Boerinnen slaan alarm over zwerfvuil op hun velden
Blikjes, plastic flessen en ander huisvuil zorgen voor steeds grotere problemen op landbouwgrond. Dat blijkt uit een enquête van Ferm, de Fédération Wallone de l’Agriculture (FWA) en l’Union des Agricultrices Wallonnes (UAW) bij landbouwers. Zwerfvuil brengt niet alleen schade toe aan gewassen en machines, maar vormt ook een ernstig gevaar voor het vee en de boeren zelf. Statiegeld kan een oplossing vormen.

Tussen januari en maart 2026 namen in Vlaanderen meer dan 100 landbouwers deel aan de enquête. Liefst 81,8% van hen noemt blikjes de grootste bron van overlast. Wanneer blikjes tijdens het maaien of hakselen versnipperd worden, belanden kleine stukjes metaal overal op het veld en in het dierenvoeder. Ook plastic flessen behoren tot het meest voorkomende zwerfvuil op landbouwgrond. Daarnaast zorgen achtergelaten vuilniszakken langs de weg voor grote problemen. Ze komen terecht in hooi, op akkers en tussen geoogste gewassen.
Schrijnende getuigenissen
“Het is een heel groot gevaar dat blikjes mee verhakseld worden met het gemaaide gras. Het kost dure uren als een loonwerker moet zoeken naar het blikje dat alarm geeft in de hakselaar. Als dit door de oogstmachines geraakt en bij de dieren komt, kunnen ze bloedingen krijgen. Daar kunnen koeien aan sterven”, getuigt een landbouwer. Een andere landbouwer vertelt dat hij jaarlijks een paar dode dieren heeft door blikjes die in het voeder terechtkomen.
Naast het leed voor dieren en de emotionele impact op landbouwers, is er ook een belangrijke economische kost. Bijna de helft van de respondenten zegt dat zwerfvuil en sluikstort hen minstens 200 euro per jaar kosten. Een kwart van de landbouwers loopt zelfs meer dan 500 euro schade per jaar op.
Statiegeld invoeren
Ferm, FWA en UAW roepen de politieke besluitvormers opnieuw op om het probleem bij de bron aan te pakken. Sensibilisering en controles blijven belangrijk, maar volgens de organisaties is vooral de invoering van statiegeld op blikjes en plastic flessen noodzakelijk. Zo krijgen lege verpakkingen waarde en worden ze minder snel weggegooid. Extra opruimacties of strengere boetes volstaan niet. Die maatregelen grijpen pas in nadat het afval al in de natuur of op landbouwgrond is terechtgekomen. Zij voorkomen geen zwerfvuil, statiegeldsystemen daarentegen wel.
Onderzoek en praktijk in verschillende Europese landen tonen aan dat statiegeldsystemen leiden tot hogere inzamelingspercentages en minder zwerfvuil. Zo is er in Nederland het rapport van de Zwerfinator van 11 februari 2025. Uit dit onderzoek blijkt dat het aantal blikjes en flesjes met statiegeld in het zwerfafval sinds 2020 met 80% is afgenomen.
Volgens de organisaties hebben jarenlange sensibiliseringscampagnes, opruimacties en handhaving het probleem onvoldoende opgelost. Ook plannen om het opruimen verder te vergoeden, verschuiven vooral de kosten zonder de oorzaak van het probleem weg te nemen.
Waar blijft statiegeld?
“Landbouwers mogen niet langer opdraaien voor de gevolgen van afval dat anderen achterlaten. Wie verpakkingen op de markt brengt en de verpakkingen gebruikt, moet mee verantwoordelijkheid nemen om te voorkomen dat ze in onze velden en voedselketen terechtkomen”, klinkt het bij Ferm.
Ook Loes Van Houdt van melkvee- en ijshoeve De Witte Lelie in Wiekevorst nam deel aan de enquête, uit grote bezorgdheid voor haar dieren en het milieu. Ook zij ziet het volume zwerfvuil in haar omgeving toenemen. “Als student in Noorwegen kon ik in de praktijk ervaren hoe efficiënt de inlevering van deze verpakkingen is via het systeem van statiegeld. Waarom blijft de invoering hiervan in België al zo lang uit?”
Statiegeldalliantie
Ferm maakt deel uit van de Statiegeldalliantie. Die alliantie verenigt een brede coalitie van milieu- en andere organisaties, bedrijven, steden en burgers die pleiten voor een efficiënt statiegeldsysteem op blikjes en plastic flessen in België.





