Startpagina Groenten

Preidag biedt inspiratie en kennisuitwisseling

Op donderdag 1 oktober verzamelden ruim 230 geïnteresseerden voor de tweejaarlijkse Preidag bij Viaverda in Kruisem. Daarbij werden al het onderzoek en actualiteiten rond prei gebundeld en vertaald naar de sector, met items zoals onkruidbestrijding, bemesting, optimale rassenkeuze, tripsbeheersing en automatisch planten.

Leestijd : 9 min

Bij de start van de Preidag lieten 3 gastsprekers hun licht schijnen op de sector. Sarah Musschebroeck, adviseur export bij VLAM, opende de namiddag met enkele cijfers rond de productie, handel en consumptie van prei in België en in de wereld. Ons land is de grootste preiproducent in de Europese Unie, gevolgd door Turkije, Frankrijk, Nederland en Duitsland. In 2025 bedroeg de preiproductie voor de versmarkt in België zo’n 113.000 ton. Van het areaal, dat lichtjes daalt, was 2.770 ha be-stemd voor de versmarkt en 850 ha – goed voor ruim 40.000 ton – voor de industrie.

Volgens onderzoek van het consumentenpanel van YouGov België bedraagt het thuisverbruik van prei 1,4 kg per capita. Daarmee staat deze groente op de 9de plaats. Dat is heel wat minder dan toppers tomaten (5,3 kg), wortelen (5 kg) en uien (3,7 kg). Prei is vooral populair in Vlaanderen, bij tweepersoonsgezinnen en gepensioneerden. De grote supermarkten zijn nog steeds het belangrijkste distributiekanaal.

Grootste exporteur ter wereld

België is met een jaarlijkse uitvoer van bijna 70.000 ton in 2025 ook de grootste exporteur ter wereld van prei, vóór Nederland, Spanje, Italië en Frankrijk. Spanje is de belangrijkste uitvoermarkt, die steeds belangrijker wordt. De exporttendens is de voorbije jaren wel dalend. Ons land voert ook nog 6.000 ton prei in, vooral uit Nederland en Frankrijk.

Partnerschap Bakker-Delhaize

Het Nederlandse bedrijf Bakker Barendrecht is een onderdeel van de bekende diepvriesproducent Greenyard. Tom Bolsens, Strategic Sourcing en Innovation expert bij Bakker Belgium, lichtte toe hoe Bakker een strategisch partnerschap met supermarktketen Delhaize aanging voor de levering van groenten en fruit. “We ontzorgen Delhaize voor een stukje door hun steeds de juiste kwaliteit en hoeveelheid groenten en fruit in de supermarkt te bieden. Dat doen we onder meer dankzij ons uitgebreid netwerk van telers, waarmee we langetermijnrelaties proberen op te bouwen”, vertelt Tom. “Hiervoor hebben we een crop community opgericht, waarmee we de meest kwaliteitsvolle oogsten kunnen garanderen op de lange termijn. We bekijken ook steeds nieuwe opportuniteiten bij vrije telers. Zo kunnen we elk seizoen een sterk assortiment neerzetten. Wat prei betreft, gaat het jaarlijks over iets meer dan 2 miljoen kg voor Delhaize. Daarbij zorgen we ervoor dat meer dan 95% van het preivolume van Belgische bodem is.”

Agriplant toonde een 2-rijige machine, die tussen 24.000 en 26.000 preiplantjes per uur kan uitplanten.
Agriplant toonde een 2-rijige machine, die tussen 24.000 en 26.000 preiplantjes per uur kan uitplanten. - Foto: JVB

Familiebedrijf Groentenhof

Een van de telers uit het netwerk van Bakker is Rudy Croket, die met zijn echtgenote Myriam Nauwelaerts in Bornem het familiebedrijf Groentenhof uitbaat. Zij leveren al sinds 1998 prei en venkel aan Delhaize. Dit jaar kwam met Gilke Croket en Gijs Van Hoecke de derde generatie aan boord van het bedrijf. “Wij werken volgens de vraag uit de markt, waarbij de consument ons startpunt is”, legt Rudy uit. “Jaarlijks evalueren we onze rassenkeuze en teeltplanning. Indien nodig sturen we die bij in overleg met Bakker. We leveren diverse preiproducten op maat aan Delhaize en Albert Heijn: korte prei, busseltjes en preiwit. We vermarkten alle ge-schoonde prei. We investeren nu in een nieuw gebouw van 4.000 m², waarbij we inzetten op automatisatie en optimalisatie van de verwerking. Verder willen we graag onze arbeidskosten verlagen en anticiperen op de klimaatverandering, onder meer door een beter bodem- en waterbeheer en bemestingsplan en door te kiezen voor resistentere rassen.”

Inspelen op droogte en tripsen

Tijdens de aansluitende rondgang op de proefvelden in Kruisem belichtten Viaverda-onderzoekers diverse onderzoeksthema’s en innovaties. Zo gaf Helena Colembie de resultaten van de preirassenproeven zomer- en vroege herfstteelt mee. Bij Viaverda wordt alle prei op ruggen geteeld. Die prei had het in de voorbije droge en hete zomer iets lastiger dan prei die vlakkevelds wordt geteeld. “Bij de oogst haalden we een aanvaardbaar gemiddelde van 38,5 ton/ha. De kwaliteit was wel iets minder door de hoge tripsaantasting. Bij de rassen voor de vroege herfstteelt haalden we een gemiddelde opbrengst van 38 ton/ha. Dat is vrij laag voor de tijd van het jaar. Vooral Maxton en Krypton scoorden in tonnages, met voor Maxton wel een beduidend betere kwaliteit. Ook Signora en Darter haalden een mooie kwaliteit. Freeton en Oslo behaalden een mooi aandeel in het Flandria-segment. Doorheen het jaar moesten we vooral inspelen op beregening en op de aanpak van tripsen.”

Beheersing van tripsen

De beheersing van die tripsen vormde dit seizoen weer een enorm knelpunt in de preiteelt. “De hoge temperaturen bevorderden de ontwikkeling van tripsen en de droge omstandigheden leidden ertoe dat er weinig groei zat in het gewas en dat behandelingen weinig tot geen effect hadden”, vertelde Louis Lippens. Er werden diverse alternatieve strategieën getest rond fysieke en natuurlijke beheersing, maar ook rond biologische en chemische gewasbescherming. De prei afdekken met insectengaas kwam als meest beloftevolle strategie uit het onderzoek. De Ornata Rossa heeft een opvallend grote maaswijdte van 1,3 op 2,1 mm, waar tripsen nog kunnen doorkruipen, maar de rode kleur werkt werend tegen hen. Verder werd de Ornata Light 2.0 getest; een transparant net met een veel fijnere maaswijdte van 0,44 op 0,67 mm, waar tripsen veel moeilijker tot niet doorgeraken. Beide netten leverden tot wel 50% reductie in schade op.

“Het meest opvallende was misschien dat het onbehandelde object niet het slechtste was. Dat is misschien ook niet geheel verrassend, want behandelingen hebben in een bepaalde periode deze zomer – toen de groei van de planten volledig stilviel – eigenlijk geen meerwaarde geboden”, aldus Lippens. “Overdoseren of meer gaan toepassen dan erkend is, is al zeker geen meerwaarde. Op sommige momenten is het misschien beter van niet te behandelen. Voldoende water toedienen is sowieso geen slechte keuze.”

Uit de wekelijkse waarnemingen blijkt dat er veel natuurlijke vijanden in het preigewas actief zijn, zoals rooftripsen, -wantsen, -mijten en kortschildkevers. Die bieden zeker potentieel in de strijd tegen tripsen. Bepaalde middelen hebben hier echter wel een nevenwerking op, wat de soms verrassende aantasting in onbehandelde prei verklaart.

Optimale bemesting

Liezel De Kimpe gaf uitleg bij het lopende fertigatie-onderzoek in prei. De proef van het vorige teeltseizoen wees uit dat fertigatie dezelfde opbrengst geeft met 30% minder bemesting en een lager nitraatresidu. “De sterkte van fertigeren is dat je enkel de meststoffen geeft die nodig zijn. Daardoor schiet de bodemvoorraad stikstof niet de hoogte in, waar de prei op dat moment niets mee kan doen”, aldus De Kimpe.

Lien De Schrijver lichtte een proef toe die aanlag in het kader van het project ‘Stikstofadviezen ontleed’. Omdat zo’n stikstofadvies altijd bepaald wordt op basis van diverse elementen, raadde ze preitelers aan om hun staalnemer zoveel mogelijk correcte informatie mee te geven. Daarmee kan dan een adviseur aan de slag gaan om het advies zo gericht mogelijk te berekenen. Lien De Schrijver adviseerde ook om de verplichte stikstofstalen in de vollegrondstuinbouw tijdig te plannen op percelen waar je ze kan gebruiken om bijbemestingen te bepalen. Volgens haar was het de voorbije zomer nauwelijks nodig om bij te bemesten, omdat er nog voldoende stikstof in de grond zat.

Lien De Schrijver en Liezel De Kimpe van Viaverda gaven toelichting bij de bemesting en fertigatie in prei.
Lien De Schrijver en Liezel De Kimpe van Viaverda gaven toelichting bij de bemesting en fertigatie in prei. - Foto: JVB

Onkruidbestrijding

Onkruidbestrijding in prei steunt veelal op het gebruik van bodemherbiciden. Die hebben echter vocht nodig om goed te kunnen werken, zodat ze een soort van film over de grond vormen waar geen onkruid doorkomt. Enkele moeilijke onkruiden, zoals aardappelopslag en kleine majer (amarant), zijn met het huidige middelenpakket quasi niet te bestrijden.

Jonas Bodyn bracht de resultaten van een eerste ervaring met plaatsspecifieke onkruidbestrijding in prei met de Ecorobotix. De proef toonde aan dat deze techniek zeker ook potentieel biedt in prei. “Maar je moet dan wel vroeg genoeg starten in een jong gewas – bij het kiemen – op klein onkruid. Dan haal je een magnifiek resultaat. Op groot onkruid kan je immers niets doen dat veilig en erkend is om het deftig op te kruisen”, stelde Bodyn. “Voor probleemonkruiden als aardappelopslag, kleine majer of doornappel kan de Ecorobotix dus een onder-steuning zijn bij het bestrijden, naast het gangbare pakket. Dan kunnen we meer doen dan dat we vollevelds doen. Let wel op dat je de toegestane dosis middelen bij de Ecorobotix niet verhoogt en dat je binnen de erkenning blijft. Het zou een heel mooie toevoeging zijn dat we – naast het gangbare gamma aan middelen, dat we nu vollevelds spuiten – 1 breedwerkend herbicide hebben waarmee we met de Ecorobotix alle onkruiden eenvoudig kunnen opruimen. Verder is het jammer dat we – voor het gebruik dat we willen – nog te weinig machines beschikbaar hebben waarmee we snel kunnen schakelen”, betreurde Jonas Bodyn.

Bij de bestrijding van probleemonkruiden, zoals aardappelopslag of doornappel, kan de Ecorobotix een ondersteuning zijn.
Bij de bestrijding van probleemonkruiden, zoals aardappelopslag of doornappel, kan de Ecorobotix een ondersteuning zijn. - Foto: JVB

Automatisch planten

In teelten als bloemkool, spruitkool en knolselder worden automatische plantmachines al vaak ingezet. Ook prei- en uientelers hebben hier belangstelling voor. Het lijkt vrij logisch dat deze machines ook in deze laatste 2 teelten zullen worden ingezet, zeker omdat het vinden van goede arbeidskrachten alsmaar moeilijker wordt. In december gaat het tweejarige project Autoplant van start, waarbij zoveel mogelijk ervaring zal worden opgedaan aan de hand van verschillende proeven bij Viaverda, maar ook via demonstraties bij de telers zelf op de praktijkbedrijven. In het project zal worden onderzocht in welke teelten zo’n machine kan worden ingezet, wat de voor- en nadelen zijn ten opzichte van de huidige plantmethode, en of zo’n investering voor jouw bedrijf rendabel kan zijn. Zowel uien- als preitelers zijn in het project vertegenwoordigd, maar ook mechanisatiebedrijven die automatische plantmachines hebben (zoals Agriplant met de Agriplanter en Kooiman Mechanisatie met de Ferrari-planters) en plantenkwekers, die volop bezig zijn met de optimalisatie van de trayplantjesprei. De resultaten van het project zullen het risico voor de telers inperken en zullen bijdragen aan een hogere arbeidsefficiëntie op de productiebedrijven en aan een sterkere concurrentiepositie in de markt.

In afwachting van de start van dat project legde Viaverda al een eerste demonstratieve proef aan met de financiële steun van REO. Daarbij werd het automatisch planten van prei met de Agriplanter vergeleken met 2 gangbare plantmethodes in prei: vlakvelds planten met de Basrijs-planter en manueel geplante ruggenteelt. “Dankzij het feit dat we in vochtige omstandigheden konden planten, hebben we geen wegval en direct een goede beworteling van de planten gehad. Maar daarna zijn de planten door de droogte wel stilgevallen”, zei Annelien Tack. “Pas vanaf half augustus kregen we wat betere weersomstandigheden. Op 4 september zag je al het verschil. Dan zijn de planten echt beginnen groeien. De ‘Basrijs-planten’ zijn veruit het snelst vertrokken en beginnen verdikken. De planten die met de Agriplanter werden geplant staan ook heel goed qua gezondheid, terwijl de planten bij de ruggenteelt het meest hebben afgezien. Daar zagen we de minste gewasgezondheid en een blekere gewaskleur.”

Wat de tripsschade bij de diverse planttechnieken betreft, die werd meteen na het planten – met extreem warme omstandigheden – veel op de plugplanten waargenomen. “Maar nadat die planten begonnen te groeien, groeide dat verschil eruit. Eind september zagen we bij een uitgebreide tripsbeoordeling geen verschillende tripsschade meer tussen de planttechnieken. De Basrijs-planten haalden met 19,5 kg (voor 10 lopende m prei) de hoogste voorlopige opbrengst, gevolgd door de ruggenteelt (16,3 kg) en de Agriplanter (13,5 kg). De planten van de Agriplanter waren wel een heel stuk kleiner (lichter) dan die van de andere machines op het moment van verplanten.” Deze proef wordt verder opgevolgd tot aan de oogst. Er staat ook een uitgebreide oogst- en kwaliteitsbeoordeling aan de pellijn op het programma, zodat kan worden bepaald of met de trayplanten ook een product kan worden verkregen dat kwalitatief genoeg is en de vereisten heeft voor aanlevering op de versmarkt.

Demo met Agriplanter

In een demo met de Agriplanter werden de gebruikte plantjes opgekweekt in een 345 Ellepot-tray. Een Ellepot is een kluitje met een biologisch afbreekbaar papier errond, om zo de kluit goed bij-een te houden. Zo brokkelen de kluitjes niet af. De planten werden opgekweekt door plantenkwekerij Lenders uit het Nederlandse Kessel. Momenteel komen ze uit op een opkweekkost van 40 à 45 euro voor 1.000 planten, dus exclusief de zaadkost.

Mechanisatiebedrijf Agriplant uit Langemark is al meer dan 20 jaar actief in het automatisch verplanten van allerlei groenten. Van de volautomatische plantmachine Agriplanter voor het uitplanten van diverse tray-en kluitplanten beschikt het bedrijf intussen over 14 modellen, van 1- tot en met 6-rijige Agriplanters. Tom De Rudder van Agriplant toonde een 2-rijige machine, die tussen 24.000 en 26.000 plantjes per uur kan uitplanten. Bij prei bedraagt de gangbare snelheid 1 à 1,2 km/uur.

Jan Van Bavel

Lees ook in Groenten

Van zaai tot diepvries, het uitgekiende parcours van groenten bij Hesbaye Frost

Verwerking Belgische producten Voor groenten in onze diepvriezers terechtkomen, doorlopen ze een hele reeks stappen. En nog vóór het zaaien, wordt er al over alles nagedacht, zodat de groenten uiteindelijk hun weg naar ons bord vinden zonder aan smaak of voedingswaarde in te boeten. Hesbaye Frost heeft op dat vlak een stevige reputatie opgebouwd. Toen de oogst van spinazie en bonen volop aan de gang was, mochten we kennismaken met de knowhow van dit groenteverwerkende bedrijf in het Luikse Geer.
Meer artikelen bekijken