Opvallend meer steun voor hoevewinkels in 2025
Er is een blijvende en stijgende interesse in investeringen in hoevewinkels. In 2025 selecteerde het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) 235 aanvragen voor investeringen in hoevewinkels. Dat zijn er opvallend meer dan in 2023 en 2024. Toen waren dat er respectievelijk slechts 149 en 175.

Parlementslid Peter Van Rompuy van cd&v vroeg de cijfers op bij Vlaams minister van Landbouw en Omgeving Jo Brouns. Die nuanceert de aantallen. Die 235 aanvragen gaan niet uitsluitend over nieuwe hoevewinkels. Ook bestaande hoevewinkels kunnen VLIF-steun vragen.
Meer dan 3 miljoen euro steun
Alle geselecteerde investeringen in hoevewinkels waren in 2025 samen goed voor een selectiebedrag van 3.270.584 euro bij het VLIF. De investeringen die kunnen gesubsidieerd worden, zijn het uitrusten van afgescheiden ruimtes specifiek voor de rechtstreekse verkoop, met inbegrip van een opslag- of koelruimte die bestemd is voor de verkoopklare voorraad van die producten. Hieronder wordt verstaan de inrichting, de specifieke afwerking en de structurele indeling van de ruimte (binnenmuren). Ook machines en materieel om hoeveverkoop mogelijk te maken, zijn subsidiabel.
Meer rechtstreekse verkoop
Het exacte aantal hoevewinkels in Vlaanderen, daar heeft de minister geen zicht op. Wel is er een indicatie via de landbouwtelling van Statbel, die in de jaren van een volledige telling zicht geeft op ‘rechtstreekse verkopen’. Rechtstreekse verkoop kan behalve in een hoevewinkel ook gebeuren op de boerderij, via automaten of op markten. In 2023 waren er 737 bedrijven meer die aan rechtstreekse verkoop deden dan in 2013.





