellingsregelingen, samen met een complexere juridische structuur van het GLB, het risico op onzekerheid vergroten. Daardoor neemt de voorspelbaarheid voor de begunstigden af en kan de uitbetaling van middelen vertraging oplopen. Dit zou het vereenvoudigingsdoel kunnen ondermijnen.

In november 2025 werd overeengekomen om sommige bepalingen van het Europees Fonds over te hevelen naar de GLB-verordening. Wat dit betreft zijn de auditors van mening dat de EU-wetgevers verdere relevante bepalingen zouden kunnen overhevelen om het beleid completer te maken. Er zou echter ook enige onzekerheid kunnen ontstaan, omdat het totale bedrag van de GLB-financiering pas bekend zal zijn nadat de nationale plannen in het kader van het Europees Fonds zijn goedgekeurd. Voor de ontvangers van middelen zou dit in de planningsfase tot onvoorspelbaarheid kunnen leiden over de hoogte van het geld waarover zij zouden beschikken. Het kan ook een uitdaging zijn om de GLB-uitgaven in het kader van het huidige MFK te vergelijken met de mogelijke toewijzing ervan in het kader van het volgende MFK.

Een andere onzekerheid vloeit voort uit een gebrek aan duidelijkheid over welke GLB-maatregelen op output moeten worden gebaseerd en welke op mijlpalen en streefdoelen. Dit leidt mogelijk tot inconsistentie tussen EU-landen. In dit verband benadrukken de auditors dat ook bij maatregelen die op mijlpalen en streefdoelen zijn gebaseerd, de verantwoordingsplicht en traceerbaarheid moeten worden gewaarborgd. Met name de traceerbaarheid van de rekeningen tot aan de eindbegunstigden (bijvoorbeeld landbouwers) is een niet-onderhandelbare voorwaarde voor de ERK om haar taak te kunnen vervullen.

Gezien de omvang van de voorgestelde wijzigingen en de flexibiliteit die de EU-landen wordt geboden bij het opstellen van hun nationale plannen, is het moeilijk om de gevolgen van de voorstellen van de Commissie voor de toewijzing van nationale uitgaven realistisch in te schatten. Bovendien mag grotere flexibiliteit voor EU-landen geen afbreuk doen aan de gemeenschappelijke doelstellingen van het GLB, zoals een eerlijk inkomen voor landbouwers, milieuzorg en klimaatactie, en voedselzekerheid. “Dit zou kunnen leiden tot een ongelijk speelveld voor landbouwers en een negatief effect kunnen hebben op eerlijke concurrentie en de werking van de interne markt. Om dit risico te beperken, zal de Commissie haar versterkte sturende rol doeltreffend moeten vervullen”, zeggen de auditoren in hun verslag.

Rekenkamer bevestigt analyse Boerenbond

Het GLB is voor Boerenbond een voorbeeld van eenmaking van de Europese markt en van gemeenschappelijke beleidsvoering op Europees niveau. “De voorgestelde daling van het landbouwbudget zet dat fundament onder druk. Naast de budgetdaling zorgt ook de nieuwe structuur van de fondsen voor een negatieve impact op de werking van het GLB. De Rekenkamer bevestigt nu onze analyse. Het dreigt de steun voor landbouw ongelijk te verdelen tussen lidstaten, wat het gelijke speelveld ondermijnt. Wij vragen daarom om de geoormerkte middelen op te trekken, zodat er budgetzekerheid is voor de geplande interventies”, zegt Boerenbond in een reactie.

Boerenbond uitte al kritiek op de ingewikkelde regeling voor zowel de vaststelling en planning van het budget als voor de juridische structuur van het hervormingsvoorstel en de koppeling met voorwaarden in andere beleidsdomeinen. “De beschikbaarheid van de middelen voor de verdere verduurzaming van de sector mogen niet tot meer onzekerheden leiden. We pleiten daarom voor een werkbaar en slagkrachtig GLB, met sterke financiering, zekerheid van financiering en een afzonderlijke verordening en plan. Dat neemt niet weg dat we flexibiliteit voor de lidstaat steunen als principe”, besluit Boerenbond.

FVDL

Lees ook in Actueel

Miniatuurpaarden als warme brug tussen mens en dier

Paarden In 2024 startten Caroline Deruytter en haar echtgenoot Jason Kuystermans met mobiele kinderboerderij Everdijhof, een project dat uitgroeide tot een bijzonder waardevolle ontmoetingsplek tussen mens en dier. Wat begon als een kleinschalig initiatief met één miniatuurpaard, groeide uit tot een volwaardige mobiele boerderij met een duidelijke missie: mensen laten genieten van diercontact, waar zij zich ook bevinden.
Meer artikelen bekijken