Startpagina Melkvee

“Boerderijkampjes hebben sociale en economische meerwaarde”, vindt Lenka Lowet

Leerkracht landbouwonderwijs Lenka Lowet (27) rust deze zomer niet uit. Ze ontvangt 3 keer per week zo’n 50 kinderen op het gemengde melkveebedrijf van haar ouders Annick en Erwin in Heers. Boerderijkampjes zijn populairder dan ooit en met ‘Het Fleckje’ grijpt Lenka haar kans om kinderen bij te brengen waar ons voedsel écht vandaan komt.

Leestijd : 6 min

Koningin Mathilde wist het in 2019 al: bij de familie Strauven-Lowet in Heers staat vrouwelijk ondernemerschap centraal. Annick Strauven runt er samen met haar man Erwin Lowet een melk- en vleesveebedrijf met akkerbouw. Ook dochter Lenka heeft de landbouwmicrobe duidelijk te pakken, maar bouwt bruggen met haar andere passie: kinderen leren wat landbouw is.

Geen landbouw, maar onderwijs

Je groeide op tussen de koeien. Was de passie voor landbouw er al van kleins af aan?

Mijn ouders hebben op deze locatie in Heers hun ouderlijke bedrijven laten samensmelten. Ik ben enig kind en reed hier van kleins af aan rond met mijn traptractortje met een kar. De liefde voor dieren was er toen al, die voor tractoren en veldwerk is pas later gekomen. Toen ik op mijn 16e mijn tractorrijbewijs haalde, voelde ik dat ik ook buiten de stal mijn steentje kon bijdragen.

En toch koos je niet voor een landbouwopleiding?

Nee, ik wou niet op kot in Geel. (lacht) Ik wilde ’s avonds gewoon thuis zijn en op het bedrijf kunnen rondlopen, dus ik koos ervoor om leerkracht te studeren in Hasselt. Niet enkel uit praktische overwegingen, maar ook omdat ik het heel fijn vind om kinderen te motiveren en dingen bij te leren. Mijn eerste werkervaring was als leerkracht in het lager onderwijs, maar daarna maakte ik de overstap naar het PIBO in Tongeren, een middelbare school met specialisatie in land- en tuinbouw.

En nu geef je les aan de boeren en tuinders van morgen. Hoe verloopt dat?

Ik geef de vakken veehouderij en dierzorg aan de tweede en derde graad. In mijn klassen is maar zo’n 10% boerenzoon of -dochter. Veel jongeren hebben wel veel interesse in het zorgen voor dieren, maar ik vraag me vaak af of ze ook beseffen hoe hard het leven op de boerderij is. Landbouwdieren houden is 7/7 en 24/24, terwijl ik merk dat veel leerlingen het op vrijdagnamiddag graag voor bekeken houden. Op dat vlak vind ik toch dat er een generatiekloof is.

Start van kinderboerderij

Naast je werk als leerkracht ben je erg actief op het landbouwbedrijf van je ouders. Wat houdt dit precies in?

We melken 140 koeien in een 2x10-melkstal en houden ook nog vleesvee. Ik help mee met melken, voeren, koeien scheren… op elk vrij moment. Daarnaast is er een akkerbouwtak. De teelt van aardbeien hebben we enkele jaren geleden afgestoten, omdat dit niet meer goed combineerbaar was. Tijdens corona ben ik immers gestart met ‘Het Fleckje’, een kinderboerderij waarin we kampjes, open speeldagen, feesten en andere activiteiten organiseren. We verwerken ook onze eigen melk tot ijs en verkopen heel wat melk via korte keten aan bakkerijen en ijssalons.

Vanwaar de beslissing om naast het al volwaardige melkveebedrijf met een neventak te starten?

Het is heel klein begonnen toen ik mijn leerlingen af en toe mee naar ons landbouwbedrijf nam. Ik vond het altijd al heel belangrijk om kinderen te laten zien van waar hun voedsel echt komt. Je wil niet weten hoe vaak ik kinderen hoor zeggen dat melk uit een pak van de supermarkt komt. De enige manier om hun begrip en respect voor boeren mee te geven, is om de praktijk te laten zien. Vandaag is ‘Het Fleckje’ uitgegroeid tot een volwaardige kinderboerderij waarop we in de vakanties zo’n 50 kinderen per dag ontvangen, 3 keer per week. Kinderen tussen de leeftijd van 2,5 tot 12 jaar zijn welkom en ik kan rekenen op mijn mama en op 4 andere begeleiders die me helpen om alles in goede banen te leiden. Elke eerste zondag van de maand doen we ook een open speeldag.

‘Het Fleckje’ is uitgegroeid tot een volwaardige kinderboerderij waar men in de vakanties zo’n 50 kinderen per dag ontvangt, 3 keer per week.
‘Het Fleckje’ is uitgegroeid tot een volwaardige kinderboerderij waar men in de vakanties zo’n 50 kinderen per dag ontvangt, 3 keer per week. - Foto: LL

Goede planning noodzakelijk

Vraagt het ontvangen van kinderen en gasten veel aanpassingen voor het landbouwbedrijf?

We zijn begonnen in een oude loods, maar dat was niet houdbaar. Intussen hebben we een grote renovatie gedaan, zodat er een goed geïsoleerde en moderne loods is waar kinderen op een aangename manier kunnen spelen en eten. Daarnaast wil je natuurlijk dat het landbouwbedrijf er altijd tiptop uitziet, alsof je elke week meedoet aan de Dag van de Landbouw. (lacht) Elk onkruidje wordt uitgetrokken, een rommelhoekje moet worden opgeruimd. Dat is natuurlijk goed, want zo blijft het bedrijf spic en span, maar het zorgt zeker voor een bepaalde druk. Al zijn we dat intussen gewend.

Ik kan me voorstellen dat ruwvoer inkuilen lastig is wanneer er 50 kinderen op het bedrijf spelen.

Klopt, daarom plannen we eigenlijk alle grote werkzaamheden op dagen dat er geen bezoekers zijn. Voor de veiligheid is dat de enige manier, want je wil geen tractoren op het bedrijf wanneer er kinderen zijn. Ook het werk in de stal plannen we hierrond. We staan extra vroeg op, zodat het melken klaar is wanneer een kampje begint en ook ’s avonds passen we ons aan.

Boerderijkampjes voor kinderen zijn enorm populair, voel jij dat ook?

Absoluut, het zijn hier soms toestanden zoals bij de ticketverkoop van Tomorrowland. (lacht) Steeds meer ouders zoeken opvang voor hun kinderen tijdens de vakantie, want velen gaan beiden uitwerken en grootouders zijn vaak nog niet met pensioen. En dan is een boerderijkampje waar kinderen met veel plezier naartoe gaan een fijne oplossing. Doordat het zo populair is, moeten we wel regelmatig mensen teleurstellen en dat vind ik altijd lastig. Ik merk dat veel mensen starten met het organiseren van kampjes of speeldagen, maar er zijn ook veel stoppers. De vraag is groot, maar er komt heel veel bij kijken. Vooral de wetgeving rond veiligheid is heel pittig. We hebben dit jaar bijvoorbeeld 3 keer controle gehad van de FOD Economie om een speeltoestel na te kijken. Het moet uiteraard veilig zijn, maar de administratie en regelgeving is niet te onderschatten. En daarbij komen natuurlijk nog het Voedselagentschap (FAVV) en alle andere controles waar je als landbouwbedrijf aan onderworpen wordt.

Merk je dat er bij ouders en kinderen nog misvattingen zijn over de landbouw?

Helaas wel, maar er is ook veel belangstelling. Daarom proberen we kinderen niet alleen te laten spelen, maar hun ook iets bij te brengen. Samen ijs maken van melk van de koe, zaadjes planten, fruit plukken, in het veld gaan kijken naar de graanoogst… Kinderen en volwassenen ontvangen op het landbouwbedrijf en hen laten kennismaken met de sector is niet alleen rendabel, het betekent ook op sociaal vlak een grote meerwaarde.

Lenka combineert haar job als leerkracht met haar kinderboerderij ‘Het Fleckje’.
Lenka combineert haar job als leerkracht met haar kinderboerderij ‘Het Fleckje’. - Foto: LL

Nood aan meer rechtszekerheid

Hoe zie jij je toekomst?

Ik ben zelfstandig helper op het landbouwbedrijf van mijn ouders en ben blij met mijn job als leerkracht, maar we praten zeker wel over de toekomst. Al maakt de onzekerheid in de vergunningverlening het er natuurlijk niet makkelijker op. Omdat we al onze koeien op stro houden, zijn de mogelijkheden om uitstoot te reduceren via technologie beperkt of zelfs onbestaande. We hebben al 5% gereduceerd door koeien op te ruimen en proberen de vaarzen maximaal te beweiden, maar het zal onvermijdelijk zijn om verder te dalen in aantal dieren. Hoeveel precies, dat blijft giswerk. Hopelijk komt er tegen 2030 meer duidelijkheid en kunnen we ook mijn toekomst in het bedrijf verder uittekenen. We zouden bijvoorbeeld op termijn willen investeren in 2 robots, maar daarvoor is er eerst zekerheid nodig. Die twijfel zie ik bij veel van mijn vrienden. Ze vragen zich af of een carrière als landbouwer nog wel mogelijk is, omdat de rechtszekerheid ontbreekt en omdat er vaak gigantische investeringen nodig zijn om je bedrijf klaar te maken voor de toekomst.

Lenka hoopt dat er tegen 2030 meer duidelijkheid komt om haar toekomst in het bedrijf verder uit te tekenen.
Lenka hoopt dat er tegen 2030 meer duidelijkheid komt om haar toekomst in het bedrijf verder uit te tekenen. - Foto: LL

Positieve aandacht is altijd welkom

In 2019 bezocht Koningin Mathilde jullie bedrijf omdat ze vrouwelijk ondernemerschap meer onder de aandacht wilde brengen. Vind jij dat ook belangrijk?

Ja, ik ben heel fier dat ik boerendochter ben en vind initiatieven als het VN ‘Jaar van de Vrouwelijke Landbouwer’ zeker een meerwaarde. Ik heb niet het gevoel dat ik me als vrouw harder moet bewijzen, integendeel eigenlijk. Zien mensen een vrouw met een tractor rijden, dan kijken ze je bewonderend na. In dierlijke sectoren is dat iets meer ingeburgerd, maar toch. Maar meer positieve aandacht is altijd welkom, ook van hogerhand. Vrouwen en mannen die samen aan een landbouwbedrijf werken, dat is prachtig. Papa is heel blij dat mama en ik hier samen met hem werken. En ook mijn vriend Koen is landbouwer. We begrijpen elkaar goed en weten hoe druk het soms kan zijn. Als je ’s avonds een luisterend oor vindt en interesse toont in elkaars dag, dan doet dat al heel veel.

Nele Kempeneers (Pennenvrucht)

Lees ook in Melkvee

Hoog niveau op rundveeprijskamp in Wulpen

Melkvee Het was een ideaal weertje in Wulpen, deelgemeente van de kustgemeente Koksijde, waar op 18 juli de provinciale prijskamp van West-Vlaanderen gehost werd. En met een primeur dit jaar: voor het eerst werden er Jerseys voorgebracht.
Meer artikelen bekijken