Startpagina Varkens

Geurkader voor veehouderijen bijgesteld

Het Departement Omgeving stelde enkele jaren geleden een ‘geurkader’ op. Daarin is opgenomen op welke manier de geurimpact van een veeteeltbedrijf wordt beoordeeld. Het geurkader geeft duiding over de toetsingswaarden (geureenheden), beoordelingspunten (bijvoorbeeld woningen in de omgeving) en een kader voor eventuele saneringen. Dit kader werd nu bijgesteld.

Leestijd : 3 min

Wanneer een veeteeltbedrijf een vergunning aanvraagt, wordt een berekening gemaakt van de geurhinder voor de omgeving.

Zonevreemde functies in agrarisch gebied

Zonevreemde functies zoals residentiële woningen, recreatie en niet-landbouwgebonden bedrijvigheid zetten het landbouwgebied steeds meer onder druk. “Daardoor worden landbouwers, en zeker veehouderijen, steeds vaker geconfronteerd met discussies en klachten rond geur en onduidelijkheid bij vergunningen. Dat hypothekeert hun ontwikkelingsmogelijkheden en bemoeilijkt de vergunningverlening”, stelt Vlaams minister van Omgeving en Landbouw Jo Brouns (cd&v).

Respect en aanvaarding gebiedseigen activiteiten

In het Vlaams regeerakkoord en in de Beleidsnota Omgeving 2024-2029 is daarom het volgende opgenomen: “Gedesaffecteerde bedrijfswoningen kunnen, maar altijd in respect voor en met aanvaarding van de gebiedseigen activiteiten. Met betrekking tot die woningen in het landbouwgebied herbekijken we in dat kader het geurkader en verankeren we dat in regelgeving.”

Traditie van geurbeoordeling

In Vlaanderen is er een lange traditie van geurbeoordeling in het kader van vergunningverlening. In het MER-Richtlijnenboek Landbouwdieren, dat wordt toegepast in het kader van milieueffectenrapportage, is een methodiek opgenomen om de geurimpact in kaart te brengen in een geurstudie. Dit vormt een essentieel instrument om de mogelijke geurhinder zo objectief mogelijk te beoordelen.

Geurstudie voegen bij omgevingsvergunningsaanvraag

Veeteeltbedrijven kunnen best een (cumulatieve) geurstudie voegen bij een omgevingsvergunningsaanvraag indien ze een effect op geuremissie verwachten. Dit is concreet het geval in vergunningsaanvragen met:

- een uitbreiding van het aantal dieren, ongeacht of de vergunningstermijn wordt verlengd of gelijk blijft;

- een wijziging in de gehouden dierencategorieën die resulteert in een stijging van de totale geuremissie, ongeacht of de vergunningstermijn wordt verlengd of gelijk blijft;

- een verlenging van de vergunningstermijn tot na 31 december 2030 of voor onbepaalde duur, ook zonder wijziging aan de rubriek 9 van de indelingslijst;

- de bouw van een nieuwe stal of een vergunningsplichtige verbouwing van een stal.

Diverse doelen

In uitvoering van het regeerakkoord en de Beleidsnota Omgeving 2024-2029 is het geurkader voor veehouderijen van het departement Omgeving nu bijgesteld. Het komt erop neer dat de toetsingswaarden -en beoordelingspunten zijn geherevalueerd met als doel:

- het bestaande geurbeoordelingskader te verduidelijken en uniformiseren;

- de toepassing ervan in landbouwgebied te concretiseren;

- de bescherming van zone-eigen landbouwactiviteiten te verankeren;

- de wederkerigheid van het geurbeleid te benadrukken bij functiewijzigingen naar zonevreemd gebruik. Dit betekent dat een functiewijziging van bijvoorbeeld een landbouwbedrijf naar een woning pas aanvaard wordt wanneer de woning buiten het geurbeoordelingskader valt.

De context, aanleiding en doel van de aanpassing wordt hier verduidelijkt.

Duidelijkheid en rechtszekerheid

Minister Brouns is blij met het aangepaste geurkader. “Met dit kader brengen we eindelijk duidelijkheid en rechtszekerheid: landbouw moet kunnen blijven functioneren in landbouwgebied. Zo beschermen we het typische karakter van het Vlaamse platteland en alles wat daarbij hoort”, zegt de minister.

Kabinet Brouns/Departement Omgeving

Lees ook in Varkens

Meer artikelen bekijken