Hoe kun je enterokokken in het vizier houden?
Om enterokokkenproblemen gerichter en preventiever aan te pakken op pluimveebedrijven, werd binnen het MonEntero-project gezocht naar een praktische manier om de infectiestatus en mogelijke risicofactoren op bedrijfsniveau op te volgen. Wat leren we na 2 jaar opvolging?

Hoewel enterokokken (Enterococcus cecorum) deel uitmaken van de normale darmflora van gezond pluimvee, kunnen ze ook gezondheidsproblemen veroorzaken, zoals gewrichtsontstekingen en een verminderde groei bij vleeskuikens. Deze problemen kunnen leiden tot een verhoogd antibioticagebruik en tot aanzienlijke economische verliezen.
Opvolging 6 vleeskuikenbedrijven
Binnen het MonEntero-project – een samenwerking tussen Dierengezondheidszorg Vlaanderen (DGZ), SYN+ en Anitom – werkten dierenartsen, bedrijfsadviseurs en vleeskippenhouders samen om meer inzicht te krijgen in de enterokokkenproblematiek. Zes vleeskuikenbedrijven met een voorgeschiedenis van problemen door enterokokken werden gedurende 2 rondes uitgebreid opgevolgd. Op verschillende momenten werden zowel gezonde als klinisch aangetaste dieren beoordeeld en bemonsterd.
De monsters werden onderzocht met PathoSense, een diagnostische techniek op basis van nanopore sequencing waarmee verschillende bacteriën en virussen gelijktijdig kunnen worden opgespoord. Daarnaast werden mogelijke risicofactoren in kaart gebracht, waaronder de drinkwaterkwaliteit, de bioveiligheid, de darmgezondheid en de kwaliteit van de eendagskuikens.
Microbiële belasting en darmgezondheid
De resultaten toonden aan dat de samenstelling en evolutie van de bacteriële en virale belasting per bedrijf verschilden. Zo werd het astrovirus op de 6 bedrijven aangetoond en kwamen ook orthoreovirussen frequent voor. Die laatste worden in verband gebracht met kreupelheid bij vleeskuikens.
Ook de darmgezondheid kreeg bijzondere aandacht. Over de deelnemende bedrijven heen week de gemiddelde macroscopische score voor darmgezondheid af van het Belgische gemiddelde. Dat wijst op een verhoogde doorlaatbaarheid van de darmwand bij de kuikens op deze bedrijven. Een verminderde darmbarrière kan de doorgang van bacteriën vanuit de darm naar andere weefsels vergemakkelijken.
Opletten met de drinkwaterkwaliteit
Daarnaast viel het op dat de microbiologische kwaliteit van het drinkwater op bijna alle bedrijven onvoldoende was. Op 5 van de 6 bedrijven werden bij de start van de ronde intestinale enterokokken aangetoond aan het einde van de drinkwaterlijn. Op 2 bedrijven was ook het totale bacteriële kiemgetal verhoogd.
Wat kun je als pluimveehouder doen?
Wanneer op een bedrijf enterokokkenproblemen voorkomen, is het belangrijk om niet alleen naar de bacterie zelf te kijken, maar ook naar factoren die het ontstaan van klinische problemen kunnen beïnvloeden.
De resultaten van het MonEntero-project leverden daarbij enkele concrete aandachtspunten op.
Zo adviseert men om samen met de bedrijfsdierenarts de mogelijke risicofactoren op het bedrijf in kaart te brengen. Controleer tevens de drinkwaterkwaliteit, zowel aan de bron als aan het einde van de drinkwaterleiding, en neem passende maatregelen bij een afwijkende kwaliteit. Besteed ook aandacht aan de darmgezondheid. Een verhoogde doorlaatbaarheid van de darmwand kan een predisponerende factor zijn voor problemen.
Houd bovendien rekening met andere infecties die mogelijk een rol spelen wanneer zich gezondheidsproblemen voordoen. En kies voor gerichte monitoring om zicht te krijgen op de aanwezige bacteriële en virale belasting en op factoren die de problemen mogelijk in stand houden.
Heb je vragen over het project of wil je meer informatie over de aanpak van enterokokken? Contacteer DGZ via helpdesk@dgz.be of 078 05 05 23.





