Startpagina Aardappelen

Robuustere aardappelvariëteiten verbouwen wordt noodzaak

Gezien de klimaatevolutie, de afname van gewasbeschermingsmiddelen en de toename van productierisico's, lijkt het meer en meer verbouwen van robuustere aardappelrassen de toekomst.

Leestijd : 5 min

Het Interreg-project ‘RobPatat’ probeerde obstakels voor de ontwikkeling en introductie van robuuste aardappelvariëteiten te identificeren. Daarnaast tracht het oplossingen aan te dragen om deze transitie te versnellen. ‘RobPatat’ ging in 2025 van start en brengt 5 partners samen: Fiwap (projectleider), Biowallonie, BioForum, Bio Hauts-de-France en Norabio.

Waarom slagen aardappelrassen die van nature resistent zijn tegen ziekten en klimatologische stress er nog steeds niet in om voet aan grond te krijgen in de sector, ondanks hun onmiskenbare milieu- en agronomische voordelen? Dat is de vraag die het ‘RobPatat’-project probeerde te beantwoorden.

Om de situatie te begrijpen, werden er 2 bevragingen binnen de sector uitgevoerd: één gericht op de industrie en de andere op de versmarkt. In totaal werden 136 bedrijven benaderd, waarvan er 29 daadwerkelijk antwoordden.

De eerste bevinding van het onderzoek is dat bijna 90% van de respondenten overtuigd is van de noodzaak van een overgang naar robuustere rassen. Het probleem is dus niet zozeer een weerstand tegen verandering, maar eerder een moeilijkheid om actie te ondernemen.

“Voor meer dan 80% van de respondenten is de introductie van een nieuw ras een mislukking gebleken”, aldus Vincent Berthet, bio-ingenieur bij Fiwap. “Deze mislukking komt bijvoorbeeld voort uit agronomische problemen, een gebrek aan informatie over rassen of problemen met de bewaring. Professionals zijn zich bewust van het bestaan van robuuste variëteiten, maar missen nog garanties om de sprong ernaartoe te wagen.”

De grootste belemmering

Uit het onderzoek bleek verder dat 50% van de respondenten regelmatig robuuste rassen gebruikt, maar dat 80% daarvan bestemd is voor de biologische versmarkt. Het aandeel robuuste aardappelen in de conventionele toeleveringsketen is daarmee vrij laag.

“Om het gebruik van robuuste variëteiten te bevorderen, moeten ze eerst op hetzelfde niveau staan als de huidige variëteiten”, legt Vincent Berthet uit.

Gebrek aan kennis staat bovenaan de lijst met geïdentificeerde belemmeringen om robuuste rassen aan te wenden. “Meer dan de helft van de producenten wil graag meer gegevens over de technische en agronomische prestaties van robuuste rassen, zoals hun gedrag in het veld en tijdens de bewaring”, legt Vincent Berthet uit. “De sector merkt ook een zekere terughoudendheid op bij haar klanten.”

Voor de versmarkt is naast het gebrek aan informatie, het aanbod een ander belangrijk obstakel. Wanneer een variëteit slechts een heel beperkt beschikbaar volume vertegenwoordigt, is dit onvoldoende om een volwaardige commerciële strategie op te zetten. Het is daarom noodzakelijk om tegelijkertijd de productie op te starten, de volumes veilig te stellen en de vraag te stimuleren.

“In tegenstelling tot wat algemeen wordt aangenomen, lijkt de industrie in principe niet gekant tegen de introductie van nieuwe variëteiten. Volgens het onderzoek gaf 92% van de ondervraagde bedrijven aan open te staan voor deze mogelijkheid”, aldus Berthet. “De echte uitdaging ligt eerder bij de voorwaarden om nieuwe variëteiten te integreren. Aardappelverwerkers streven naar een constante kwaliteit en een betrouwbare aanvoer, terwijl producenten aarzelen om een variëteit te telen waarvan ze niet zeker weten of er een markt voor zal zijn.”

Bio toont de weg

De transitie naar robuuste rassen is in de biologische sector veel verder gevorderd. Volgens cijfers die ons werden gepresenteerd, is bijna 70% van het in België verkochte biologische volume afkomstig van rassen die als robuust worden beschouwd. Ter vergelijking: in de conventionele sector is dit ongeveer 3%. Voornoemde percentages betreft het volume aan aardappelen dat in de winkels verkrijgbaar is. Wat betreft de volumes robuuste aardappelen die bij ons op het veld geteeld worden, bedraagt het aandeel ongeveer 1%.

In het kader van het ‘RobPatat’-project is, na de 2 bevragingen, een memorandum opgesteld. Dit memorandum heeft als doel om het gebruik van deze variëteiten in de conventionele keten geleidelijk te veralgemenen, door inspiratie te putten uit de ervaringen in de biologische landbouw.

De visie voor 2030 is ambitieus: het aandeel van robuuste rassen op de markt aanzienlijk vergroten, de productievolumes verhogen en de Belgische en Franse oorsprong zoveel mogelijk promoten.

Vijf aandachtspunten

Om van intentie naar actie over te gaan, hebben de partners van ‘RobPatat’ strategische aandachtspunten geïdentificeerd. Het eerste is het verbeteren van de kennis over robuuste rassen door meer informatie te bekomen en deze info over eigenschappen en prestaties ook te verspreiden.

Het tweede aandachtspunt is het waarborgen dat de toeleveringsketen voorzien wordt van robuuste rassen en in voldoende hoeveelheden.

Het derde aandachtspunt moet de kwaliteitscriteria en methoden voor de evaluatie van rassen aanpassen. Er moet een gemeenschappelijk protocol ontwikkeld worden om de robuustheid van rassen beter te kunnen beoordelen, vooral met betrekking tot de aardappelplaag, waterstress, stikstofgebruik en hun impact op het leefmilieu.

Het vierde aandachtspunt betreft de communicatie met de consument. In België is het niet langer verplicht om de rasnaam op de verpakking van de aardappelen te vermelden. Het idee is om, in plaats van de rasnamen te benadrukken, het concept van ‘robuuste variëteit’ te promoten om zo de vraag van de consument te stimuleren, waarbij die vraag vervolgens door de hele keten stroomt.

Ten slotte gaat het vijfde aandachtspunt over technische en economische ondersteuning. Teeltbegeleiders moeten opleiding krijgen en aardappeltelers moeten ondersteund worden. Daarnaast moet er een mechanisme komen om het risico te delen en zo de implementatie in de praktijk te vergemakkelijken.

Anticiperen op de toekomst

Volgens Daniel Ryckmans, onderzoeker bij Fiwap, zal er geen rassendiversificatie komen zonder investeringen. “Veel bedrijven hebben momenteel grote opslagloodsen, die ontworpen zijn om aanzienlijke hoeveelheden van één enkel ras op te slaan. Als de sector in de toekomst om meer diversiteit vraagt, kan dit een belemmering vormen. Er zal meer nood zijn aan kleinere, flexibelere opslag, waardoor verschillende rassen gescheiden kunnen worden bewaard. Deze ontwikkeling zal tijd kosten.”

Nog volgens Ryckmans wordt het noodzakelijker om te anticiperen op een volgende crisis in plaats van erop te wachten. “Veerkrachtige rassen bieden daarom een extra hulpmiddel om de aardappelproductie beter te waarborgen en de afhankelijkheid van gewasbescherming te verminderen. Het ‘RobPatat’-project wil dit momentum nu verder uitbouwen met een memorandum dat openstaat voor belanghebbenden in de sector. Bedrijven worden uitgenodigd om zich te verbinden aan de acties die ze kunnen uitvoeren en om bij te dragen aan de verspreiding van deze nieuwe aanpak.”

Astrid Bughin/TD

Lees ook in Aardappelen

Franse telers verwachten 23% minder aardappelen door droogte

Aardappelen De aardappeltelers, die zwaar zijn getroffen door de droogte die al enkele maanden in Frankrijk heerst, verwachten een daling van de oogst met 23% ten opzichte van vorig jaar. Dat gaat gepaard met verliezen van minstens 400 miljoen euro, zo maakten zij op 24 augustus bekend.
Meer artikelen bekijken