Startpagina Schapen

Schmallenbergvirus op de loer

Schapenhouder en specialist ter zake voor deze krant, André Calus, koesterde al voor de aankondiging van Dierengezondheidszorg Vlaanderen (DGZ) zware vermoedens dat het Schmallenbergvirus opnieuw opdook. Hij deelt in dit artikel zijn eigen recente bedrijfservaringen.

Leestijd : 4 min

Vier jaar geleden, begin januari 2012, publiceerde ik in Landbouwleven mijn eigen ervaringen met het Schmallenbergvirus op ons schapenbedrijf. Normaal beginnen bij ons de eerste groepen ooien af te lammeren vanaf begin december, telkens om de 2 weken. Toen (einde 2011) kregen wij vanaf half december en verder tot eind januari te maken met doodgeboren en misvormde lammeren, met vroeggeboorten en ook met zwakke lammeren of lammeren met zenuwsymptomen.

Waarschuwingen en vermoedens

De schapenhouders kregen de jongste maanden diverse mails vanwege DGZ (17/10 en 16/12) met melding van Schmallenberggevallen bij kalveren. Ook waren er meldingen van de aanwezigheid van het Schmallenbergvirus in onderzochte muggen, die het virus overbrengen. Ten slotte meldde DGZ op 24 januari dat meerdere geaborteerde lammeren positief testten op het virus. De vereniging vraagt alle dierenartsen en veehouders om verdenkingen te melden en stalen van verdachte gevallen te bezorgen.

Zelf ben ik schapenhouder sinds 37 jaar. Als er enkele weken terug acht ooien aflammeren, waarvan drie te vroeg, en ze elf lammeren verliezen van de oorspronkelijke vijfien, gaat er niet alleen een oranje knipperlicht, maar zelfs een rood licht branden.

Eigen waarnemingen

Concreet wierpen drie ooien zo’n tien dagen te vroeg (dag 133-135 van de dracht) met resp. een één-, een twee- en een drieling. Lammeren zijn pas levensvatbaar vanaf dag 137 omdat het ademhalingscentrum in de hersenen voordien nog onvoldoende ontwikkeld is. Dit betekent dat van de zes geboren lammeren we er één enkele uren hebben kunnen stimuleren om te ademen, maar dan was het ook gedaan.

Bij enkele andere ooien met elk een drieling waren voor de ene twee van de lammeren reeds een tijdje afgestorven, of werden ze voor de andere zwak geboren en overleefden het niet. Via het abortus-protocol van DGZ werd één van de te vroeg geboren lammeren onderzocht en finaal heeft CODA antistoffen tegen Schmallenberg gevonden in de foetus.

Eigen besluit

Mijn besluit, misschien niet ten volle wetenschappelijk onderbouwd maar op basis van jarenlange ervaring voor mij vrij duidelijk, is dat we aan een volgend hoofdstuk toe zijn voor wat de Schmallenbergaantasting betreft. Dit keer geen misvormingen, die bij de kalveren wel gevonden worden, maar verliezen via vroeggeboorten of lammeren die afsterven in de baarmoeder voor ze op het normale tijdstip geboren worden.

Het is wenselijk dat schapenhouders met vroege lammeringen in de komende weken ook hieromtrent hun ervaringen delen. Zelf hebben we ondertussen de jongste dagen reeds een viertal ooien die samen het leven schonken aan negen normale en levende lammeren. Hoop doet leven!

Het Schmallenbergvirus

Het Schmallenbergvirus werd einde 2011 voor het eerst gevonden in bloed van runderen in het Duitse dorp Schmallenberg. Het behoort tot een virusfamilie die in andere werelddelen gekend is als veroorzaker van aangeboren afwijkingen of van abortussen bij herkauwers. Het virus wordt overgedragen door culicoïdes- of kriebelmuggen. Dezelfde muggen dragen ook blauwtong over.

Volwassen dieren kunnen zelf in beperkte mate ziek worden (koorts, diarree), maar wanneer voor schapen de infectie gebeurt tussen dag 20-28 en 50-56 van de dracht (afhankelijk van de bron) krijgt men bij de lammeren misvormingen van de poten, de nek, de ruggengraat en de hersenen. Ook worden geregeld abortussen of dood-geboorten gemeld.

Wat kunnen we doen ?

DGZ meldt dat er geen vaccin beschikbaar is, en dat enkel aangeraden wordt om de dieren pas te laten dekken na de vliegperiode van de muggen. Daarbij heb ik toch enkele bedenkingen. Hebben we hier niet te maken met nieuwe ziekten (Schmallenberg, maar ook blauwtong) die niet streekeigen zijn, maar door de klimaatopwarming en de globalisering tot bij ons komen en hier ook overleven? Verder ging sinds 2011-2012 alles vrij goed, en nu zien we terug problemen met Schmallenberg. Heeft dit niet te maken met het stilaan verdwijnen van antistoffen uit onze kudde, na de eerste aantasting in 2011-2012?

Voor de blauwtong-preventie werd aangeraden de dieren met een bepaalde frequentie te behandelen met pour on insecticide om de muggen te weren. Is dit ook een mogelijkheid om de negatieve impact van de muggen voor de ooien met vroege dekdatum te vrijwaren? Wanneer gebeurt trouwens het aansteken door de muggen van de ooien, die in de gevoelige periode besmet worden met Schmallenberg? Is er een incubatieperiode?

Onze overheid doet veel inspanningen om een blauwtongvaccin beschikbaar te stellen en vaccinatie te promoten, wat ik ten zeerste waardeer. Toch stel ik vast dat Zoetis een vaccin ontwikkelde om Schmallenberg te bestrijden, ‘Zulvac SBV’ genaamd. Einde 2015 was dit beschikbaar in het Verenigd Koninkrijk. Het is goedgekeurd door het Europees geneesmiddelenagentschap. Moeten wij dan ook niet inzetten om dit vaccin ter onzer beschikking te krijgen?

André Calus

Lees ook in Schapen

Meer artikelen bekijken