Startpagina Onderwijs

HoGent: “Door onze opleiding weten we dat het anders kan”

Je zal in de huidige context maar ambitie en goesting hebben om een landbouwbedrijf voort te zetten of, godbetert, zelf op te starten. Niettemin volgen jaarlijks zo’n 65 studenten aan HoGent de afstudeerrichting Landbouw, en ze doen dat wel degelijk doordacht.

Leestijd : 3 min

Deze studenten zijn niet blind voor de uitdagingen waar de landbouwsector voor staat, maar laten zich er evenmin door afschrikken, mede dankzij hun opleiding: “Door onze opleiding weten we dat het anders kan.”

Tweedejaarsstudente Marthe De Wever groeide op in een landbouwersgezin en droomt ervan om, ondanks alle commotie van de voorbije maanden en jaren, het familiebedrijf voort te zetten. “Mijn ouders stimuleren me daarin wel, maar willen anderzijds ook een zekere toekomst voor mij. Ze hebben me dus ook op het hart gedrukt om er goed over na te denken”, licht ze toe. Medestudent Briek Vanaerde herkent die angst voor onzekerheid: “Ik kom ook uit een landbouwersmilieu, maar mijn vader wou eigenlijk liever niet dat ik landbouw zou studeren.”

Onzekerheid van de landbouwsector

En dat heeft natuurlijk veel te maken met de onzekerheid waar de sector mee kampt. “Zeker voor wie een bedrijf wil voortzetten of overnemen, is er nood aan meer duidelijkheid”, benadrukt Marthe. “Hoe zal de wetgeving evolueren? Welke investeringen kan je doen? Op dat vlak moet je toch een zeker houvast hebben. Ik heb er geen probleem mee dat de wetgeving streng is, maar ze moet wel realistisch blijven en niet voortdurend wijzigen. Bovendien mag men ook niet uit het oog verliezen dat de landbouwers al veel inspanningen geleverd hebben.”

Duurzame praktijken

Marthe ervaart het alvast als een grote troef dat ze via haar opleiding praktijken krijgt voorgeschoteld die oplossingen aanreiken omtrent de PAS- en MAP-uitdagingen of die het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen beperken.

De opleiding gaat dan ook grondig in op duurzame praktijken. Studenten worden geregeld bij HoGent-onderzoek in die context betrokken, zoals onderzoeksprojecten naar nieuwe plantaardige eiwitten, duurzame gewasbescherming, droogteresistente gerst, enzomeer. Dat biedt volgens Marthe een grote meerwaarde voor de toekomst van het familiebedrijf: “Zo kan ik thuis veel bijbrengen: ik weet dankzij mijn opleiding dat er duurzame alternatieven zijn.”

Brede opleiding en sector

De opleiding is breed en besteedt zowel aandacht aan akkerbouw, veeteelt, mechanisatie, bedrijfsmanagement, en meer. Dat is heel wat binnen een opleidingstraject van 3 jaar, maar de studenten hebben wel het gevoel dat ze goed voorbereid in het werkveld zullen stappen. Ze ervaren die brede basis als positief, evenals het sterk praktijkgerichte programma. Theorie en praktijk houden elkaar in balans. De praktijk wordt onder meer ingevuld met stages, practica, bedrijfsbezoeken en beursbezoeken en met een internationale studiereis.

Overigens is de brede invalshoek van de opleiding zeer bewust, zegt lector Veronique Troch. “Iedere student krijgt bij ons een goed onderlegde basis mee rond 4 leerlijnen: dierlijke productie, plantaardige productie, smart farming en landbouwmechanisatie, en bio-economie en agrarisch bedrijfsmanagement. Daardoor verhogen we hun kansen op de arbeidsmarkt. Specialiseren kan gedeeltelijk via praktijk en keuzevakken”, legt ze uit.

Bovendien is de landbouwsector veel breder dan op het eerste gezicht lijkt. Er zijn in totaal zo’n 23.000 landbouwbedrijven in Vlaanderen, maar de werkgelegenheid in de agrovoedingsketen ligt rond de 150.000 jobs. Er zijn onder meer ook bedrijfsadviseurs, toeleveranciers, machinebouwers, commerciële functies, kwaliteitscontroleurs en onderzoekers. “Er zijn in de sector meer vacatures dan er beschikbare landbouwerszonen en -dochters zijn”, situeert Veronique Troch met een boutade.

Niet allemaal kommer en kwel

Het beeld dat het allemaal kommer en kwel is, is dan ook totaal verkeerd, benadrukt lector Bram Marynissen: “Sommige deelsectoren doen het echt zeer goed. We doen binnen de opleiding veel bedrijfsbezoeken, precies om die verscheidenheid in de sector aan te tonen en om de studenten van nabij kennis te laten maken met verschillende types van bedrijven en activiteiten, maar net zo goed met verschillende manieren van aanpak.” Dat de landbouwsector in Vlaanderen nog een toekomst heeft, daar moet je de HoGent-studenten alvast niet van overtuigen. Meer nog: die toekomst zijn ze zelf.

Het mag duidelijk zijn: met een opleiding die de uitdagingen van morgen niet uit de weg gaat, in combinatie met een opvallende gedrevenheid bij de studenten, komt het wel goed met dat eten op ons bord.

Pol Bracke (HoGent)

Lees ook in Onderwijs

Ondersteun duaal leren via bestaande aanbieders, niet via de RTC’s

Actueel Het takenpakket van de Regionale Technologische Centra (RTC’s) uitbreiden met het ondersteunen van duaal leren is geen goede zaak. Wend de voorziene middelen aan om de huidige aanbieders en ondersteuners van duaal leren te versterken. Dat adviseert de SALV in het kader van het voorontwerp van programmadecreet ter aanpassing van de begroting voor 2023.
Meer artikelen bekijken