Startpagina Actueel

Structurele steun voor regionale landschappen

Een houtkant herstellen, regenwater langer vasthouden of meer groen brengen in een dorpskern: de 18 regionale landschappen helpen landbouwers, eigenaars en gemeenten om zulke plannen waar te maken. Vlaams minister van Omgeving en Landbouw Jo Brouns (cd&v) wil de werking vanaf volgend jaar structureel ondersteunen met 150.000 euro per regionaal landschap per jaar.

Leestijd : 3 min

Met de structurele steun krijgen de regionale landschappen meer zekerheid om projecten voor te bereiden en mensen op het terrein te begeleiden.

Regionale landschappen brengen mensen samen die voor hun omgeving willen zorgen. Ze kennen de streek, weten welke partners nodig zijn en helpen om praktische afspraken te maken. Wie neemt het onderhoud van een houtkant op zich? Hoe kunnen landbouwers en gemeenten samenwerken om water vast te houden? Welke ondersteuning bestaat er voor een eigenaar die de natuur op zijn terrein wil versterken?

Samenwerkingen uitbouwen

Met de nieuwe steun wil Brouns die werking een steviger basis geven. De Vlaamse steun krijgt een structurele regeling, met afspraken voor verschillende jaren. Daardoor kunnen regionale landschappen hun werk beter plannen en samenwerkingen verder uitbouwen.

“Een landschap verzorgen vraagt tijd. Je moet mensen samenbrengen, plannen uitwerken en ook afspreken wie nadien voor het beheer zorgt. Onze regionale landschappen doen dat werk, dicht bij de mensen en met kennis van hun streek. We willen hun meer zekerheid geven om daarmee door te gaan”, zegt minister Jo Brouns.

Water vasthouden

Een belangrijke opdracht is de uitvoering van de Blue Deal. Regionale landschappen helpen lokale partners om waterprojecten voor te bereiden. Ze brengen landbouwers, eigenaars, gemeenten en terrein- en waterbeheerders samen en bekijken hoe hun plannen op elkaar kunnen aansluiten en elkaar kunnen versterken. Dat overleg is nodig om regenwater langer in een gebied te houden. Een ingreep op 1 perceel hangt immers samen met wat er verderop gebeurt. Regionale landschappen helpen om over die grenzen heen te kijken en afspraken te maken met de mensen die de maatregelen zullen uitvoeren en beheren. Ze sluiten daarbij aan bij bestaande samenwerkingen en helpen lokale Blue Deals voorbereiden.

Zorg voor houtkanten

Ook het herstel van houtkanten, poelen en andere kleine landschapselementen krijgt een plaats in de werking. Daarbij gaat het zowel om de aanleg als om het onderhoud. Een netwerk van houtkanten vraagt een gezamenlijke aanpak, met duidelijke afspraken over het beheer en het nuttige gebruik van het snoeihout. Regionale landschappen kunnen daarnaast partners samenbrengen voor maatregelen die wilde bestuivers en beschermde soorten helpen met focus op het landelijk gebied buiten de grote natuurkernen. Zo krijgt natuurherstel vorm op de plekken waar mensen wonen en werken.

Voorts beoogt de werking ook meer groen in en rond bebouwde gebieden en streeft naar betere verbindingen tussen groen en water. Een gemeente die haar dorpskern groener wil maken, kan dan ook rekenen op begeleiding en samenwerking met partners uit de streek.

Hulp om plannen uit te voeren

Bij een goed idee komen vaak veel vragen kijken. Welke maatregelen passen bij het terrein? Welke steun is beschikbaar? En hoe organiseer je het beheer op langere termijn? Regionale landschappen helpen landbouwers, eigenaars en lokale besturen hun weg te vinden naar de juiste ondersteuning. Dat kan gaan om een natuurbeheerplan, een beheerovereenkomst, een ecoregeling of steun voor een investering in natuur en landschap.

“We willen mensen helpen die iets willen doen voor hun omgeving. Wie een houtkant wil herstellen of samen met zijn buren water wil vasthouden, moet kunnen rekenen op advies en begeleiding. Regionale landschappen kennen de mogelijkheden en helpen om de juiste mensen rond de tafel te krijgen”, aldus Brouns.

Meer zekerheid

Voor de 18 regionale landschappen is voor 2027 maximaal 2,7 miljoen euro voorzien. Die Vlaamse steun loopt via de provincies en vult hun ondersteuning van de basiswerking aan. Elk regionaal landschap werkt een activiteitenplan uit dat aansluit bij de noden van zijn streek. De eerste plannen lopen van 2027 tot en met 2029. Daarna volgen periodes van 5 jaar. De subsidie wordt jaarlijks toegekend en bedraagt maximaal 150.000 euro per regionaal landschap. Vlaanderen betaalt tot 80% van de verantwoorde kosten. De overige middelen komen uit andere bronnen. De provincies blijven de werking ondersteunen en coördineren. De Vlaamse Landmaatschappij (VLM) volgt de Vlaamse steun op.

FVDL

Lees ook in Actueel

Wat staat boeren te wachten aan Europese wetten?

Buitenland De Europese Commissie zet haar prioriteiten voor volgend jaar uit in zijn Werkprogramma 2027. Een voorproefje wat landbouwers te wachten staat aan Europese wetgeving, waaronder vereenvoudiging, vergunningen en onzekerheid over dierenwelzijn
Meer artikelen bekijken